Google+ Google+ Bondtehond bij het liquidatieproces: 03/12 Google+

zaterdag 31 maart 2012

'De staat gijzelt daarmee de waarheid, zodat het zaaks- OM daarvan kan profiteren'

Kroongetuige Peter La Serpe weet het liquidatieproces weer eens op de spits te drijven. Mijn voorgevoel dat we wederom aan de vooravond van een nieuw incident-La Serpe zouden staan, is daarmee wel uitgekomen. En hoe. Ik kan me niet heugen tijdens de afgelopen 4 jaar liquidatieproces dat La Serpe zo dwingend en tegelijkertijd op bijna alle fronten de confrontatie opzocht. Hij lijkt hiermee definitief de stekker uit het Passage-proces te willen trekken. Zo ervaarde de rechtbank het ook. Althans, rechtbankvoorzitter Mr. Lauwaars zei het iets anders. Hij merkte op er even stil van te zijn omdat hij sterk de indruk kreeg dat La Serpe nu toch echt dreigt 'de stop onder het proces uit te trekken'.


Dit was aan het einde van zijn woordenstroom die een klein half uurtje in beslag nam en waarmee La Serpe meteen kenbaar maakte op advies van zijn civiele advocaat Mr. Richard Korver aangifte te willen doen op schrift wegens beïnvloeding van hem als getuige door het OM. (Mr. Korver gaf eerder deze week aan reeds aangifte te hebben gedaan tegen het OM wegens het lekken van vertrouwelijke informatie.) Aan het einde van zijn voorgelezen verklaring diende La Serpe ook nog 29 verzoeken tot nader onderzoek in bij de rechtbank naar de hele gang van zaken.

Voorzitter Mr. Lauwaars opende de zitting zoals gewoonlijk met een planning zoals de rechtbank de dag wilde indelen. Nadat La Serpe het woord zou krijgen wilde de rechtbank verdergaan met het 1,4 miljoen-incident, waartoe Mr. Betty Wind maandag middels de vragen aan TGB-officier Mr. Marjolein Verwiel reeds een voorzet mocht geven van de rechtbank, mits ze de vragen vandaag zou herhalen omdat er een aantal raadslieden toen niet aanwezig waren. Maar eerst liet de rechbank La Serpe dus aan het woord omdat mogelijk delen van de verklaring van La Serpe verband zouden houden met de vragen.

Het is mischien wat handiger als ik gewoon samenvat wat de klachten dit keer zijn van de kroongetuige. Ik zeg u er wel bij, La Serpe praat meestal erg snel en nu las hij ook nog eens een van te voren opgeschreven tekst voor, dus ik hoop dat ik niet veel gemist heb. De 1,4 miljoen-problematiek kom ik later nog op terug.

Kroongetuige Peter La Serpe wil dus aangifte doen wegens beïnvloeding van hemzelf als getuige.
La Serpe: 'Dat blijkt uit:
1/ mijn verklaring van vandaag waarin ik verschillende malen aangeef dat ik wordt bedreigd en afgeperst door de staat om zaken niet te benoemen in de rechtbank. Zie produkties 1 + 2.
2/ een aanverwant die kan verklaren dat hij en zijn toekomst worden gebruikt om mijn verklaringen in de rechtbank te beïnvloeden
3/ het feit dat mijn aanverwant gisteren nog is benaderd door TGB en hem is verteld dat hij en ik op 1 juni, mijn veronderstelde VI-datum, ergens heengebracht zullen worden en daarna aan ons lot zullen worden overgelaten zonder enige vorm van beveiliging, ook als er geen overeenkomst is gesloten. Dit met als doel mij vandaag het verklaren te laten beletten.
4/ het feit dat ik op straffe van het verliezen van veiligheid in de toekomst voor mijzelf en aanverwanten gedwongen wordt produkties achter te houden die wel relevant zijn voor de waarheidsvinding in alle strafzaken in dit proces.
5/ het feit dat mijn aanverwant op dit moment veiligheid wordt ontzegd om mij onder druk te zetten en te houden om geen openheid van zaken te geven'.

Vervolg Crimesite:
La Serpe las vervolgens zijn verklaring voor.

Samengevat komt het erop neer dat Peter La Serpe deze verklaring wil afleggen in zijn eigen strafzaak. Hij had al eerder zijn ongenoegen kenbaar gemaakt, maar de rechtbank weigerde er toen iets mee te doen, mede omdat La Serpe zelf geen openheid van zaken wilde geven. Hij vindt dat hij door de rechtbank onder druk is gezet en gedreigd met gijzeling. Hij kon echter niets zeggen omdat een aanverwant op het punt stond civiel te gaan procederen.

Peter La Serpe: Deze aanverwant wordt letterlijk en figuurlijk door de staat gegijzeld met als doel om hem en mij een overeenkomst te laten tekenen met TGB waarbij we straks traceerbaar en volstrekt onveilig zijn en om mij te dwingen geen verdediging te voeren en om de inhoud van mijn getuigenissen te kunnen blijven beïnvloeden. Alles wat ik hier in de rechtszaal doe heeft direct negatieve gevolgen voor hem en andersom. Ik ben door mensen van justitie en politie gevraagd en gedwongen dingen aan te passen en uit de rechtbank weg te houden en daarmee de verdediging op achterstand te zetten en het openbaar ministerie te laten profiteren in de opsporing. Deze aangepaste en achtergehouden zaken zijn relevant voor de waarheidsvinding in mijn zaak, maar ook in de zaken voor alle andere verdachten.

Mijn aanverwanten en ik zijn voor onze veiligheid geheel afhankelijk van de medewerking van de staat. Alle aspecten die nodig zijn voor veiligheid ben ik mee bedreigd te zullen verliezen als ik de rechtbank inlicht en de wil van de staat niet uitvoer. Dit is een van de manieren waarop de staat mijn strafrechtelijke verdediging en de inhoud van mijn verklaringen beïnvloed en afdwingt. Ik had al eerder verklaard dat ik over opnames beschik. Dit zijn opnames met Mr. Sander de Haas, mijn toenmalig advocaat Mr. Zandhuis en mijzelf. Deze opnames zijn mijns inziens zaaksoverscheidend omdat niet alleen TGB-zaken worden besproken, maar ook door officieren valse toezeggingen worden gedaan om mijzelf en anderen te blijven belasten en omdat er ook over andere zaken dan TGB-zaken worden gesproken.

Op de opnames is ook te horen dat er fouten zijn gemaakt, dat Sander de Haas over de aanvallen op mijn persoon praat door Bénédicte Ficq en de verdediging van Dino Soerel. Verder dat Sander de Haas geen beren op de weg ziet die veroordelingen in de weg staat en ook aangeeft dat de verdediging van Jesse doorzichtig is, hij de indruk heeft dat Sander Janssen en Jesse het oneens zijn over de te voeren verdediging. Sander de Haas geeft ook aan dat de door Mr. Ficq opgeroepen getuigen Q5, Patrick de M, John van den Heuvel en dergelijke tot niets zullen leiden. Vervolgens bespreek ik ook kort de zaak Bethlehem met Mr. Sander de Haas, en ook Greg Remmers, Nico Meijering en Jan Hein Kuijpers.

Dit is een korte samenvatting van wat ook op de opnames staat. Deze opnames mag ik niet inbrengen en mag de rechtbank niet toetsen. Marjolein Verwiel heeft mij verboden deze opnames toe te voegen terwijl ze niet eens weet wat op 3 van de 4 opnames te horen is. Produktie 1 is mij verboden toe te voegen, die voeg ik dan ook niet toe. Alleen met schriftelijke toestemming van de staat en de garantie dat mijn aanverwante en ik niet zullen worden gesanctioneerd, zal ik de verboden produkties toevoegen. Dus dat de staat valse toezeggingen heeft gedaan om mij op die manier mijzelf te bewegen te belasten en daarna zijn toezeggingen niet nakomt, kan ik onomstotelijk bewijzen met o.a. verboden produkties 1 + 2, door de opnames met toenmalig Mr. Sander de Haas en de februari 2012 aangeboden overeenkomst, van 15 A4tjes overigens.

La Serpe hield een vrij lang betoog over geheime opnames die hij heeft gemaakt van gesprekken met TGBers. Enkele quotes:

La Serpe: Als na toetsing van de opnames vast zou komen te staan dat de opgenomen toezeggingen vals, onrechtmatig en ontoelaatbaar zijn, dan zou dat gevolgen kunnen hebben voor de waarde van mijn verklaringen en de bruikbaarheid daarvan  voor het bewijs in mijn zaak en de zaken van alle andere verdachten. 

Ik ben bereid vier opnames, plusminus 7 uur aan audio en de in februari aangeboden overeenkomst, uitgewerkt uiteraard, en door mij geweigerd, toe te voegen aan het dossier. Uiteraard alleen als Marjolein Verwiel daar toestemming voor geeft.

La Serpe meent dat als de rechtbank zou verbieden de opnames te voegen en hij niet de garantie zou krijgen dat zijn aanverwanten en hijzelf niet worden gesanctioneerd, de staat niet alleen zijn strafrechtelijke verdediging Art. 6 EVRM en zijn getuigenissen aan banden legt, maar ook die van de andere verdachten, als de rechtbank de waarheden niet tracht te achterhalen door o.a. te verbieden de rechtmatigheid van de gedane toezeggingen te toetsen en de andere 'zaaksoverschreidende' zaken kenbaar te maken. 'De staat gijzelt daarmee de waarheid zodat het zaaks-OM daar van kan profiteren', aldus La Serpe.

Losse quotes die ik verder nog heb kunnen noteren:

Er is al sprake van valse toezeggingen in de voorfase van het proces en van vóór het tekenen van de kluisverklaringen.

Uit de bijgevoegde produktie van het gespreksverslag van Mr. Korver blijkt dat Mr. Sander de Haas mij heeft laten weten dat een deal met TGB van de baan is als ik mijn 27 A4tjes niet van tafel hou. 

Mr. Korver vertelde onze TGB gesprekspartners Mr. Ton Maan en Mr. Sander de Haas dat hij naar de civiele rechter zou stappen om de onrechtmatige situatie aan de kaak te stellen van mijn aanverwant en er zo voor zou zorgen dat de door de staat gebruikte dwangmethode om hun belangen te verdedigen op zou houden. Als reactie deed Mr.Ton Maan de volgende uitspraak:'Als U, Mr. Korver, naar de civiele rechter gaat en deze situatie aan de kaak stelt, zorgen wij ervoor dat er een dreigingsanalyse komt waaruit blijkt dat de aanverwant van La Serpe geen gevaar loopt, waarna hij met een treinkaartje terug naar huis wordt gestuurd'

In februari en maart jl. heeft Mr. Sander de Haas nog eens aan mijn civiel advocaat duidelijk gemaakt dat mijn toekomst in ieder geval permanent beschadigd zou raken als hij zich bij de civiele rechter zou beklagen over het door de staat gevoerde beleid. Dit zijn de door de staat verachtelijke methodes die achter gesloten deuren plaatsvinden om mijn verklaringen in de rechtszaal te manipuleren. Niets magistratelijk en niets fatsoenlijks.

De staat heeft door geheime zaken aan de media te lekken haar ambtsgeheim geschonden en mijn veiligheid en de veiligheid van mijn aanverwante geweld aangedaan. De staat probeert met oneigenlijke middelen vooruit te verdedigen en zo de publieke opinie te beïnvloeden en mijn aanverwant en mij nog verder te beschadigen.

De bronnen van dwang en onrechtmatig handelen van politie en justitie om mijn verklaringen in de rechtbank te beïnvloeden liggen grotendeels bij het TGB en CIE, maar het is het zaaks-OM dat profiteert van het onrechtmatig handelen van hun collega's bij het 'één en ondeelbare' openbaar ministerie. De gebruikte dwangmethode om mijn getuigenverklaringen en mijn strafrechtelijke verdediging te manipuleren en te beïnvloeden zijn onderdeel van mijn strafrechtelijke verdediging en zouden daarom onderzocht moeten kunnen worden.

Als het klopt wat ik hier vertel, is het evident van invloed op het oordeel van de rechtbank in mijn strafzaak en in de strafzaken van alle anderen en als het niet klopt wat ik vertel, dan zou ik hebben gelogen en zou dat van invloed kunnen zijn op mijn betrouwbaarheid als getuige en daarmee voor de bruikbaarheid en de waarde van het bewijs.

Ik zal aanvullend in beperkte vorm meerder achtergehouden zaken aan de rechtbank kenbaar maken om mijn aantijgingen te onderbouwen. Ik heb geen advocaat en moet nu zelf een afweging maken tussen mijn recht als verdachte volgens Art. 6 EVRM en mijn civiele plicht als getuige om zaken geheim te houden.

De zaken die ik gevraagd en gedwongen ben achter te houden zijn onder andere de volgende :
1/ De CIE twijfelde sterk aan mijn directe betrokkenheid bij de liquidatie van Kees Houtman. In de kluisverklaringen wilde Z036 verschillende malen ingrijpen en aan de orde stellen dat wat ik vertelde niet kon kloppen, maar werd teruggefloten door Henk. Ook in het gesprek tijdens de lunch tussen Z036, mij en Henk geloofde Z036 niet dat ik direct betrokken was bij de liquidatie van Kees Houtman.

2/ Voorafgaand aan alle kluisverhoren spraken de CIE en ik ongeveer een uur in de auto als ze mij ophaalden in Friesland om naar Groningen te rijden. Daar hebben alle verhoren plaatsgevonden. Tijdens de lunch, als de opnameapparatuur uitstond, spraken we gewoon door en na de verhoren spraken we weer een uur in de auto.

3/ Ik heb een sidedeal gesloten. Ik noem het een sidedeal, ik wist geen Nederlands woord daarvoor te bedenken. Ik heb een sidedeal gesloten met Sander de Haas: 6 maanden gratie voor de Holleeder-verklaringen. 

4/ Meineed Sander de Haas. Sander de Haas heeft hier in de rechtbank onder ede verklaard dat ik via Mr. Van Schaik contact met hem had opgenomen om te vragen of ik in strijd met de OM-deal zou handelen als ik de Holleeder-verklaringen alsnog af zou leggen. Dat is gelogen. Verklaring bijgevoegd van Mr. Van Schaik, die was toen verbijsterd toen hij het hoorde. Hij gebruikte nl de naam van Van Schaik.

5/ Er is aanzienelijk meer drank gedronken door mij en de CIE en aanzienelijk meer hasj gerookt dan tot nu toe bekend is in het dossier. Henk heeft mij gevraagd de hasj in relatie tot de CIE niet te benoemen en in 2008 heb ik met Sander de Haas de afspraak gemaakt op de Parnassusweg om de drank uit mijn verklaringen te houden en dan zou hij het uit de uitwerkingen van de CIE-opnames houden. De staat heeft een eigen verantwoordelijkheid in de wijze waarop zij kroongetuigen die onder hun hoede zijn werven en warmhouden en mijns inziens hebben zij met het toestaan en faciliteren van drank en drugs en mij te vragen dit uit de rechtbank weg te houden grenzen overschreden.

6/ Mij is in de ochtend voor ik de kluisverklaringen zou tekenen en waarna ik werd aangehouden door Henk verteld dat ik mij niet druk hoefde te maken over de tactische verhoren omdat Jan, de verhorende rechercheur, een schoolvriend was van Henk. De verhorende rechercheur bleek inderdaad Jan te heten. Ik begreep daaruit dat de regie van de tactische verhoren bij de CIE lag.

7/ Er zijn meerdere bezoeken geweest van de CIE, Karel, Henk en Peter van de Brenk in het eerste jaar op de locatie waar ik verbleef. We spraken dan alle getuigenverhoren van de CIE door, hoe het ging en wat ik te verwachten had en hoe te reageren op aanvallen door de verdediging.

8/ Karel en Peter van de Brenk zijn ook samen geweest om mij te waarschuwen dat de advocaten van plan waren om mij aan te vallen over Kees Houtman door het verhaal om te draaien, ik de Glock en Jesse de Kalashnikov. Dit was juni 2007. We hebben meerdere uren gesproken.  Mij werd gezegd dat niemand mocht weten dat zij bij me waren geweest. Ze zeiden dat ze zonder te legitimeren binnen waren gekomen wat ik overigens betwijfel omdat bij het TGB hun identiteit zeker bekend zou zijn en afspraken in ieder geval geregistreerd staan in de computer van de mensen die mij beveiligen.

9/ Op één van de keren dat Sander de Haas, Peter van de Brenk en mijn toenmalige advocaat er waren is mij ook verteld dat Mr. Meijering mij zou gaan horen over de moord op Gerrie Bethlehem. Ik vroeg me toen af of zij het kantoor van Mr. Meijering tapten, want hoe konden zij het anders allemaal weten. Dit was september 2007.

10/ Er zijn meerdere bezoeken geweest van Mr. Sander de Haas en de CIE en twee keer met Betty Wind in het eerste jaar op de locatie waar ik verblijf om de zaken en de voortgang door te spreken. Ook om mij te vragen om de Holleeder-verklaringen in te brengen.

11/ Ook in de Bunker is de CIE verschillende malen bij mij op bezoek geweest, voor en na de RC-verhoren. Wij bespraken dan wat er komen ging en wat er die dag langs was gekomen. Verder wat te verwachten, hoe te antwoorden als ik het moeilijk kreeg en wat te benoemen en wat niet.

12/ Één van de dingen die ik van hen niet mocht benoemen was dat ik na mijn bezoek aan Fred Ros had gebeld met Karel en Henk en ook over de moord op George van Dijk had verteld. Dit kon beter niet in de openbaarheid komen omdat ik toen nog niet als informant geregistreerd was en zij dus nog geen actie hadden  mogen ondernemen.

13/ Voorafgaand aan het verhoor over de hulzen heb ik met Betty Wind een gesprek hieromtrent gevoerd. Ik heb toen gehoord dat er geen Kalashnikov hulzen gevonden waren en dat ik ze nooit geraapt zou kunnen hebben omdat er een onderzoek was geweest waaruit bleek dat de hulzen zo ver wegsprongen waardoor het zeer onwaarschijnlijk was dat ik ze geraapt had. Mijn is toen ook de vraag gesteld of ik geen hulzenzakje had gebruikt. Ik zou erover nadenken. Na aanleiding van een opmerking van mij in mijn verklaring over dat ik gehoord had dat er geen hulzen waren gevonden, heeft Betty Wind gezegd dat zij degene was die mij dit had verteld. Een zitting later trok zij dat weer in en ontkende ze dat zij het was die mij had geïnformeerd.

14/ Betty Wind wist en weet dat ik ben bedreigd en afgeperst en weet ook op welke wijze ik gedwongen wordt geen verdediging te voeren. Dit is haar verteld door mij en Mr. Van Schaik. Ik vind het nogal onvoorstelbaar dat het openbaar ministerie ondanks die wetenschap gewoon doorgaat met het vervolgen van mijn persoon. De staat heeft op een schaamteloze manier misbruik gemaakt van zijn machtspositie door de gebruikte dwangmiddelen en het geheime karakter van de CIE- en TGB-organisatie. Door mijn volledige afhankelijke positie heeft dit plaats kunnen vinden en zou dit door de rechtbank moeten worden getoetst.

Mijn verklaringen en mijn beschuldigingen van onrechtmatig handelen door politie en justitie, de door mij benoemde achtergehouden zaken, de bijgevoegde produkties en alle eerdere door mij afgelegde verklaringen dat sprake is van één traject en van onrechtmatig handelen door politie en justitie zouden voldoende moeten zijn om tegemoet te komen aan de eis van de rechtbank dat er een begin van aannemelijkheid moet zijn om onderzoek naar de bronnen van dwang en werkwijze van TGB en de CIE te kunnen rechtvaardigen.

Het evidente belang voor de waarheidsvinding om het onrechtmatig handelen van de staat in de totstandkoming van mijn verklaringen of de totstandkoming van het gedwongen achterhouden van mijn verklaringen te kunnen toetsen. Het is mijns inziens essentieel om te kunnen oordelen over de waarde en de bruikbaarheid van mijn verklaringen voor het bewijs in mijn strafzaak en in de strafzaken van de anderen.

Tevens is relevant niet alleen dat de rechtbank weet dat en waarom er aanpassingen in mijn verklaringen zitten, maar ook waar er sprake is van aangepaste verklaringen om de waarde van deze verklaringen te kunnen beoordelen en daarmee de bruikbaarheid voor het bewijs.

Als bekend wordt wat er achter gesloten deuren allemaal is gebeurd, zou het mij niets verbazen als Jesse, Moppie, Ali, Dino en Sjaak allemaal in vrijheid worden gesteld.

Als de rechtbank nu nog steeds van mening is dat er alleen onderzoek gedaan kan worden als ik eerst allen verboden van de staat overtreedt en daarmee volledig mijn civiele positie opoffer en daarmee de veiligheid van mijn aanverwant en mijzelf opoffer, dan wordt daarmee de staat de hand boven het hoofd gehouden.

Ik wordt niet alleen als verdachte, maar ook als getuige beïnvloed. Dit is volgens de wet strafbaar. Als de rechtbank desondanks ervoor kiest geen onderzoek te gelasten, dan verkiest de rechtbank esthethiek boven het vinden van de waarheid. Er wordt daarmee iets wat krom is als een hoepel rechtgebogen. Desondanks acht ik het van belang dat de rechtbank op de hoogte is van het feit dat er van een eerlijk proces van deze verdachte en van een vrije wil van deze kroongetuige al lang geen sprake meer is.

Nog een opmerking naar het openbaar ministerie. Mocht u overwegen mij aan te spreken op dat ik mijn verplichtingen met betrekking tot de OM-deal zou hebben verzaakt of geschonden, wil ik benadrukken dat politie en justitie mij hebben verzocht en gedwongen om de vertelde zaken achter te houden en aan te passen.

Verder hebben politie en justitie en zo'n beetje alle bij de OM-deal en TGB-deal betrokken poltie-agenten, officieren en TGB-mensen mij bedreigd en afgeperst om mijn verklaringen als verdachte en als getuige te beïnvloeden in het voordeel van het zaaks-OM.

Dit alles nog los van het feit dat Mr. Van Schaik en ik Betty Wind hebben ingelicht over door de staat gebruikte dwang om mijn verklaringen te beínvloeden en ik meerdere malen in de rechtbank heb gemeld dat ik wordt bedreigd om geen verdediging te voeren en geen verklaringen af te leggen.

Als het openbaar ministerie mij desondanks toch wil vervolgen, juich ik dat toe omdat dat ontegenzeggelijk zou moeten leiden tot een onderzoek naar de bedreigingen en afpersingen door de staat door wie ik gedwongen ben zaken achter te houden en aan te passen waardoor de waarheid op die manier op tafel komt. Hetzelfde zou moeten gelden voor een eventuele beoordeling van de rechtbank of ik de OM-deal wel ben nagekomen of dat ik rechtens mijn verklaringen de bereidheid tot verklaren heb opgeschort.

Dit oordeel zou de rechtbank alleen kunnen geven als onderzoek is gedaan naar het onrechtmatig handelen van de staat waardoor ik gedwongen ben te handelen zoals ik heb gedaan en doe en als mij wordt toegestaan de bewijzen te leveren dat het TGB-traject aantoonbaar onveilig is en het daarom ondoenelijk is om door te gaan met getuigen.

Als wat ik zeg klopt, dan zou dat bij de rechtbank tot een andere conclusie moeten leiden dan wanneer de afpersing en de dwang niet heeft plaatsgevonden en het TGB-traject veilig zou zijn. Zelfs de hoofdofficier van TGB en het college zijn op de hoogte dat ik in opdracht en onder dwang van politie en justitie zaken achterhou om het zaaks-OM te laten profiteren in het vervolgen van de verdachten.

Officier Betty Wind heeft gezegd dat mijn rechten volgens Art 6. EVRM onder omstandigheden zwaarder wegen dan de civiele verplichting tot geheimhouding, maar ik heb de overtuiging dat Marjolein Verwiel zich daar niets van aantrekt. Dat kan zij ook rustig doen omdat ik achter gesloten deuren geen fatsoenlijke rechtsbescherming geniet.

Ik vind dat de geheimhouding van TGB niet zou moeten gelden om het onrechtmatig handelen van de staat geheim te houden om zo het zaaks-OM te laten profiteren en ook niet als ik daartoe mijzelf niet afdoende kan verdedigen en daarmee de waarheidsvinding geweld wordt aangedaan. Het gevoerde wanbeleid van TGB en alles wat er achter gesloten deuren is gebeurd, is relevant voor de waarheidsvinding en moet daardoor door de rechtbank kunnen worden getoetst.

In het begin van dit proces dacht ik dat waarheidsvinding het hoogste doel was, maar als ik bemerk hoeveel direct en indirect betrokkenen alles in het werk stellen om de waarheid niet te willen weten of verborgen proberen te houden, kan ik alleen maar cynisch vaststellen dat waarheidsvinding is verworden tot een opportunistisch begrip dat wordt misbruikt om het eigen belang en het algemene belang te dienen en veilig te stellen. Dank u wel.

Vervolgens las Peter La Serpe 29 verzoeken voor aan de rechtbank. Kom ik later op terug.

Het was volgens Lauwaars 'illusoir' om te denken dat het requisitoir dinsdag 10 april nog doorgang zou kunnen vinden nu er inmiddels weer zoveel staat te gebeuren ivm met deze laatste incidenten. Reacties van het OM, de verdediging en de rechtbank zelf natuurlijk komen later aan de orde.

Het proces gaat na de pasen op 10 april verder.

Bondtehond

dinsdag 27 maart 2012

OM de indruk gewekt: 'Hier heb je een zak met geld en verder zoek je het maar uit'

Maandag kregen het openbaar ministerie en de verdediging van Dino Soerel gelegenheid om de conclusies van repliek en dupliek naar voren te brengen in verband met het opheffingsverzoek voorlopige hechtenis in de zaak van Dino Soerel. In een zeer gedetailleerd betoog dat twee volle procesdagen duurde, zette Mr. Nico Meijering voor de rechtbank uiteen waarom de raadsman meent dat cliënt Dino Soerel ten onrechte in voorlopige hechtenis zit. De reactie daarop van het openbaar ministerie in twee delen was minder uitgebreid en duurde bij elkaar ongeveer één volle procesdag.


Inhoudelijk ingaan op hetgeen door beide procespartijen is betoogd, zal ik dit keer niet doen, ook mede gezien we al vlak voor het requisitoir van het OM en de pleidooien van de verdediging zitten op het rechtbankschema. Het enorme betoog van Mr. Nico Meijering wordt door de rechtbank, zo merkte de voorzitter Mr. Lauwaars een keer op maandag, min of meer gezien als het volledige eindpleidooi in de zaak tegen Dino Soerel. Mocht dat toch niet zo zijn, want niemand weet in feite precies wat de verdediging van Soerel en de ook de andere verdachten nog in petto heeft, vast staat wel dat de eindpleidooien niet gering in omvang zullen worden. Een rechtbank heeft daar wel enigzins ideeën over natuurlijk, en gezien de enorme feitenkennis die deze 3-koppige rechtbank heeft opgedaan afgelopen jaren, kun je wel zeggen dat Lauwaars er waarschijnlijk niet ver naast zal zitten. Daar is de beste man te ervaren voor. We zullen het zien aankomende maanden.

Veel niet-procesdeelnemers, behorende tot het grote publiek zeg maar, zijn de draad allang kwijtgeraakt, is een regelmatig gehoorde klacht. Er is ondertussen ook wel een zeer ingewikkeld juridisch steekspel ontstaan op grond van de verklaringen van maar één kroongetuige, Peter La Serpe. De zaken waarover de kroongetuige verklaarde, sinds hij zijn handtekening plaatste onder zijn OM-deal in februari 2007, zijn stuk voor stuk ernstige liquidatiezaken, dat zal niemand ontkennen. Echter soms kreeg je tijdens het Passageproces het gevoel dat het behandelen van de moordzaken wel eens op een tweede plan kwam te staan en er allerlei zaken die speelden, waaronder een aantal incidenten-La Serpe, waarbij de kroongetuige z'n kont weer eens tegen de krib gooide, de overhand leken te krijgen. Een moment waarop het Passageproces over een relatief korte periode afgesloten kan worden, zoals nu dus, leek vaak ver te zoeken.

Vervolg Crimesite:
Op dit moment, als de voortekenen me tenminste niet bedriegen, staan we wederom aan de vooravond van een volgend incident-La Serpe. Donderdag komt Peter La Serpe kennelijk met een verklaring die hij als zijn eigen verdediging, maar wel met behulp van zijn civiele advocaat Mr. Richard Korver, heeft opgesteld en gaat voordragen voor de Passage-rechtbank in de Bunker. De kroongetuige is allerminst te spreken over het feit dat vertrouwelijke stukken zijn gelekt en dat de NOS daar kennelijk over kon/kan beschikken. Er zou inmiddels aangifte zijn gedaan door Mr. Korver tegen het OM wegens lekken van vertrouwelijke informatie. Volgens de advocaat is met het naar buiten komen van deze informatie het ambtsgeheim geschonden. De raadsman van La Serpe wil nu dat er een onderzoek komt naar het lek.

Voorspellen wat we donderdag precies kunnen verwachten is koffiedik kijken. Dat is met deze kroongetuige altijd een verrassing. Dat het OM met deze kwestie in de maag zit moge blijken uit het korte betoog dat officier van justitie Mr. Betty Wind verzocht aan de rechtbank te mogen voordragen bij aanvang van de zitting maandagochtend. Het downplayen lijkt weer in alle hevigheid te zijn losgebarsten. De rechters van het Passage-proces zijn natuurlijk ook niet dom en lieten er geen misverstand over bestaan dat hetgeen Mr. Betty Wind ter berde bracht vorige week donderdag hen onbevredigend in de oren klonk nu het bedrag van 1,4 miljoen dat La Serpe gaat beuren definitief op straat is komen te liggen, met daarnaast zijn eis voor nog eens 2,3 miljoen wegens gederfde levensvreugde vanwege zijn lange verblijf in eenzame opsluiting...

Maar nee, Peter krijgt eigenlijk niks voor zijn verklaringen als je goed nagaat, want betalen doet het OM niet voor verklaringen, zegt men. Alleen een andere stukje van het (één en ondeelbare) OM, het TGB-OM, geeft wel 1,4 miljoen om La Serpe zijn eigen veiligheid te laten regelen. En dat is nou eenmaal zo duur, aldus het OM.

Peter mag het ook nog eens allemaal zelf regelen. Das lekker, zal menig crimineel nu denken. Zeker als je in een tropisch land als Thailand, of bv Hong Kong zoals Mr. Marnix van der Werf als voorbeeld stelde, zou gaan wonen waar een modaal jaarinkomen 20.000 euro bedraagt. In Nederland ligt een modaal inkomen op ongeveer 33.000. Ter vergelijking: La Serpe ontvangt 800.000 in de eerste 10 jaar, naast een lening van 600.000 die hij pas over 25 jaar renteloos hoeft terug te betalen.

Het is niet de bedoeling dat de kroongetuige als een pasja in Perzië gaat leven, zei officier van justitie Mr. Wind tijdens de zitting. Maar ja, in een of ander tropisch land ergens op de wereld in een zwaar beveiligde villa met zwembad van 200.000 wat dat doorgaans in die landen ongeveer kost en een toelage van 70.000 per jaar (meer dan 2x modaal), is ook niet mis natuurlijk, zei Mr. Van der Werf. Eigenlijk zou je die dingen niet moeten willen weten, probeerde Mr. Wind nog tegen de rechtbank, want dit valt onder getuigenbescherming en dat is geheim. Maar dat soort tegenwerpingen vonden de leden van de rechtbank dus nogal 'onbevredigend' nu het bedrag op straat ligt, liet men de officier weten.

Mr. Lauwaars merkte donderdag zelfs op richting de leden het openbaar ministerie: 'U heeft toch op z'n minst de indruk gewekt dat u zegt: Hier heb je een zak met geld en verder zoek je het maar uit'.

De roep uit de Nederlandse samenleving om duidelijkheid en bewijzen dat een moordenaar niet wegloopt met een grote zak met geld na zo'n afschuwelijke moord als die op Kees Houtman, klinken steeds heviger door in de media. En dat is nog buiten de vraag of het wettelijk wel is toegestaan. Diverse discussies zijn ontstaan en je kunt geen krant, weekblad, forum of (misdaad-)website openslaan of -klikken of iemand heeft er wel een mening over. Nou heeft het OM voorbije zittingen diverse keren laten blijken zich niets van berichten in de media aan te trekken en wil men daar dan ook niet op reageren. Nou voer je natuurlijk ook geen proces naar aanleiding van wat er wordt gezegd in de media, maar je kunt er toch niet meer omheen dat de gemoederen nu wel erg hoog zijn opgelopen. Zelfs de voorzitter was dat dus opgevallen. De documenten die nu gelekt zijn, liegen er niet om in ieder geval.

Nou ja, we zullen donderdag allemaal zien wat er allemaal gaat gebeuren. Ik was trouwens gebleven bij het betoog dat Mr. Betty Wind maandag jl. voordroeg.

Ovj Mr. Wind:

Edelachtbaar College,

Op de zitting van vorige week donderdag 22 maart, over het thema 'de afspraken met La Serpe met betrekking tot de getuigenbescherming' zijn, naar aanleiding van de berichtgeving in de media dat La Serpe een bedrag van 1,4 miljoen zou ontvangen zijn, mede ook naar aanleiding van de stellingen van de verdediging, door de rechtbank een aantal vragen aan het OM gesteld. Wij hebben al kenbaar gemaakt dat geen sprake is van het ter beschikking stellen van gelden, die La Serpe naar believen zou kunnen besteden, maar konden als zaaksofficieren, bij gebrek aan wetenschap omtrent de beschermingsafspraken, niet alle vragen volledig beantwoorden.

Wij realiseren ons dat de rechtbank om een beslissing te kunnen nemen op de door de verdediging geformuleerde verzoeken nadere informatie over de met La Serpe gemaakte afspraken behoeft en hebben besloten zelf initiatief te nemen. Wij menen dat een antwoord op de onderstaande vragen tegemoet zal komen aan de behoefte aan nadere informatie bij de rechtbank en de verdediging en willen deze vragen aan de TGB-officier voorleggen.


1. Zijn er na het sluiten van 'de overeenkomst op hoofdlijnen'van juni 2009 met La Serpe over de financiële voorzieningen andersluidende afspraken gemaakt dan in die overeenkomst is vastgelegd? (Hetgeen La Serpe zelf ter zitting heeft verteld, wijst er op dat hij mogelijke nadere eisen heeft gesteld. Is daaraan tegemoet gekomen?)

2. Zijn de eerder door mevrouw Verwiel in haar pv's genoemde voorwaarden die werden gesteld aan de terbeschikkingstelling van gelden nog onverkort van kracht?

3. Is er enigerlei wijze voorzien in een controle op dat de verstrekte gelden worden besteed aan de (beschermings)doelen waarvoor die gelden worden verstrekt?

4. Kan met inachtneming van alle in het geding zijnde belangen meer duidelijkheid worden gegeven over de met La Serpe gemaakte of te maken afspraken?

De officier van justitie belast met de getuigenbescherming heeft ons (opnieuw) meededeeld dat het in de media geschetste en door de raadslieden verder uitgebouwde beeld dat La Serpe na ommekomst van zijn detentie een zak met naar eigen believen te besteden geld zou krijgen, zonder enige daaraan verbonden voorwaarde, niet strookt met de werkelijkheid. Wat in dit verband ook van belang is, is dat door de berichtgeving en de reacties daarop, de integriteit van het Team Getuigenbescherming, de officier van justitie belast met getuigenbescherming en zelfs de Staat in het geding is. De TGB-officier zal in overleg met het College bezien of en in hoeverre met inachtneming van de geheimhoudingsplicht van de Staat, de belangen van La Serpe en andere getuigen en de overige belangen van het Team Getuigenbescherming, opening van zaken kan worden gegeven.

Graag verneem ik of de rechtbank zich kan vinden in de geformuleerde vragen. Ik realiseer mij dat de kwestie van belang is in de zaken tegen alle Passage-verdachten en dat niet al die zaken vandaag expliciet dienen. Maar omwille van de voortgang hebben wij gemeend er goed aan te doen op dit moment aandacht voor het onderwerp te vragen.


Donderdag verder.

Bondtehond

zondag 25 maart 2012

'Ik voel me belazerd in dit verhaal!'

Het zal u ongetwijfeld niet ontgaan zijn, kroongetuige Peter La Serpe is na het liquidatieproces een rijk man. Als miljonair loopt hij binnenkort de vrijheid tegemoet, zodra zijn gehalveerde straf erop zit. Althans, zo zal Pino het zelf ongeveer in zijn hoofd hebben. Persoonlijk lijkt het mij sterk, in het geval er in eerste aanleg daadwerkelijk veroordelingen uit zouden komen na bijna 4 jaar liquidatieproces, dat er geen Hoger beroep ingesteld zou worden door de mogelijke veroordeelden en hun verdediging. En hoe zit het dán met de kroongetuige? Is een kroongetuige wederom nodig in Hoger beroep?


Zal dat voor de zekerheid eens navragen bij de verdediging, maar ik schat het zo in dat La Serpe nog niet 1, 2, 3 van zijn "plaaggeesten" bij het OM en TGB af is. Ik noem het zo maar even zo omdat La Serpe op z'n minst zelf de indruk heeft gewekt dat ie niet altijd even blij is met die hoeders van de wet waar hij mee te maken heeft. En dat is nogal mild uitgedrukt.

Maar goed, even buiten dat, het gaat er nu natuurlijk om of het überhaupt in eerste aanleg wel tot veroordelingen zou mogen komen, gezien de wettelijke vastgelegde kaders waarbinnen een kroongetuigedeal gesloten zou mogen worden en de mogelijkheid dat het OM zich daar niet aan heeft gehouden. De verdediging vindt van niet en verzoekt de rechtbank diepgaand onderzoek (zie onder), of er (toch) niet-toelaatbare toezeggingen zijn gedaan. Dit naar aanleiding van de nieuwste ontwikkelingen.

De 1,4 miljoen-scoop van de NOS kwam dus vorige week zondagavond tot ons en zorgde voor behoorlijk wat beroering in Nederland. Rechtbankvoorzitter Mr. Lauwaars wilde, onder meer vanwege 'de grote onrust die is ontstaan in het land' en 'omdat iedereen zit te wachten op meer duidelijkheid', donderdagmiddag besteden aan het bespreken van de 1,4 miljoen-problematiek zoals hij dat zelf noemde. Er was net als maandag weer opvallend veel pers aanwezig in de Bunker en er zaten ook een aantal vooral van TV bekende OM-leden op de publieke tribune die belangstellend meekeken. Buiten stonden camerateams van diverse omroepen met filmapparatuur in de aanslag.

De advocaat van Jesse Remmers, Mr. Sander Janssen, zou het liefst maandag al op de barricaden zijn gesprongen, hij had immers aardig wat tijd gestoken in zijn pleitnota, echter het OM had zijn cliënt niet aangevoerd vanuit de EBI en dat stuitte op nogal wat protest van de raadsman. Hij wilde absoluut dat cliënt Jesse Remmers aanwezig zou zijn. Het vlammende betoog van Janssen wat daarop volgde deed de rechtbank er onder meer toe besluiten de 1,4 miljoen-problematiek te verschuiven naar donderdag- middag en Remmers dan wel op te laten roepen door het OM. Mr. Betty Wind beloofde plechtig opdracht te zullen geven Remmers en de andere verdachten donderdag door het BOT-team naar de Bunker te laten transporteren.

Mr. Sander Janssen was dan ook de aangewezen persoon van de verdediging om de spits af te bijten deze donderdagmiddag, maar alvorens de raadsman aan zijn betoog begon, kon het openbaar ministerie bij monde van Mr. Betty Wind met een statement komen. Dat had de officier van justitie maandag reeds aangekondigd.

Samengevat kwam die statement op het volgende neer:
Ovj Mr. Betty Wind: We waren onaangenaam verrast en verbaasd over het 8 uur-item in het 8 uur-journaal. Mogelijk vertrouwelijke informatie ging zomaar over het scherm, voorzien van gekleurde en zeer eenzijdige berichten. Het betreft in onze visie oude wijn in nieuwe zakken. Het is dezelfde situatie als in 2009/2010. Het is toen uitbebreid in de media geweest. De rechtbank heeft in april 2010 in een uitvoerig gemotiveerde beslissing geoordeeld dat nader onderzoek naar de afspraken onnodig was. Alle verzoeken van de verdediging werden afgewezen. Het enige nieuwe is dat er nu concrete bedragen worden genoemd. Eigenlijk was dit in 2009 ook zo, het bedrag was toen 1 miljoen euro. Laat duidelijk zijn, het OM koopt geen verklaringen. Het OM kan een deal sluiten met een getuige, maar zullen nooit betalen voor verklaringen. De betalingen vloeien voort uit de zorgplicht die het OM heeft ten opzichte van een getuige. Een getuige moet in staat worden gesteld een financiëel onafhankelijke toekomst in te richten. De veiligheid van de kroongetuige gaat boven transparantie. De Staat en de getuige hebben over en weer een geheimhoudingsplicht op zich genomen.

Vervolg Crimesite:
Mr. Lauwaars: Dank u wel. Grappig was om te lezen dat in de media adviezen werden gegeven van wat de rechtbank hiervan zou moeten vinden, maar die waren gelukkig tegengesteld aan elkaar hier en daar, zodat je je toch nog vrij voelt als rechtbank om te beslissen zoals je dat zelf goed dunkt. Dat wou ik maar even zeggen. Ik wil ook even zeggen tegen de raadslieden die verzoeken in willen dienen, u weet dat de fatale termijn ingegaan is voor onderzoekshandelingen, tenzij de kans op een eerlijk proces verloren zou gaan als we niet aanhoren wat u verzoeken zijn. Als u daar in uw motivering nog even aandacht aan zou willen besteden, want het moet wel erg belangrijk zijn, willen we daar nog iets mee doen, laat ik het maar in gewoon Nederlands zeggen. Dat horen we toch graag van u, waarom u vindt dat dat zo is.

Mijnheer Janssen, dan geef ik u nu het woord.

Mr. Sander Janssen deelde zijn pleitnota rond aan de leden van de rechtbank, het OM en zijn confrères en begon deze voor te dragen in het voor de advcaat kenmerkende vlotte tempo. Cliënt Jesse Remmers zat inmiddels naast hem, zo ook Mr. Malewicz, de tweede raadsman van Remmers.

Mr. Janssen, inleidend: De verdediging heeft bij diverse eerdere gelegenheden te kennen gegeven dat deze ervan overtuigd is geraakt, dat de heer La Serpe van de Staat een zeer fors geldbedrag toegezegd heeft gekregen in ruil voor de door hem als getuige in deze zaak afgelegde verklaring. In de afgelopen jaren is daarover reeds meermalen het nodige naar voren gebracht, en is gewezen op diverse bewijsmiddelen waaruit in de visie van de verdediging kan blijken dat La Serpe vanaf medio 2006 tot het moment van het ondertekenen van een deal in februari 2007 doorlopend in onderhandeling met het Openbaar Ministerie is geweest over de vergoeding die hij zou krijgen voor het afleggen van zijn verklaringen, om vervolgens vanaf 2008 die onderhandelingen voort te zetten welke onderhandelingen tot de dag van vandaag zijn voortgezet.

Nog enkele quotes uit het pleidooi van Mr. Sander Janssen samengevat:


In de aanloop naar het requisitoir en het pleidooi heeft de verdediging de afgelopen week een aanvang genomen met het op een rijtje zetten van informatie die ten aanzien van de met La Serpe gemaakte afspraken in de loop van het jaar naar buiten is gekomen. Dit nu de verdediging zoals eveneens bekend en zoals al diverse eerdere malen aangegeven, ervan overtuigd is dat er aan de heer La Serpe wel degelijk toezeggingen zijn gedaan die ver buiten het wettelijk kader vallen en in ieder geval ver buiten de bedoelingen van de wetgever met dat wettelijk kader vallen, zowel voorafgaand aan het ondertekenen van de kluisverklaringen als daarna.

Recent is daartoe op vrijdag 2 december jl. nog uitvoerig stil gestaan bij dat kader en bij de informatie die in de loop der jaren door het Openbaar Ministerie over de met La Serpe gemaakte afspraken (niet) naar buiten is gebracht. Daarbij is herhaaldelijk de term white lies gevallen, dit in de context van door of namens het Openbaar Ministerie gedane mededelingen die weliswaar strikt genomen niet volledig onjuist en leugenachtig waren, maar die in de context waarin ze werden gedaan en met name ten aanzien van de informatie die níet werd gegeven desalniettemin als onjuist en misleidend moeten worden aangemerkt.

-
Zoals uit de recente berichtgeving van de NOS duidelijk is geworden, blijkt de situatie echter aanzienlijk anders te zijn. Voordat ik daarover kom te spreken, eerst een korte bloemlezing van hetgeen het Openbaar Ministerie in dit kader in de afgelopen jaren naar voren heeft gebracht, hetgeen de verdediging brengt tot de stelling dat de informatie van het Openbaar Ministerie misleidend is geweest.
-
Zie verder La Serpe op diezelfde 12 maart 2009, pagina 39 van het verbaal, wanneer hem gevraagd wordt of hij niet liever geld wilde in plaats van het beschermingsprogramma. Daar ben ik mee begonnen, aldus La Serpe. “Ik wist allemaal niet wat het inhield en wilde het liever zelf regelen”.
-
Een schitterend voorbeeld van een white lie: op dat moment is La Serpe al meer dan een jaar in overleg met het TGB over het zelf regelen van zijn beveiliging en het daartoe ontvangen van financiële middelen. In de context van het verhoor lijkt het echter alsof La Serpe in zijn gesprekken voorafgaand aan de OM-deal begonnen is met te vragen naar financiële middelen in plaats van in het programma mee te lopen, om daar vervolgens nul op het rekest te hebben gekregen.
-
Het voert in het bestek van dit betoog te ver de inhoud van die processen-verbaal nauwgezet door te nemen, maar op een later moment zal de verdediging dat zeker nog eens gaan doen. Voor nu kan worden volstaan met hetgeen het zaaks-openbaar ministerie over deze kwestie ter zitting heeft medegedeeld, te weten vrijwel letterlijk weergegeven het volgende:

- De speculaties die onlangs in de media zijn geuit, inhoudende dat La Serpe een groot geldbedrag zal ontvangen, dat hij naar eigen inzicht zal mogen besteden, zijn beslist onjuist.
- De financiële ondersteuning, deels in de vorm van een lening, vindt gefaseerd plaats over een langere periode en is gebonden aan voorwaarden teneinde te verzekeren dat de gelden besteed worden aan genoemde doeleinden als veilig wonen, werken en leven.
- Het verschil in de opstelling van de getuige op 25 mei, 4 juni en heden ziet niet op geld, maar op het bereiken van de overeenstemming over verschillende onderdelen.
- In de stukken die zijn opgesteld is een maximale transparantie betracht. Er zullen zeer waarschijnlijk geen nadere vragen over kunnen worden beantwoord. Het beeld dat la Serpe een grote zak met geld krijgt en na zijn detentie een riant leven kan leiden, is bij deze weg genomen. Het is geen reëel beeld.
- Op de vraag (van de voorzitter) of het door Nova gestelde niet juist is, antwoord ik dat een goed luisteraar uit mijn betoog heeft begrepen dat het beeld dat Nova heeft neergezet niet juist is. Ik kan geen concreet bedrag noemen, maar een bedrag van 1 miljoen is onjuist en het beeld dat daaromheen is geschetst is ook onjuist. Op de vraag of het wellicht om een gefaseerde ondersteuning voor de periode van 20 jaar van in totaal 1 miljoen gaat, ga ik wegens veiligheidsredenen niet in.

-
De verdediging voelt zich in ieder geval ongekend belazerd door de gang van zaken en heeft er geen vertrouwen in dat het hierbij gebleven is, te meer nu uit de recente berichtgeving kan blijken dat La Serpe ook hiermee nog geen genoegen heeft genomen en thans met de Staat verwikkeld is geraakt in een procedure teneinde een nog grotere hoeveelheid geld aan de Nederlandse belastingbetaler te ontfutselen.
-
De vraag is vervolgens of er gezien de thans naar voren gekomen informatie gesteld kan worden dat er sprake is van inhoudelijk excessieve of volstrekt niet te onderbouwen voorzieningen of toezeggingen hiertoe, dan wel dat daar zwaarwegende aanwijzingen toe bestaan, waartoe geen redelijk handelend Officier van Justitie met het oog op de gerechtvaardigde veiligheidsbelangen van de kroongetuige had kunnen komen. Meer concreet is de vraag of gesteld kan worden dat het toezeggen van een renteloze lening voor de duur van niet minder dan 25 jaar van € 600.000,-, in combinatie met een schenking van € 800.000,- welke in 10 jaar wordt uitgekeerd, als inhoudelijk excessief of volstrekt niet te onderbouwen kan worden aangemerkt, waarbij het nog maar de vraag is of het plaatje compleet is: immers uit de berichtgeving kan blijken dat La Serpe nog in een procedure met het Openbaar Ministerie is verwikkeld teneinde een nog verdergaande schadevergoeding van niet minder dan 2.3 miljoen Euro te verkrijgen en de stand van zaken in die procedure kennelijk niet is dat het Openbaar Ministerie die schadevergoeding zonder meer heeft geweigerd.
-
Mr. Janssen week even af van zijn pleitnota en had tussendoor een vraagje aan het OM: 'Ik zou wel willen weten van het OM: Verwacht het OM nou werkelijk dat ze die 6 ton terug gaat krijgen?! La Serpe is dan 74! Ik voel me belazerd in dit verhaal!'
-
Zeker in het licht van het feit dat door de NOS in dit kader eerder opgevoerde bronnen het bij nader inzien toch bij het juiste eind hadden, levert deze aanvullende informatie op zijn minst een aanwijzing op dat er nog meer aan de hand is dan de toch al niet misselijke 1.4 miljoen waarvan inmiddels ook het Openbaar Ministerie wel lijkt te onderkennen dat deze is toegezegd.
-
Los van de misleidende informatieverstrekking, los van het feit dat een uitkering van € 80.000,- netto in combinatie met een gratis huis van € 300.000,- en een gratis bedrijf van € 300.000,- helemaal niets meer met de term modaal of zelfs bovenmodaal te maken heeft, en los van het feit dat met een looptijd van 25 jaar de grenzen van het verbod op een permanente voorziening waarnaar de beslissing van uw rechtbank nadrukkelijk verwijst, op zijn minst worden opgezocht en in de visie van de verdediging worden overschreden, moet de overeenkomst zoals deze thans in de openbaarheid is gekomen naar het oordeel van de verdediging zowel in duur als in intensiteit als excessief worden aangemerkt
-
Er is nog een aantal zittingsdagen beschikbaar tot de aanvang van het requisitoir, en mijn zeer dringende verzoek aan de rechtbank is die zittingsdagen te gaan gebruiken om nu eindelijk klaarheid in deze zaak te brengen, hetgeen mij ten eerste brengt tot de verzoeken:

1- De Officieren van Justitie De Haas, Van der Bel en Verwiel ter zitting (al dan niet met gesloten deuren) te gaan horen;

2- Te bevelen dat de gespreksopnamen van de onderhandelingen van 12 en 22 december 2006 per direct ter beschikking van de rechter-commissaris dienen te worden gesteld en door de rechtercommissaris worden uitgewerkt en aan het dossier worden toegevoegd, met uitzondering van die informatie die daadwerkelijk en direct ziet op de veiligheidssituatie van de heer La Serpe en/of zijn aanverwanten;

3- Te bevelen dat de integrale tekst van de intentieovereenkomst van 23 januari 2007, zowel de versie van 23 januari als die van 18 december 2007, van de overeenkomst op hoofdlijnen van 2 juni 2009, van het concrete door het College van Procureurs-Generaal in begin maart 2009 vastgestelde kader waarbinnen de afspraken met La Serpe gemaakt moesten worden (zie onder andere punt 23 pv Maan en Verwiel van 8 juni 2009), en alle na 2 juni 2009 met la Serpe gemaakte afspraken ten aanzien van de financiële afhandeling van zijn rol als getuige in deze zaak in de breedste zin des woords, per direct aan de rechter-commissaris worden toegezonden, met de opdracht aan de rechter-commissaris dat deze overeenkomsten / afspraken en in ieder geval de financiële bepalingen uit deze overeenkomsten / afspraken aan het dossier dienen te worden toegevoegd, met zo nodig verwijdering van die passages die daadwerkelijk en direct zien op de veiligheidssituatie van de heer La Serpe en/of zijn aanverwanten.
-
Zou de Rechtbank verder daadwerkelijk menen te kunnen volhouden dat dit mogelijk nog allemaal de bedoeling van de wetgever is geweest, althans dat de stelling van de verdediging dat dit zeker niet het geval is niet zonder meer opgaat, dan is de tijd naar het oordeel van de verdediging gekomen om die wetgever daar maar eens concreet naar te gaan vragen, nu er – alsdan kennelijk – een wereld van verschil is tussen wat de wetgever naar het oordeel van de verdediging en overigens een groot aantal wetenschappers met die wettelijke regeling voor ogen heeft gehad, en hoe die wetgeving thans in de praktijk wordt uitgevoerd en – in dat geval - door Uw Rechtbank wordt beoordeeld.
-
Ik verzoek ten behoeve van beantwoording van de vraag in hoeverre deze specifieke problematiek (de scheiding van de trajecten, het onderhandelen in beide trajecten door één en dezelfde inhoudelijk betrokken Officier van Justitie, het noemen en afspreken en mogelijk toezeggen van concrete bedragen door deze Officier van Justitie, het aanbieden van renteloze leningen met een (zeer) aanzienlijke looptijd, het ter beschikking stellen van financiële middelen aan de getuige opdat deze zelf in zijn bescherming kan voorzien, de betekenis van het begrip toezegging, de omvang van de in de zaak vastgestelde bedragen, enzovoorts) bij de behandeling van het wetsvoorstel inzake de Wet toezeggingen aan getuigen in strafzaken door de wetgever is onderkend en beoogd, hetgeen uit de schriftelijk beschikbare parlementaire geschiedenis onvoldoende duidelijk kan blijken, op een zo spoedig mogelijke termijn bij de rechter-commissaris te doen horen de navolgende personen:

- De heer Albert Hendrik (Benk) Korthals (Voorschoten, 5 oktober 1944), Minister van Justitie ten tijde van het indienen van het wetsvoorstel tot wijziging van de Wet toezeggingen aan getuigen in strafzaken;

- De heer Jan Pieter Hendrik (Piet Hein) Donner (Amsterdam, 20 oktober 1948), Minister van Justitie ten tijde van de behandeling van de wet in de Eerste Kamer en ten tijde van het aannemen van de wet;

- Professor mr. E.C.M. Jurgens, hoogleraar staatsrecht en parlementsrecht maar vooral lid van de Eerste Kamer in de periode 1995-12 juni 2007 en nauw betrokken bij de totstandkoming van de Wet toezeggingen aan getuigen in strafzaken.

- Eduardus Christiaan Maria (Ed) Wagemakers (Den Haag, 22 november 1947), van 1983 tot 1995 en van 2003 tot 2007 namens het Christen-Democratisch Appèl (CDA) lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal. Wagemakers was woordvoerder voor justitiezaken en nauw betrokken bij de totstandkoming van de Wet toezeggingen aan getuigen in strafzaken;

- Gerrit Holdijk (Uddel, 17 november 1944) sinds 11 juni 1991 lid van de SGP-fractie in de Eerste Kamer. In de Kamer houdt Holdijk zich onder meer bezig met Justitie en nauw betrokken bij de totstandkoming van de Wet toezeggingen aan getuigen in strafzaken;

- Diana Judith Benvenuta (Diana) de Wolff (Heemstede, 24 oktober 1959), werd in 1999 lid van de Eerste Kamer voor GroenLinks. Ze was woordvoerder justitie en nauw betrokken bij de totstandkoming van de Wet toezeggingen aan getuigen in strafzaken;

- Uriël (Uri) Rosenthal (Montreux (Zwitserland), 19 juli 1945), Van 8 juni 1999 tot 14 oktober 2010 was hij lid van de Eerste Kamer voor de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD) en nauw betrokken bij de totstandkoming van de Wet toezeggingen aan getuigen in strafzaken;

- Martinus Josephus Maria (Tiny) Kox (Zeelst, 6 mei 1953), Namens de Socialistische Partij is hij vanaf 10 juni 2003 lid van de Eerste Kamer en nauw betrokken bij de totstandkoming van de Wet toezeggingen aan getuigen in strafzaken.

Nu de verdediging tot slot uit alle tot op heden beschikbaar gekomen informatie en de informatievoorziening van het Openbaar Ministerie sterk de indruk heeft bekomen dat hier een werkwijze bij in ieder geval het Team Getuigenbescherming wordt blootgelegd, waarbij men bewust en opzettelijk wensen van getuigen in strafzaken in een Getuigenbeschermingsovereenkomst parkeert opdat deze wensen tegemoet kunnen worden gekomen én geheim kunnen worden gehouden, en niet meer wenst te vertrouwen op de geruststellende woorden van het Openbaar Ministerie waar het de kwestie Wolzak betreft, verzoek ik u te bevelen dat ook de met de heer Wolzak gesloten TGB-overeenkomst(en) aan de rechter-commissaris wordt toegezonden, met de opdracht aan de rechter-commissaris dat de financiële afspraken uit deze overeenkomst aan het dossier dienen te worden toegevoegd, met verwijdering van die passages die daadwerkelijk en direct zien op de veiligheidssituatie van de heer Wolzak en/of zijn aanverwanten.

Dank u wel.

De raadsman,  S.L.J. Janssen.

Natuurlijk kwamen ook de andere raadslieden aan het woord, met name Mrs. Nico Meijering en Marnix van der Werf.

Een opvallende quote van Mr. Nico Meijering over het artikel met Peter 'Pino' La Serpe in Panorama. (samengevat):

Mr. Meijering: De jeugd van Peter La Serpe in Panorama. Het gaat over stelen, liegen en bedriegen. Verteld door zijn eigen zus. Het is haar al lang bekend waar hij zit. Nooit heeft ie naar zijn zoon omgekeken. En als ik dan lees dat hij zijn zoon gebruikt als breekijzer. Ik griezel als ik het lees.

Advocaat Mr. Marnix van der Werf had tussendoor ook nog een snugger klinkende opmerking die bij (bijna) iedereen op de lachspieren werkte die vandaag op publieke tribune zat.

Mr. Van der Werf: Het klopte wel wat mevrouw Wind zei in 2009. Ze heeft de waarheid gesproken. Het ging niet om 1 miljoen. Het gaat namelijk om 1,4 miljoen... (ook een voorbeeld van een white lie?)

*

Het openbaar ministerie reageerde na deze verzoeken bij monde van Mr. Betty Wind. Het was niet verrassend dat het OM vasthoudt aan eerder reeds gehoorde argumenten en de betaling(en) plaatst onder de kop: toelaatbaar. Men blijft erbij dat veiligheid duur is en nu La Serpe zijn eigen veiligheid straks zelf mag regelen, zou het bedrag van 1,4 miljoen niet excessief hoog zijn om dat te regelen.

De rechtbank vond de antwoorden van het OM 'nogal onbevredigend'. Mr. Lauwaars merkte op: U heeft toch op z'n minst de indruk gewekt dat u zegt: Hier heb je een zak met geld en verder zoek je het maar uit.

Het is moeilijk voorspellingen te doen over wat en wanneer de rechtbank straks gaat beslissen. Dat bleef sowieso in het midden.

Wordt dus vervolgd.....

Maandag gaat het proces verder met repliek en zo mogelijk dupliek ivm het opheffingsverzoek van Dino Soerel.

Bondtehond

zaterdag 24 maart 2012

'Holleeder zal op een ander moment veroordeeld moeten worden'

Hooggespannen verwachtingen in de bunker donderdagmiddag. Het was weer eens ouderwets druk, wat al maanden niet is voorgekomen. De onthulling door de NOS dat kroongetuige Peter La Serpe 1,4 miljoen gaat ontvangen in ruil voor zijn verklaringen heeft voor de nodige beroering gezorgd. Ik kom er nog wel op terug, maar ga het er nu (nog) niet over hebben. Tijdens de afgelopen twee zittingen is er namelijk veel tijd besteed aan de reactie van het OM op het opheffingsverzoek voorlopige hechtenis van Dino Soerel. Dinsdag kon u hier al lezen wat officier van justitie Mr. Betty Wind vertelde over het feit dat Willem Holleeder niet is gearresteerd en men zich van deze twee vermeende opdrachtgevers vooralsnog alleen op een veroordeling van Dino Soerel lijkt te richten. Holleeder wordt immers nog wel steeds als verdachte gezien volgens Mr. Wind, maar op dit moment is het 'iets technisch' dat de heer Holleeder nog niet is aangehouden.


Mr. Betty Wind sloot de reactie af met de mededeling dat het korte tijdsbestek waarin deze reactie tot stand is gekomen het OM wel een beetje parten heeft gespeeld. Er waren allerlei andere dingen op het pad gekomen op allerlei fronten, maar daarvan wilde de officier de rechtbank en ook haarzelf de details liever besparen. Een volledige reactie te geven op het opheffingsverzoek van Mr. Nico Meijering is naar het gevoel van Mr. Wind ook niet helemaal goed gelukt, want om het goede midden te vinden tussen een reactie op het opheffingsverzoek en het hele requisitoir, waar nu kleine stukjes uit zijn geplukt en ook nog stukken uit andere dossiers zijn bij gekomen, was een hels karwei. Het OM is ook nog niet klaar met het volledige requisitoir, in tegenstelling wat de rechtbank waarschijnlijk zal denken, en men denkt bij het OM zelfs dat er nog extra bezwaren bij zullen komen. Voor nu heeft het OM de focus gericht op de belangrijkste getuigen in dit dossier en de verweren van de verdediging en daarmee hoopt het OM dat de rechtbank tot een verstandige beslissing zal komen, aldus Wind.

Mr. Wind: Wat ons betreft is die beslissing dat er meer dan voldoende ernstige bezwaren zijn tegen de heer Soerel en die rechtvaardigen in alle 5 de zaken de voorlopige hechtenis.

Voorzitter Mr. Lauwaars bedankte de officier en stelde voor om maandag hiermee verder te gaan. Dus met repliek, en als het kan ook dupliek. De 1,4 miljoen-problematiek zou volgens Lauwaars wel eens wat energie kunnen gaan kosten, dus de rechtbank wilde daar zoals gepland echt na de pauze om 13:00 mee beginnen.  (later nog een stukje over de 1,4 miljoen)

Mr. Nico Meijering wilde eerst graag nog even weten of de vragen die hij maandag had gesteld over Holleeder nog beantwoord zouden worden door het OM.
Mr. Meijering: Begrijp ik het goed dat we de antwoorden dus kunnen terugvinden in de visie die het OM vandaag heeft gesteld?
Mr. Wind: Ik begrijp niet helemaal wat u bedoeld.
Mr. Meijering: Nou, er zijn maandag vragen gesteld voor de rechtbank.
Mr. Lauwaars: Ja, dat was wel een belangrijk punt.

Vervolg Crimesite:
(Even terug naar maandag, Meijering had eerder op de dag aangegeven nog twee vragen te hebben.)
Mr. Lauwaars: Dan geef ik nu het woord aan de heer Meijering voor zijn twee vragen.
Mr. Meijering: Ja voorzitter, dat betrof alleen het stuk over Holleeder, want ik heb snel mee zitten schrijven en daarbij viel mij het volgende op. Er werd gesteld door het openbaar ministerie dat ik impliciet, of zelfs expliciet, zou hebben gesteld dat er sprake zou zijn van rechtsongelijkheid. Volgens mij heb ik dat niet gedaan in mijn pleitnota. Ik heb mij wel op iets anders gericht. Ik heb mij met name op de bezwaren gericht.
En ik heb twee dingen snel meegeschreven, dat ik inderdaad zou hebben gesteld dat er tegen Holleeder meer bezwaren zijn ingebracht dan tegen cliënt. Toen heeft het OM gezegd: Nee, dat is niet zo. En mijn vraag is hier expliciet aan het OM: Huldigt het OM nu het standpunt dat er tegen Holleeder dus minder bezwaren zijn dan tegen cliënt? En of het OM dat dan wil toelichten, want dat lijkt zich dan weer op gespannen voet te verhouden met het andere betoog waarin het OM ook dacht ik heeft gezegd, nou 'dacht ik', dat heeft het OM gezegd: 'Hadden we in oktober 2011 Holleeder ook vervolgd dan waren we 3 jaar verder geweest'. En dat lijkt elkaar enigzins te bijten, want dat lijkt te impliceren, als het OM zegt: Er zijn eigenlijk, of mischien nog wel meer, in ieder geval genoeg ernstige bezwaren om Holleeder ook te vervolgen, maar we hebben dat niet gedaan omdat anders het proces weer zou zijn vertraagd. En dat is iets wat ik expliciet nog even naar voren wil brengen en zou u kunnen toelichten hoe dat precies zit?

Ovj Mr. Wind: We gaan daar graag even donderdag op terugkomen. Overigens was het niet 'dat we dan 3 jaar verder waren geweest'. Ik zei: 'Dan waren we niet over 3 weken aan het requisitoir toegekomen'.
Mr. Meijering: Nee, sorry, dát was het ja. Maar goed, dat is dus het probleem met snel meeschrijven.
Mr. Lauwaars: Ok, u gaat er dus donderdag op in, dan wachten we dat rustig af. Dan laten we het allemaal even bezinken. Ik zou zeggen, bedankt voor uw uitputtende betoog, in alle opzichten.

Dat was dus maandag, maar Mr. Meijering lichtte de vragen nu nog wat toe.
Mr. Meijering: Er was nog een ander punt wat u heeft aangehaald, Naarden-vesting, kort samengevat.
Ovj Mr. Wind: Ja, daar hadden we al over gesproken bij de eerste ronde, maar vandaag opnieuw, dus ja wij menen dat alles wat de rechtbank aangestipt heeft wel van belang is geweest, daar hoeft u zich geen zorgen over te maken.
Mr. Meijering: Nou ja, als dat uw antwoord is, dan kan ik daar verder mee aan de slag. En verder heb ik nog vragen gesteld over Holleeder. Heb ik daar ook de antwoorden op moeten vinden in wat u vandaag heeft....
Ovj Mr. Wind: Eh, nee, u heeft ons gevraagd of we bereid waren om de ernstige bezwaren tegen Holleeder hier nog eens op een rij te zetten.

Mr. Meijering: Nee, dat heb ik niet gevraagd. Dat is een misverstand. U heeft gezegd in reactie op wat ik heb gezegd in mijn betoog dat het niet zo is dat er tegen Holleeder meer bezwaren liggen dan tegen Soerel. Dat is wat u gezegd heeft. In de tweede plaats heeft u gezegd dat u niet bent gaan vervolgen, toen La Serpe met zijn Holleeder-onthullingen is gekomen omdat u daardoor voorzag dat er dan meer dan een jaar vertraging zou komen. En verder, overigens dat zullen we hebben uit de media, naar aanleiding van de invrijheidstelling van Holleeder heb ik begrepen dat het OM zich op het standpunt zou hebben gesteld dat er onvoldoende was tegen Holleeder. Dat er geen vingerafdrukken waren, etc. En later hebben we nog aangetroffen in de media dat hij nog wel verdachte zou zijn. Nou is het een van de twee, u ziet of dat er voldoende bezwaren zijn om te kunnen vervolgen en dat u vervolgens heeft afgezien van vervolging omdat dat vertraging zou geven, of u ziet onvoldoende bezwaren waardoor je ook niet aan de vraag kunt toekomen en afzien van vervolging omdat het vertraging op zou leveren? Dat was de vraag die ik dacht ik had neergelegd. U zou daar nog even met uw collega's over praten en daar zou antwoord op komen vandaag, wat ik niet helemaal beluisterd heb in het betoog van vandaag tot nu toe.

Ovj Mr. Wind: Eh nee, dat is ook het laatste wat we erover gezegd hebben. Meneer Holleeder staat hier ook niet terecht. Het is daarom ook niet akkoord om de ernstige bezwaren tegen hem uit de doeken te doen, want dat vraagt u toch een beetje. Of er op dit moment meer is tegen Soerel, of dat er op dit moment meer is tegen Holleeder, doet op dit moment volstrekt niet terzake. Holleeder wordt nu niet vervolgd in dit proces en meneer Soerel wel. Uitsluitend aan de orde is of er tegen de heer Soerel voldoende ernstige bezwaren bestaan. En waar al helemaal niet op willen reageren eigenlijk, is wat er in de media allemaal verschijnt in dit verband. We willen het laten bij de reactie die we tot nu toe hebben gegeven.

Mr. Meijering: De media verwoordde wat het OM gezegd zou hebben. En ook de rechtbank heeft u gevraagd te reageren op het betoog van mij, van vier weken geleden al weer geloof ik. Maar als u zegt, dit is mijn antwoord, meer willen we er niet over zeggen, ja, ik kan u niet dwingen vrees ik, maar dan kan ik daar weer op in spelen met mijn reactie. Dank u wel.

Mr. Lauwaars: Akkoord. Wilt u nog wat vragen? (richting andere rechters)
Rechter Mr. Van Dale: Nou, toch nog niet helemaal akkoord. Ik ga toch nog één vraag stellen; Moeten we de beslissing van het OM ten opzichte van Holleeder maar zo begrijpen dat alleen is besloten hem niet op dit proces te dagvaarden, of moeten we het ook zo begrijpen dat is besloten hem bij de huidige stand van zaken niet te dagvaarden?
Ovj Mr. Wind: Uitsluitend niet in dit proces. En wat we verder gaan doen in die zaak, wel of niet tegen hem hebben, dat hoort volstrekt niet in het openbare terecht te komen. Dat willen we echt voor ons houden. En we hebben uitsluitend besloten dat hij niet nu in dit proces wordt vervolgd.

Rechter Mr.Van Dale: En kunt u dan verklaren hoe dan toch die veel ruimere berichtgeving in de media terecht is gekomen? Want het was toch wel een fors stuk onduidelijkheid en ook de reactie van het openbaar ministerie daarop, dat werd veel scherper geformuleerd dan dat dat nu hier wordt geformuleerd.
Mr. Wind: Ja, laat ik daar heel duidelijk over zijn. Ik zeg het niet graag, maar we distantiëren ons van mededelingen. Het zijn ook mededelingen van OMers uit Den Haag. Het zijn allemaal prachtige media-strategieën, maar het ging om onze zaken, waarvan wij de dossiers hebben en over moeten beslissen, laat dat duidelijk zijn voor wat betreft mededelingen in de media.

Mr. Nico Meijering: Verstond ik dat goed: "Dat waren OMers uit Den Haag" ?!
Ovj Mr. Hans Oppe: Ik denk dat we in ieder geval onderscheid moeten maken, en ik denk dat de rechtbank dat ook doet in haar vraagstelling, althans zo begreep ik het, tussen de officiële persberichten en wat er anderzijds of anderzins over in de media naar voren komt. Ik ga niet in op wat er anderzins in de media wordt medegedeeld en over officiële persberichten, daar ligt het wellicht anders, maar wat er allemaal verder in de media wordt gesmeten en verteld, daar gaan wij zeker niet op in.

Mr. Lauwaars: Ik dacht nu dat er door het antwoord op de vraag van de jongste rechter in zoverre duidelijkheid is geschapen. En dat is de gehele gedachtegang geweest, ook achter de vraagstelling van mijnheer Meijering en ook die van de rechtbank. We hebben dat voorzichtig gedaan, zoals dat de rechtbank past, ook omdat de heer Holleeder inderdaad hier niet terechtstaat. Wij krabten ons wel even achter het oor toen we in de media lazen dat meneer Holleeder niet vervolgd zou worden. Want de media zei namelijk: 'Kennelijk is er niet genoeg bewijs', kennelijk is dat zo naar buiten gekomen en wat je allemaal nog meer in de media voorbij hoort komen...

Nou ja, het verbaasde ons enigzins deze beslissing. We hebben er verder niets mee te maken, zeg ik nogmaals, maar waarom we er toch nog naar gevraagd hebben en dat zult u ook wel zien, is omdat de overtuiging waarmee de ernstige bezwaren tegen mijnheer Soerel voorstaat, 'voordraagt' zal ik maar zeggen, ook zou kunnen gelden, als je het dossier goed leest, als ernstige bezwaren tegen de heer Holleeder. Ik bedoel, laat ik het heel neutraal zeggen. En dat is wel van belang. Als u zegt, nou ja de ernstige bezwaren tegen de heer Soerel zijn zoals we die hier gehoord hebben, en die zijn volstrekt voldoende, nu al voor de voorlopige hechtenis, maar naar ik mag aannemen ook binnenkort voor het requisitoir, dan is de overtuiging waarmee u dat zegt niet zo goed te rijmen met eh... maar daar heeft u nu een antwoord op gegeven, ik wou het alleen maar samenvatten door te zeggen: 'Daar ligt het niet aan, maar niet in dit proces?'
(OMers schudden ja)
Mr. Lauwaars: Ok. Omdat u zegt: Dat zou dus danig vertraging en moeilijkheden opleveren dat we dat op die manier niet hebben gedaan, en hoe we dat anders gaan doen, daar heeft u op dit moment niets mee te maken?

Ovj Mr. Wind: Nou, ik wil er nog wel iets aan toevoegen, maar niet helemaal uit de doeken doen hoe we nou de zaak tegen Holleeder zien. Alleen aan de orde is, hoe zit het nou met Soerel, Holleeder zal op een ander moment veroordeeld moeten worden. Het enige wat van belang zou moeten zijn voor de rechtbank is: Hij is verdachte. Hij staat nu niet terecht. Dat hij verdachte is mag duidelijk zijn op basis van dit dossier, maar die ernstige bezwaren zijn niet 1 op 1 hetzelfde, er zit ook nog wel verschil in, maar we willen er nochtans niet op ingaan hoe dat dan in de zaak van de heer Holleeder zit nu hij hier niet terechtstaat.

Het enige moment, de enige situatie waarin het feit dat hij hier niet terechtstaat en de heer Soerel wel een rol zou mogen, kunnen en moeten spelen voor de leden van de rechtbank, is wanneer het zo zou zijn dat Soerel wel terechtstaat en dat ten aanzien van de rol van Holleeder zou worden besloten dat hij in deze zaak niet zou worden vervolgd, dan wel zou worden geseponeerd of op de plank worden gelegd. Maar die situatie is helemaal niet aan de orde. Als zou er sprake zou zijn van rechtsongelijkheid waarmee wij bij het toekennen van de straftoemeting rekening zouden moeten houden, maar die situatie speelt niet. Dus de simpelste antwoorden zouden zijn: 'Ja, hij is verdachte', en: 'Nee, hij staat nu niet terecht'.

Mr. Meijering: Het was niet opportuun om 'nu'...
Mr. Wind: Ja, 'nu'
Mr. Lauwaars: Nu. Als u dat erbij zegt. Dat zei u ook, dan...
Mr. Meijering: Ja, sorry, ik begrijp dat uit het betoog van het OM, dat is wel interessant.
Ovj Mr. Oppe: Nou, u gaat nu wat te snel. We hebben ook toegelicht waarom. Het gaat niet alleen om het woord opportuun. Het gaat natuurlijk ook om de motivering waarom het niet gelegd was om hem bij dit proces erbij te betrekken.
Mr. Wind: Opportuun dat zijn de woorden van meneer Meijering.

Mr. Lauwaars: Maar nog even. Ja, het één haalt het andere uit, maar dan weet ik het ook en dan hebben we ook rust, zeg maar. In de criminele organisatie die u de heer Soerel ten laste heeft gelegd speelde na enige navraag van de rechtbank de heer Holleeder een rol, en anderen. Anderen speelden meer een ondergeschikte rol en als ik u nu de ernstige bezwaren tegen de heer Soerel hoor optuigen, was meneer Holleeder toch wel op een heel ander niveau bezig, en anderen, dan over het algemeen verstaan wordt. Dus daarom wil ik heel graag weten wat het openbaar minis...
Mr. Wind onderbrak de voorzitter: Ja, dat is anders dan hoe wij het zien, maar daar kan mijn collega wel het een en ander over zeggen.
Mr. Lauwaars: Ja, ok.

Ovj Mr. Michiel van IJzendoorn: Ja, er is nog een opmerking over maken. Daar is al één opmerking sowieso al over te maken omdat u die vraag destijds stelde. Dat was nog voor de verklaringen van de heer La Serpe bekend waren. Het is ook een mooi voorbeeld van hoe zich dingen kunnen ontwikkelen. En als u de vraag stelt aan de hand van de dossiers, de moord op Houtman en de moord op Van der Bijl, kun je uit die informatie afleiden dat Holleeder een rol speelde in de 140 (criminele organisatie). Uit wat La Serpe heeft verteld, zou je kunnen denken dat Holleeder een wat prominente, wat meer leidinggevende rol had in de 140, maar dat is wat dat betreft iets waar nog over geoordeeld zal moeten worden. Zijn verdenking is er in ieder geval niet minder op. Dat sowieso niet. Maar dat was ook het antwoord van toen, even afgezet tegen de evaluatie over wat er toen over bekend was.

Mr. Wind: Ik wil er een ding aan toevoegen. Dat Holleeder en anderen daartoe gerekend worden, wil ook niet zeggen dat hij een leidinggevende rol toebedacht krijgt van ons. Het is eigenlijk een technisch ding op de 140-tenlastelegging, het stukje van de organisatie welke er nou feitelijk leiding heeft gegeven, dat is eigenlijk net zo'n stukje waar je ook medeplegen in omschrijft. Tenminste, zo gebeurt dat meestal. Dus ik durf hier wel te zeggen, als Holleeder een rol toebedeeld krijgt in een criminele organisatie, dan is het geen ondergeschikte.
Mr. Lauwaars: Ok, nou ehm..

Mr. Wind: Ja, weet u, ik wil graag één ding... Ik hoop ter afsluiting hier, de reden waarom wij, telkens als de rechtbank hier vragen over stelt dat eigenlijk heel vervelend vinden en er eigenlijk niets over willen zeggen, is dat we eigenlijk vinden dat het totaal niet gepast is om op een openbare zitting, die ook nog eens ongelovelijk veel media-aandacht trekt, bij tijd en wijle, te gaan zitten discussiëren met partijen en het OM allerlei informatie te ontlokken over de verdenkingen tegen een verdachte die niet terechtstaat, die niet aangehouden is en die verdachte moet dat dan toch allemaal maar in de media lezen.

Mr. Lauwaars: Maar mevrouw, sorry hoor, maar dat kan wel zo zijn, maar ik vind het ook vervelend, 'collateral damage' zou ik het bijna willen noemen, dat het dan over meneer Holleeder gaat, maar het is voor het beeld dat het OM, want dat wil de rechtbank weten, wat het beeld is bij het OM van die criminele organisatie en de rol van de heer Soerel daarin. En daarbij kunt u zich toch wel voorstellen dat de naam van Holleeder die hier en daar toch vrij prominent naar voren komt eigenlijk niet los gezien kan worden. En in uw opsomming van de ernstige bezwaren hebben we dat eigenlijk nu vanochtend bevestigd gehoord, officiëel bevestigd gehoord, want dat was het statement van het openbaar ministerie. En dan is het toch bijna niet anders te doen dan, ja, wil je de positie van mijnheer Soerel inschatten en de organisatie inschatten en wat de motieven zijn, en ja daar hebben we veel over gelezen, daar komt de naam van de heer Holleeder... nou ja, die valt niet te vermijden. En dat we het dan hebben over iemand die hier niet terechtstaat, zeg ik dan nogmaals, is in mijn ogen collateral damage. Het is te betreuren, maar het valt niet te vermijden.

Ovj Mr. Wind: Ja, dat begrijp ik, en ik begrijp ook dat de rechtbank duidelijkheid wil over die vragen, en die hebben we ook zoveel mogelijk gegeven, maar probeer ook een beetje begrip te hebben waarom wij...

Mr. Lauwaars: Uiteraard, uiteraard, dat hebben we ook wel, we zien dat ook wel. Maar aan de andere kant, voor een rechtvaardige beoordeling van de tenlastelegging en de verdachte in de zaal, zullen we toch in hoeverre het van belang is daar naar moeten vragen. En dat hebben we ook gedaan.

Mr. Nico Meijering: Dat is overigens, voorzitter, vanuit de positie van uw rechtbank. Maar waar het openbaar ministerie volstrekt langsheen gaat, is dat hier ook nog een verdachte zit die natuurlijk door geen rechtskundige meer valt uit te leggen en tot nu toe ook niet uit te leggen is geweest waarom hij wel vervolgd wordt, terwijl als we dit dossier bezien en wij hebben het eigenlijk allemaal bezien, en u vervolgens Holleeder niet gaat vervolgen. Hij is er later in gekomen, Holleeder had er later in kunnen komen, en dat is een vraag die bij Soerel, zijn familie, zijn naasten, maar ik denk ook wel bij anderen die dit proces volgen speelt, en dan beantwoord u die vraag met: Die vraag kan ik niet beantwoorden want we vervolgen niet. Waarom wordt hij niet vervolgd, Holleeder? Die vraag kan ik niet beantwoorden, want ik vervolg niet. Nou ja, daar moeten we het dus mee doen...

Mr. Lauwaars: Akkoord. Iedereen heeft zo'n beetje z'n gevoelens erover laten zien, als niemand meer wat te vragen heeft, stel ik voor te pauzeren tot 13.00 uur.

Wordt vervolgd...

Bondtehond

dinsdag 20 maart 2012

'Als de tijd rijp is, dan zal de heer Holleeder de eerste zijn die dat gaat merken'

Het openbaar ministerie reageerde maandagochtend met een eerste gedeelte op het opheffingsverzoek voorlopige hechtenis van Dino Soerel dat door Mr. Nico Meijering  is voorgedragen tijdens vorige twee zittingen. Voor het OM daaraan begon ontstond er echter wat consternatie over de afwezigheid van verdachte Jesse Remmers. Mr. Sander Janssen protesteerde dat zijn cliënt vanmorgen niet was aangevoerd op transport met het BOT-team, terwijl hij wel had verzocht of Remmers aanwezig kon zijn tijdens deze zitting. De raadsman had hierover contact gehad met de bevolkings-afdeling van de EBI in gevangenis Nieuw Vosseveld te Vught, die hem te kennen had gegeven dat alle transporten al op 7 maart voor de rest van de maand waren afgezegd.

                             Foto's kopen BNers? : ishootpeople.nl

Mr. Sander Janssen: Dus kennelijk beschikt het OM over een extreem vooruitziende blik als het gaat om de mogelijkheden of onmogelijkheden om aangevoerd te worden. Hoe moeilijk kan het nou eigenlijk zijn als je dit al jaren doet en terwijl Remmers bijna iedere zitting aanwezig is geweest? U zult uit de media wel hebben vernomen dat er nieuwe ontwikkelingen zijn, en daar wil ik ook graag een standpunt over innemen. Ik vind dat meneer Remmers hier gewoon moet zijn. Ik begrijp niet waarom het OM na een 3 jaar lange staande praktijk nu ineens dit naar voren gaat brengen en gaat zeggen: "Het is niet mogelijk om hem aan te voeren". Ik geloof dat ook gewoon niet, en ik vind dat meneer Remmers hier naar toe moet komen. En zou het OM volharden in het standpunt de heer Remmers niet te willen ophalen, dan verzoek ik de rechtbank dit te bevelen. Want je kunt wel stellen dat een transport naar een zitting niet naar de gratie of de wens van het OM plaatsvindt, maar dat de heer Remmers het recht heeft en ook een belang om hier te zijn. Ik bedoel niet dat we de zitting dan maar moeten uitstellen, zo flauw wil ik helemaal niet zijn, maar ik vind wel dat hij moet komen. Dank u wel.

Zeker nu er wat nieuwe ontwikkelingen zijn in verband me met de 1,4 miljoen euro die La Serpe zou ontvangen voor zijn verklaringen, want daar doelde de raadsman natuurlijk op, wilde Mr. Janssen dat zijn cliënt op z'n minst bij eventuele besprekingen daarover aanwezig zou kunnen zijn.

Volgens officier van justitie Mr. Betty Wind ging het allemaal om een logistiek probleem en kon Jesse Remmers daarom vandaag niet worden aangevoerd via het zwaarbewaakte BOT-transport zoals gewoonlijk. Transporten moeten ruim van te voren worden ingepland en voor de zittingen van deze maand waren geen invullingen, behoudens de zitting van vandaag waar alleen de reactie van het OM op het opheffingsverzoek van Soerel zou dienen. Dat betekent dat alle oproepen, behalve voor Soerel, ingetrokken zijn. Dat Jesse Remmers op andere zittingen steeds wel aanwezig kon zijn, want dat vergde immers allemaal extra personeel en voorzorgsmaatregelen en/of  randmaartegelen, daarover moest de heer Remmers juist heel erg blij zijn dat dat zo vaak gelukt is, aldus Wind. En nu niet, voegde ze daaraan toe.

Mr. Betty Wind: En dat staat los van de mededeling dat dat Remmers voor de rest van de maand niet op de agenda staat, want dat kan veranderen als er iets is waar Remmers wel een rol in speelt. Maar voor vandaag is dit de stand van zaken. Het zit er voor vandaag niet in.

Rechtbankvoorzitter Mr. Lauwaars: Ok.

Mr. Sander Janssen lichtelijk geïrriteerd nu: Ik vind dit werkelijk te gek voor woorden. Kennelijk is het toch niet de logistiek, want ik hoor net dat het al maanden van te voren is afgezegd, dus helemaal niet 'feitelijk onmogelijk vandaag'. Het is al lang geleden gecanceld. Er is een ontwikkeling die u allemaal meegekregen zult hebben over meneer La Serpe die ik nogal van belang vind. Daar heb ik al een en ander over gezegd. Ik wil daar graag een standpunt over innemen, maar ik laat dat volledig bij uw rechtbank wanneer u dat zou willen. Want het is wel thematiek die eh... (iemand in de rechtszaal grapte: "Maar wel vandaag...")
Mr. Janssen lachend: Ja, hahaha, inderdaad, maar wel vandaag graag... (gelach in de zaal en op de tribune)
Mr. Lauwaars glimlachte: Hehe, nee, dat vind ik wel een vrolijke...

Mr. Janssen: Ja, op zich wel heel graag, want ik heb er nogal wat tijd in gestoken en ik vind het wel een belangrijk punt, zeker gezien de fase van het proces waar we nu in zitten. Als u zegt het OM kan nu reageren op de kwestie Soerel, ik weet niet hoe lang het OM daarvoor nodig heeft, maar ik zou graag een moment willen om mijn standpunt daarover kenbaar te maken en vanaf dat moment zou de heer Remmers er moeten zijn. En het gaat er bij mij echt niet in, en dan loop ik alvast vooruit op mijn betoog, ik weet niet of het allemaal onmogelijk is en of het niet gaat lukken om de heer Remmers aan te voeren. Het is geen onmogelijkheid, het is een keuze. Ik vind dat meneer er moet zijn. Ik wil graag de gelegenheid dat standpunt kenbaar te maken en ik verzoek uw rechtbank dus ook bij deze de heer Remmers op te roepen nu. Nou ja nu, in ieder geval dat u beveelt dat hij moet gaan komen, zodat hij aanwezig kan zijn wanneer de nieuwe problematiek rondom La Serpe ingeleid kan worden, want ik heb daar wel wat over te vertellen.

Om een lang verhaal kort te maken, Mr. Lauwaars vroeg aan het OM wat het nou was: Aan de ene kant beroept het OM zich op een formeel standpunt, het betreft een zaak die geen betrekking heeft op meneer Remmers en anderzijds zegt u, het kan gewoon niet. Het is onmogelijk voor het personeel vanwege het technische. Welke is het nou? Ik kan me herinneren dat de heer Remmers er ook bij was toen meneer Meijering zijn uitgebreidde pleidooi hield. Dus toen heeft u dat formele bezwaar niet aangevoerd. Dus het concentreert zich, als ik het zo mag zeggen, op die technische kant dat het gewoon niet mogelijk is?
OvJ Mr. Wind: Beide...
Mr. Lauwaars: En dus zegt u, het is omdat het meneer Remmers niet direct betreft
Mr. Wind: Ja, het betreft de heer Remmers geheel niet. Het is een verzoek van de heer Soerel.
Mr. Lauwaars: Ok, nou goed, de rechtbank is dacht ik wel voldoende voorgelicht.
Mr. Wind: We hechten er wel zeer aan dat we vandaag wel toekomen aan waar we voor gekomen zijn...
Mr. Lauwaars: Nou, ik kan u zeggen dat de rechtbank er ook zeer aan hecht. Zoals altijd komt er weer van allerlei sprokkelhout op de weg voor we daar aan toe zijn. Dus we zullen daar verder over gaan beraden wat er over wordt beslist.

Rechter Mr. Tarlavski: Mijnheer Janssen, nog heel even. U belang is, de heer Remmers moet komen, want ik wil graag een standpunt innemen en een verzoek indienen. Dat is uw belang dat hij er bij is?

Mr. Janssen: Nou, het belang is tweeledig. Meneer Remmers wilde graag aanwezig zijn bij de reactie van het OM inzake de heer Soerel, en dan kunt u zeggen, hij is strikt genomen zeggen hij is daar niet bij betrokken, maar dat is niet helemaal juist want het betreft natuurlijk ook zaken waarin hij verdachte is en waar standpunten zijn ingenomen door mijnheer Meijering en zullen worden ingenomen door het OM, die ongetwijfeld ook in de zaak van de heer Remmers van belang zullen zijn. Dat is het ene belang. Het andere belang is inderdaad dat ik, zoals u inmiddels wel heeft begrepen, dat ik met stomme verbazing kennis heb genomen van berichtgeving in de media, die u ook kent wat daar over gezegd is, en dat ik in dat kader van het grootste belang vind, zeker met oog op de tijd die ons nog rest, om ons op zo kort mogelijke termijn tot uw rechtbank te kunnen richten en inderdaad verzoeken te doen omdat ik daar opheldering in wens te krijgen.

Rechter Mr. Tarlavski: U gaat er daarbij dus vanuit dat u daar vandaag gelegenheid voor krijgt en daarom moet de heer Remmers erbij zijn? U koppelt dat aan verzoeken die u aan de rechtbank gaat doen en daarnaast beroept u zich ook op de praktijk die in Passage zo gegroeid is dat cliënten als belangstellende aanwezig mochten zijn als zaken van anderen dienden?
Mr. Janssen: Ja, ik vind het bijna pesterij om iemand in die laatste 4 of 5 dagen die er nog staan van de 3 jaar er niet bij te laten zijn. Ik begrijp er helemaal niets van.
Mr. Lauwaars: Ok, de rechtbank trekt zich in ieder geval terug en zal een beslissing nemen.


De rechtbank kwam terug na een kort beraad.
Beslissing door Mr. Lauwaars: De rechtbank is voornemens voorrang te geven aan de reactie van het openbaar ministerie in de zaak Soerel. En nou weten we niet hoe lang dat zal duren, mevrouw, want wat via de media tot ons gekomen is en waar belangstelling voor is, in ieder geval van de kant van mijnheer Janssen, en ik denk ook wel van mijnheer Van der Werf, dat moet natuurlijk ook aan bod komen. Maar of dat vandaag aan bod komt, dat hangt af van hoe lang u daarvoor nodig denkt te hebben, voor het voorlopige hechtenis verzoek van de heer Soerel. Dus daar zou ik graag iets meer over willen weten.

OvJ Mr. Wind: Mijnheer de voorzitter, ons eerste punt zou eigenlijk zijn geweest, voor meneer Janssen met zijn punten op tafel komt, om u te zeggen dat we voor die reactie op het verzoek van Soerel ook een dag extra nodig zullen hebben. Dus we gaan het nog niet eens redden vandaag. Mijnheer Meijering heeft 9 maanden gewerkt aan de voorbereiding van dat verzoek, en het heeft al twee keer op de agenda gestaan en is iedere keer weer uitgesteld. Hij is twee volle dagen aan het woord geweest en heeft een pleitnota van zo'n 500 pagina's daarbij doorgenomen, daar staat nogal wat in, dat schreeuwt om een reactie. We zitten vlak voor het requisitoir, we hebben toch gemeend er goed aan te doen om daar niet met hele grote stappen, snel thuis op te reageren, dus we hebben een behoorlijk gedetailleerde reactie opgesteld, wat overigens ook concreet een verzoek van de rechtbank is geweest aan het openbaar ministerie, dat is een omvangrijk verhaal, waar we vandaag niet eens helemaal doorheen zullen komen, dus ons verzoek is om donderdag aan te wijzen.

Mr. Lauwaars: Iets preciezer. Donderdag, hoe lang denkt u nodig te hebben?
Mr. Wind: Een dagdeel. Ja, mits we kunnen beginnen en niet zoals vandaag allerlei andere dingen, eh... thema's tussen komen.
Mr. Lauwaars: Ja, nee, dat is duidelijk.
Mr. Wind: We hebben het laatste stukje overigens nog niet helemaal klaar, maar we denken niet een hele dag nodig te hebben. Wel zouden wij graag spontaan ook wel wat willen zeggen over de berichtgeving die ons gisteren in het NOS-journaal verraste.

Mr. Lauwaars: Ja, de rechtbank geeft er, tenzij er bezwaren zijn om dat niet te doen, toch maar de voorkeur aan het antwoord in de zaak Soerel, omdat het zoals u weet het laatste jaar van de incidenten wemelt, laat ik het maar gewoon niet zuinig zeggen, en wij tekens ook weer de agenda daardoor moeten aanpassen. En we moeten ook vasthouden aan de gang van zaken die voor de rechtbank, maar ook voor iedereen zeg maar, helder is. Het opheffingsverzoek in de zaak van de mijnheer Soerel is nu van belang en dient daarom met voorrang behandeld te worden. Zonder de anderen te kort te doen. Dat dat onderwerp weer op de agenda komt, ik zeg expres 'weer', dat zal duidelijk zijn. Dus daar willen we ons toch op concentreren. Het zou kunnen zijn dat we dat naar donderdagmiddag plaatsen, om 13:00 uur. Ik probeer het ook maar in te schatten, maar dan kunnen we ook iedereen oproepen, want om daar nu nog mee te beginnen...

Mijnheer Janssen, ik richt me met name tot u, het niet oproepen in de zaak Soerel had er dus mee te maken dat het OM uitstel had gevraagd. De oproepen zijn welliswaar ingetrokken, maar dat was een praktische maatregel omdat het de zaak betrof van de heer Soerel alleen. Dat is ook de grond onder de beslissing, zeg maar, om de heer Remmers niet te laten halen vandaag, zeg ik het maar in gewoon Nederlands. Dat is ook de wijze waarop je de voorlopige hechtenis voorlegd. We vinden het ook jammer dat ie er niet is, dat ie niet kon komen, dat laten we wel weten, want we hebben in dit procer al vaker over gesproken, of het mogelijk zou zijn, en we hebben dat als rechtbank ook proberen te bevorderen, maar we gaan daar niet over en dat u vandaag niet aan uw verzoeken toekomt is omdat we onze agenda nu zo inrichten dat we voorrang geven aan het antwoord van het OM. Dat is eigenlijk de inhoud van de beslissing inzake meneer Remmers. Ware het zo dat we u het woord hadden gegeven, dan hadden we ook geprobeerd daar te komen en daarom wou ik weten of het openbaar ministerie vandaag de hele dag nodig hadden. Dan heb ik geloof ik wel het achterste van mijn tong laten zien, zeg maar. Hehe, nee maar dat moet ook wel, want er moet transparantie betracht worden. Dus, de gedachte is nu van de rechtbank om donderdag 13.00 uur te beginnen met het onderwerp waar gisteren aandacht voor is geweest in de media. Iedereen zal er mischien wat over willen zeggen, dat begrijp ik ook wel.

Mr. Janssen: Nou voorzitter, ik kan het heel kort houden. Als dat de beslissing is van de rechtbank, dan leg ik me daar gewoon bij neer. Maar dan ga ik er vanuit dat het OM ook niet tussen neus en lippen door vandaag... 
Mr. Lauwaars: Nee, dat hadden we ook liever niet.
Mr. Janssen: Dan ga ik de zittingszaal verlaten, want zonder de heer Remmers zie ik niet veel toegevoegde waarde in mijn aanwezigheid.
Mr. Lauwaars: Op zich jammer, uw opgewekte aanwezigheid zal gemist worden, het is jammer.

Ovj Mr. Wind gaat de transporten voor alle verdachten regelen voor aanstaande donderdagmiddag, behalve voor Soerel, die reeds in de ochtend komt.

Mr. Lauwaars: Blijft u nog even staan of zitten, want we hebben nog een punt. Er is een brief binnen gekomen van meneer La Serpe en die heeft om spreektijd verzocht op 29 maart. Maar dat willen we dan ook verplaatsen naar donderdag a.s., omdat die 29e ingegeven was door ons, van als u nog verzoeken heeft dan moet dat voor het requisitoir. Dat doet ie nu, dus we willen meneer La Serpe dan ook donderdag zijn woordje laten doen. We kijken dan of we dat allemaal aan de gang kunnen krijgen die hele problematiek en dan donderdag om 13.00 uur. Ja, niet de kwestie rond de heer Soerel, die discussie wil dan nog niet gesloten zijn, want we hebben nog repliek en dupliek. Dat hangt er vanaf, of eh...

Mr. Nico Meijering: Nou, dat was eigenlijk een opmerking, overigens dat vond ik nogal fascinerend, hoe Mr. Wind wist dat ik 9 maanden daaraan gewerkt heb, maar mischien hoor ik dat dadelijk nog wel eventjes, maar ja, dat was een hele bevalling...
Mr. Lauwaars: Ja, hahaha... een mooi kind.
Mr. Meijering: Haha, zeker. Nee, maar even voor cliënt in alle serieusheid, want dat was toch wel enigzins teleurstellend dat het een weekje is uitgesteld, maar cliënt zit toch wel in die zin op hete kolen, dus als u vandaag mischien nog kunt aangeven hoe u dat nu verder ziet. Het is nog maar de vraag natuurlijk of de verdediging gebruik wil maken van die 2e termijn, maar als u daar iets over kunt zeggen hoe u dat verder ziet, graag.

Mr. Lauwaars: Dat wordt dan 29 maart. Of 26? Nou, we kijken tijdens de koffiepauze of de lunchpauze maar even verder welke datum dat zou worden, want dat moet zeker gebeuren, repliek en dupliek, maar daar moeten we dan maar even een datum voor uitkiezen. Het is toch ook belangrijk om dat andere onderwerp niet al te lang uit te stellen, dus dat is dan donderdag. Ja? Zo een beetje orde in de chaos geschapen?

Mrs. Janssen, Malewicz en Tuinenburg vroegen of zij de zaal konden verlaten. Dat mocht van Lauwaars, en de raadslieden verlieten daarop meteen de rechtszaal. Als op commando stonden ook de meeste aanwezige heren en dames journalisten op nu vaststond dat er vandaag in de bunker-rechtszaal niets meer over de 1,4 miljoen gezegd zou worden. De verdediging, met name die van Jesse Remmers, zat dus tevergeefs in de strartblokken het OM eens flink aan de tand te voelen over hetgeen gisteren door de NOS naar buiten werd gebracht. Teleurgesteld dropen de meeste journalisten af. "Sensatiebakken" siste iemand achter me...

Intresse in de reactie van het OM op het opheffingsverzoek van Meijering was er dus kennelijk weinig tot niet. Dan heb ik denk wel nieuws nu samen met het ANP. Je bent dan zomaar bijna de enige die de middag wel compleet heeft uitgezeten. Natuurlijk zat ANP-journalist Peter Elberse zoals gewoonlijk ook mee te tikken op zijn iPad in de journalistenkamer en later keerde hij juist op het goede moment terug op de tribune. Want intressant was het wel wat het OM vervolgens vertelde over Willem Holleeder. Intressant genoeg om te zeggen dat je weet antwoorden te hebben gehoord op een aantal vragen die leven bij veel mensen. Onder andere de vraag waarom men nou Holleeder niet vast houdt  en Soerel wel. Waar is men nu toch mee bezig bij het OM? Dacht eigenlijk niet half Nederland dat Holleeder meteen aansluitend aan zijn detentie voor o.a. afpersing weer de bak in zou draaien ivm liquidaties? Wordt Holleeder nu opgepakt of niet? Binnenkort, of pas over een tijd? Is het nu de vraag; wel of niet? Of is het meer de vraag; wanneer precies?

Mr. Wind zei er het volgende over, na het voordragen van de reactie van het OM (waar ik later op terugkom) en nadat de voorzitter Mr. Wind er op wees dat ze eerder had aangegeven iets over Holleeder te zullen gaan zeggen. De rechtbank was ook wel benieuwd.

Mr. Wind: Zoals eerdere keren, voorzitter, heel kort. Ik ga hier ook niet uitbundig uit de school klappen. Zeker niet. Maar vanwege wat er in het betoog van de heer Meijering is aangevoerd over meneer Holleeder over beslissingen die het OM zou hebben genomen, toch wel een korte reactie. De verdediging heeft de vraag opgeworpen waarom Holleeder niet wordt vervolgd en Soerel wel.
Mr. Meijering: Krijgen we het van u op papier?
Mr. Wind: Nee natuurlijk niet.
Mr. Meijering: Ehm ja, ik vond het nogal belangrijk, dus vandaar, ik schijf niet zo snel.
Mr. Wind: Ik heb het niet op papier staan. Ik ga er helemaal niet zoveel over zeggen.
Mr. Meijering: Nee, maar mischien dat u iets langzamer zou kunnen...
Mr. Wind: Ik kan u niet aan papier helpen. De verdediging heeft dus de vraag opgeworpen waarom Holleeder niet wordt vervolgd in dit proces en Soerel wel en meent impliciet te kunnen stellen dat er sprake is van rechtsongelijkheid. Mischien niet impliciet, maar ook wel expliciet meent te kunnen stellen, want er wordt ook gesteld dat 'het OM heeft besloten' Holleeder niet te vervolgen. En dat is wel een opmerking die triggert tot een reactie. Dat heeft het openbaar ministerie namelijk helemaal niet besloten. En al helemaal is er niets gezegd waaruit dat zou kunnen worden afgeleid.

Het enige is, is dat Holleeder niet in dit proces is meegenomen, en dat is veel eerder een samenloop van omstandigheden, die daar aan ten grondslag heeft gelegen dan een welbewuste keuze of beslissing. Er is zelfs iets geopperd dat Holleeder mischien iets heeft dat Soerel niet heeft, of andersom. Dat soort mechanismen, of dat soort gedachten zijn volstrekt niet aan de orde. U kunt er zonder meer van uitgaan dat wanner wij bij aanvang van de deal met La Serpe ook de verklaringen van La Serpe tegen Holleeder ter beschikking hadden gekregen, u weet wij kenden die verklaringen ook niet, en al hadden we ze gekregen, ze waren niet bruikbaar geweest voor ons, was die situatie anders geweest. En dat kunt u gerust van ons aannemen, dat er dan ook tegen Holleeder een gerechtelijk vooronderzoek zou zijn gevorderd. Net zoals dat is gebeurd tegen alle andere verdachten waarover La Serpe wel op relevante wijze melding van maakte. Er zijn ook gerechtelijke vooronderzoeken begonnen tegen verdachten waar verder niets aan bezwaren was te verzinnen, behoudens die verklaringen van La Serpe.

Die gerechtelijke vooronderzoeken dienden er dan ook toe om nou nu juist in die zaken uitvoerig onderzoek te gaan doen. De situatie, en daarover wil ik ook niet helemaal uit de school klappen, was ten tijde van het starten van dit onderzoek en ten tijde van het aanhouden van verdachten in dit onderzoek, voor wat betreft de ernstige bezwaren die er op dat moment tegen Holleeder waren, niet zo dat nou voor de hand lag, om zonder dat La Serpe over hem verklaarde in dit proces, mee te nemen. Ik wil er ook geen geheim van maken dat het dossier ook van alles over Holleeder bevatte. Het onderzoek heeft voortdurend de antennes ook daarop gericht. Vanaf het moment dat duidelijk werd wie we in dit proces gingen vervolgen en wanneer, was er eigenlijk geen aanleiding om Holleeder op dat moment er in mee te nemen. Er is wel gaandeweg wat bij gekomen, en nu wil de raadsman graag het beeld opwerpen en dat doet de media ook een beetje aan mee, mischien zelfs ook een heleboel, als zou er tegen Holleeder hééééél veel meer bewijs zijn dan de arme cliënten van het kantoor Meijering, zo vertaal ik het dan maar eventjes. En dat is eigenlijk niet de situatie.

U hoort mij ook niet zeggen dat er niets is. U heeft ons ook meerdere keren openlijk horen zeggen dat Holleeder verdachte is in zaken waar we het hier vandaag over gehad hebben onder meer. Dat is zo en dat blijft zo. En wat ik er ook nog wel over kwijt wil is, dat het op geen enkel moment, toen niet, tussentijds niet en ook nu niet, de bedoeling is geweest om Holleeder te vrijwaren van nader onderzoek als daartoe aanleiding is. Wat ook heeft meegespeeld dat op het moment toen La Serpe over Holleeder kwam te spreken, en ik ga hier echt niet uit de doeken doen wat er nou aan ernstige bezwaren tegen hem zouden zijn, maar dat moment dat La Serpe alsnog over hem kwam te spreken, dat was in oktober 2011, nou, als we het op dat moment hadden gedaan, dan hadden we niet over 3 weken ons requisitoir gehad, was onze inschatting geweest.

Waar het bij dit proces om gaat, en verder vind ik dat ik er ook niet meer over moet zeggen, want zoals al eerder opgemerkt, als de tijd rijp is, dan zal de heer Holleeder de eerste zijn die dat gaat merken, dat het op geen enkel moment de bedoeling is geweest of de bedoeling gaat zijn, hem te vrijwaren van verdere stappen. Zijn rol, zoals u dat in dit dossier tegenkomt, daar zult u een blik op moeten werpen, dat zult u moeten inschatten of die rol samenhangt met andere verdachten, maar de rol van de verdachten die nu in dit proces terechtstaan, zult u moeten beoordelen op hun eigen meritus en dat oordeel zou niet beïnvloed moeten worden door het feit dat Holeeder nu in dit proces nu niet terecht staat. Dat zou anders zijn als Holleeder van ons een toezegging zou hebben gehad dat er een feitelijke beslissing zou zijn genomen dat hij om wat voor reden dan ook de dans gaan ontspringen, maar dat is volstrekt niet aan de orde. Daar wil ik het voor dit moment bij laten. Dank u wel.

Hetgeen Mr. Betty Wind tot slot over Holleeder voordroeg, dus niet vanaf papier, riep wel vragen op bij de rechtbank. Het was helemaal aan het einde van het eerste gedeelte van de reactie van het OM op het opheffingsverzoek van Soerel. De rechters gingen daarom even in beraad, maar besloten de vragen te bewaren voor een later moment. Wel merkte de rechtbank op dat haar was opgevallen dat het OM zo weinig woorden heeft gewijd aan de Bethlehem-kwestie, waar vele dagen over gesproken is. Daar had de rechtbank meer over verwacht. Bijvoorbeeld of dat nog invloed heeft op de betrouwbaarheid van meneer La Serpe, of niet, en wat vindt het OM daar nu eigenlijk zelf van? Dus daar zou de rechtbank in het kader van het opheffingsverzoek toch wel wat meer over willen horen.  Het tweede punt is dat er erg veel tijd is besteed aan het weerleggen van de argumenten van de heer Meijering, zonder dat het de rechtbank duidelijk werd wat het OM daar nu eigenlijk zelf van vindt. Dus daar worden waarschijnlijk antwoorden op gefomuleerd door het OM. Ook Meijering had nog twee vragen, maar ook die worden donderdag beantwoord.

(Ik kom nog terug op de reactie van het OM. Het tweede gedeelte is zoals gezegd donderdagochtend.)
Donderdag dus verder. Iets vroeger dan normaal. De zitting begint reeds om 9.00 uur.

Bondtehond
Aangepast zoeken