vrijdag 17 juni 2011

'De rechtbank komt tot het volgende besluit: Heft voorlopige hechtenis op'

Een blijde gebeurtenis donderdagochtend in de Bunker voor verdachte Pinny Song en haar familieleden. Na ruim 3,5 jaar is zij dan eindelijk vrijgelaten uit voorlopige hechtenis. De rechtbank begon de zitting met deze uitspraak en meteen daarop werd Pinny Song gefeliciteerd door haar raadsman Mr. Stijn Franken. Op de tribune werd vooral gejuicht door een zoon en de man van Pinny. Hier en daar werd vervolgens een traantje weggepinkt van opluchting. Pinny was er zelf ietwat beduusd onder en liep bijna in trance en zonder om te kijken de rechtszaal uit, maar niet voordat zij de andere aanwezigen in de zaal, Dino Soerel en zijn raadslieden Mrs. Nico Meijering en Leon van Kleef, ook nog even de hand had geschud.


Rechtbankvoorzitter Mr. Lauwaars zei: De rechtbank komt tot het volgende besluit: Heft de voorlopige hechtenis op. U mag uw rechtszaak in vrijheid afwachten.

De rechtbank kwam tot dit besluit omdat Pinny uitsluitend op grond dat de rechtsorde ernstig geschokt zou zijn vastzit. De rechtbank vindt dit niet voldoende. Tevens vindt de rechtbank van belang dat de onderwerpen steeds verder van de Song verweten gedragingen verwijderd raken naarmate de voorlopige hechtenis langer voortduurt.

Na de uitspraak van deze tussenbeslissing ging de zitting verder met de reactie van het openbaar ministerie op de onderzoekswensen die Mrs. Meijering en Van Kleef hadden voorgedragen tijdens de zitting van donderdag 9 juni.

Officier van justitie Mr. Michiel van IJzendoorn nam het eerste gedeelte voor zijn rekening.

Gewenste/ongewenste stukken. (samenvatting)

Het OM reageert op het verzoek van de verdediging om geen acht te slaan op sommige stukken uit het Kolbak-dossier. Men is daar nogal verbaast over omdat de verdediging eerder had gevraagd het totale Kolbak-dossier toe te voegen. In het korte tijdsbestek dat men had, heeft het OM gedacht er goed aan te doen het 'kantoor-incident' met betrekking tot 'afpersing Endstra' uit Kolbak-dossier in zijn geheel toe te voegen. Daar maakt de verdediging nu dus bezwaar tegen, maar volgens het OM zou dat niet goed onderbouwd zijn. Ook is het lastig een grens te trekken omdat er verklaringen zijn afgelegd over meerdere thema's. Daar komt bij dat de verwachting is dat welke selectie het OM ook zou maken dat die keuze op bezwaren van de verdediging zal stuiten, aldus Mr. Van IJzendoorn.

I Toevoeging stukken (integraal)

De verdediging van Dino Soerel heeft tijdens de zitting 9 juni de rechtbank verzocht het OM op te dragen om een reeks stukken toe te voegen. Deze stukken staan onder Stukken I genoemd.

Lees hier de reactie van het OM. 

Vervolgens ging Mr. Michiel van IJzendoorn in op de verzoeken tot het het horen van de diverse getuigen.

II  Getuigen. (samenvatting)
a De heer Abraham Moszkowicz.
Omdat Mr. Moszkowicz op 3 februari 2006 schreef niets met 'het kantoorincident' van doen te hebben gehad, kan er, zonder dat er een verdedigingsbelang wordt geschaad, van de getuigen worden afgezien.

b De anonieme getuige C.
Omdat de rechtbank reeds heeft bepaald dat zij de verklaring van anonieme getuige C niet ambtshalve zal gebruiken, kan afgezien worden van het verhoor van deze getuige.

c De heer J.G. van der Bijl op ziting.
Deze getuige is recentelijk (12 mei 2012) gehoord bij de rechter-commissaris. Er is op punten niet doorgevraagd waar de verdediging Van der Bijl nu over wil horen op zitting. Het OM is van mening dat van de getuige, zonder dat er een verdedigingsbelang wordt geschaad, kan worden afgezien.

d De verbalisant B. Gietema.
De verdediging voerde een aantal redenen aan om Dhr. Gietema als getuige te horen, onder meer over de vraag wanneer het Baja/BED onderscheid en het feit dat La Serpe sprak over BED bekend is geworden bij de recherche en het OM. Het OM is van oordeel dat met hetgeen ter zitting is medegedeeld en wat Gietema daarover heeft geverbaliseerd al duidelijk maakt hoe de gang zan zaken is geweest. Er is een en ander uitgezocht, maar dat is niet of onvoldoende naar de teamleiding doorgekoppeld en daarmee is het belang destijds onvoldoende onderkend. Uit de woordkeuze 'het is ergens blijven zweven' volgt al het antwoord op de vraag wanneer het bekend is gemaakt bij het Openbaar Ministerie, namelijk: niet. Een nader verhoor van de heer Gietema kan daar volgens het OM niets aan toevoegen. Het verhoor moet worden afgewezen, aldus Mr. Van IJzendoorn.

e De Baja Beach Club verbalisant.
Wat zojuist is aangevoerd bij dhr. Gietema geldt evenzo zeer voor het verzoek tot het horen van deze getuige. Het verzoek moet worden afgewezen.

De heer Danny Kuiters
+
g De heer Dick Vrij.
Dino Soerel stelt zich te kunnen herinneren dat de heren Kuiters en Vrij iets kunnen verklaren over de gestelde afloop van de relatie tussen Holleeder en Soerel. Dit vormt volgens het OM geen reden om deze personen in het Passage-proces als getuige te horen. Gesteld noch gebleken is dat deze getuigen iets kunnen verklaren dat in ontlastende zin, rechtstreeks èn concreet van belang is in het licht van de aan Soerel in Passage verweten gedragingen.

h De heer F.H (Ferry) de Kok.
Het Om stelt voor dat eerst de gevraagde RC-verklaringen van 2 december 2010 aan de verdediging wordt verstrekt. Als er dan nog vragen resteren, kan de verdediging gemotiveerd alsnog verzoeken om een verhoor van getuige De Kok.

III
Mr. Van IJzendoorn: Onder III heeft de raadsman een uitgebreid betoog gehouden over naar zijn oordeel werkende 'mechanismen', die maken dat het water hem aan de lippen staat en dat de verdediging van Soerel goeddeels onmogelijk is. Dit betoog behoeft naar ons oordeel thans geen verdere bespreking. Het gestelde oogt als een eenzijdige perceptie en selectieve weergave van hetgeen tot dusverre in het Passage-proces aan de orde is geweest.

Aan het gestelde worden geen nadere concrete verzoeken gekoppeld zodat ook om die reden verdere bespreking achterwege zal blijven., behoudens de opmerking dat de in dit deel verwerkte notie als zou er 'zo veel mogelijk richting een veroordeling gewerkt worden' volslagen misplaatst is. In het licht van de wijze waarop de verdediging de afgelopen jaren gevoerd is, past de geschetste rol van (vermeende) 'underdog' ook bepaald niet.

Mr. Hans Oppe ging tot slot nog in op het Baja/BED onderscheid. Lees hierover op Crimesite.

Na een beraad werd er nog stevig gediscussiëerd over de onderzoekswensen, maar vooral ook over de 'afbakening van het speelveld', 'de inkleuring' en het 'scherp afpalen van het speelveld'. En hoe dit binnen het kader van het procesveld zou moeten/kunnen vallen. Of over stukken waar de rechtbank wel of geen acht op zou kunnen slaan en van welke stukken het OM al dan niet van voornemens is die te gebruiken voor de bewijslast. Het was de verdediging, maar ook de rechters allemaal niet duidelijk. Rechtbankvoorzitter Lauwaars verzuchtte op een gegeven moment zelfs dat hij er behoorlijk wanhopig werd van de uitleg die het OM gaf en sprak dat ook uit: "Het is allemaal nog niet duidelijk. Ik spreek wanhoop uit."

Dino Soerel vroeg via Mr. Meijering ook even het woord aan de rechtbank, en dat kreeg hij ook. Het ging over stukken in verband met de aanslag op John Mieremet.

Dino Soerel: Ik wil iets opmerken over de aanslag op John Mieremet in 2002. Hij heeft in een interview gezegd in De Telegraaf dat hij Willem Holleeder en Willem Endstra verdacht van de aanslag. Na een gesprek met Endstra had hij ie het ineens over een groep. Later had ie het weer over Haico Endstra, dat ze hem wilden naaien. Later zegt Eelzak dat als Mieremet wat zou overkomen, dat het dan uit de hoek van Holleeder komt. Welke kant moet ik nou op? Het blijft zo mistig. De voorgeleidingsmappen, en in de gevangenhouding, daar staat toch echt in:  'de problemen die wij hadden met', en 'de motieven voor Houtman' (de liquidatie) Daar wil ik toch wel duidelijkheid in.

Dino Soerel: En welke twee precies, die Woelders of Van Doorn, één van de twee gaf aan of dat het eigen wetenschap was of het van Holledeer had. Wat ik maar wil zeggen: Het is onduidelijk. Daarom wil ik dat dát stuk gevoegd wordt.
Mr. Nico Meijering viel zijn cliënt bij: Ja, dat was ook de heer Woelders. Daarom is hij ook gehoord in Kolbak. Er zou gezegd zijn: Er zijn wel 25 moorden gepleegd. Daarover zegt Woelders dat dat toch iets genuanceerder moet worden gezien.

Dino Soerel: Wat ik gelezen heb. Friedländer zou afgeperst zijn. Sam Klepper en John Mieremet zouden betrokken zijn. Nou is Holleeder wel veroordeeld. Er is wel bewezen verklaard dat hij is afgeperst. Jesse Remmers had er alleen niets mee te maken. Hetgeen hij heeft verteld is ook niet gebeurd. Daar zit de waarachtigheid van zijn verklaring in.

De rechtbank hield het hierbij voor de zitting van donderdag. De rechter deed nog wel wat mededelingen over de planning. Deze wordt weer herzien. Er volgt wederom een roosterwijziging. Er volgt (waarschijnlijk) nog één zitting voor de zomervakantie, op 27 juni. Na de zomervakantie begint dan de inhoudelijke behandeling van de zaak Soerel.

De laatste woorden van de jongste rechter waren wel opmerkelijk: We hebben ook aan de deal gedacht. De hele zaak Bethlehem. Daar kun je niet omheen dat er wel opinie-veranderingen zullen plaatsvinden. Gezien de nieuwe ontwikkelingen zal dat waarschijnlijk niet plaatsvinden vóór de zomervakantie. We proberen de 27e een nieuwe schema op tafel te leggen.

Bondtehond

zaterdag 11 juni 2011

'Wij luiden de noodklok: verdediging praktisch onmogelijk'

De verdediging van Dino Soerel luidde Donderdag de noodklok. Raadslieden Mrs. Nico Meijering en Leon van Kleef zijn van mening dat de verdediging van hun cliënt hen praktisch onmogelijk wordt gemaakt. Het grote probleem voor de verdediging kan worden gevonden in kennelijk spelende krachtige mechanismen die het liquidatieproces slechts één richting in wil leiden: de richting van een veroordeling. Aldus Mr. Meijering in de inleiding van zijn pleitnota van 64 pagina's. Onder hoofdstuk III gaat de verdediging in op die 'mechanismen'.


[De verdediging had reeds op 6 juni in een brief aan de rechtbank aangegeven welke onderzoekswensen zij nog heeft. Ik zal dit keer alleen de hoofdpunten benoemen uit de pleitnota. Iets anders dan u wellicht gewend bent. De reden is tijdgebrek. Volgende keer weer wat uitgebreider.]

De pleitnota die Mr. Nico Meijering voordroeg, bestaat uit 4 hoofdstukken. De verdediging had eerder gevraagd om toevoeging van het volledige Kolbak-dossier. Het OM wilde echter alleen stukken voegen die naar mening van de officieren van justitie relevant zijn. Echter naar mening van de verdediging is dat niet voldoende. Daarom wordt de rechtbank verzocht te bevelen dat het OM de hieronder genoemde stukken zal toevoegen aan het dossier.

I Stukken
1 Alle verbalen van zittingen R(H)C-verhoren in Kolbak, zowel in eerste als in tweede aanleg.
2 Overzicht van al die verbalen.
3 Overige stukken kantoorincident.
4 Dossiers Van Hout, Imaç, Hingst en Mieremet.
5 Verklaringen van Mieremet.
6 Overzicht van verklaringen Mieremet.
7 Aantekeningen John van den Heuvel gesprek Mieremet.
8 Verklaring(en) mevrouw Eelzak (partner Mieremet)
9 Proces-verbaal uitwerking (en bijbehorend stuk) opname gesprek Haico Endstra en Mieremet.
10 Verhoren politieambtenaren Olierook, Woelders en Van Doorn.
11 Vancouver stukken.
12 OVC-gesprekken Mink Kok en Linda van S.
13 Overige "lekstukken".
14 Friedländer-stukken.
15 Verklaring(en) Ad G.C. van Hout.
16 Geluidsopname verhoor Van Hout 15 november 2005.
17 Verklaringen Erna Britta van D.
18 A Ontbrekende verho(o)r(en) F.H. de Kok.
      B Audio-opname verhoor F.H. de Kok
19 Alle verklaringen afgelegd door getuige C.
20 De processen-verbaal (van tapgesprekken) waaruit zou blijken dat Soerel en Ali Akgün met elkaar semeafoneerden.
21 De processen-verbaal van verhoren van Kees Houtman (zo die bestaan) als anonieme getuige.

II Getuigen
a De heer Abraham Moszkowicz.
b De anonieme getuige C
c De heer J.G. van der Bijl op zitting.
d De verbalisant B. Gietema.
e De Baja Beach Club-verbalisant.
f  De heer Danny Kuiters.
g De heer Dick Vrij.
h De heer F.H. de Kok.

Het volgende thema gaat in op de mechanismen die volgens de advocaten van Dino Soerel spelen en het verdomde moeilijk maken (mijn woorden) hun cliënt goed bij te kunnen staan.

III We luiden de noodklok: verdediging praktisch onmogelijk.

Hoofdstuk III:  HIER INTEGRAAL TE LEZEN

Mr. Nico Meijering: Wij ronden af.


IV Slot.
Wij luiden als gezegd de noodklok aangezien de werkzame mechanismen om koste wat kost cliënten veroordeeld te krijgen, ons het op normale wijze verdedigen onmogelijk maakt.

Wij hebben nog een een zestal fronten benoemd waarop die mechanismen zonder uitzondering hun schadelijke uitwerking hebben op een eerlijk proces. En dat in een zaak als deze waar de belangen voor cliënten gigantisch zijn.

Mischien wel het grootste probleem is de onverteerbare onzekerheid dat deze mechanismen al lang en breed hun werk elders in dit proces en dossier hebben gedaan, maar dat we daar geen enkele grip op kunnen krijgen. De krachten zijn immers zodanig dat de misstanden verborgen moeten blijven. De mechanismen werken zowel bij de recherche als het OM. Dus wat is er nog meer verborgen? Hoe moeten cliënten zich daar tegen verdedigen?

Op dit moment is het enige dat we uw rechtbank kunnen vragen om nog ruimhartiger dan tevoren onze onderzoekswensen te honoreren.

Vertrouwen hebben we namelijk wel in u.

Raadslieden.

*
De rechtbank zal 16 juni een reactie geven op de verzoeken van de verdediging. Tevens wordt er uitspraak gedaan in het opheffingsverzoek voorlopige hechtenis van Pinny Song.

De inhoudelijke behandeling van de zaak Dino Soerel stond aanvankelijk gepland voor 27 juni. Er is echter nogal wat oponthoud geweest, dus de rechtbank weet nog niet of dat gaat lukken. De rechters gaan de planning nog eens bekijken.

Bondtehond

Zie ook Camilleri: "Topadvocaat onttroont vermeende misdaadkoning Dino Soerel"

vrijdag 10 juni 2011

'Ja, de hulzen zijn weg, alleen zitten er nog wat bloedspatjes op de muur'

Het was weer eens een langdurige zitting donderdag in de Bunker te Osdorp. Het liquidatieproces Passage wordt er niet eenvoudiger op. Soms hoor je dat mensen de draad al lang kwijt zijn. Er gebeurt ook veel. Wat dat betreft is het begrijpelijk. Zo kwam Jesse Remmers vandaag pas rond 13:00 de rechtszaal binnen wandelen. Er stond toch op de planning dat hij in de ochtend gehoord zou worden in verband met de afspraak bij het AC-Restaurant Lage Weide waar Peerke S. gisteren zo uitgebreid over had verklaard?


De uitleg van Jesse's advocaat Mr. Paul Waarts was simpel. Jesse had het vanwege erge vermoeidheid niet op kunnen brengen weer vier uur op te moeten staan en in alle vroegte op het gebruikelijke speciale transport te worden gezet met het BOT-team. Later zou hij daar zelf een verklaring voor geven aan de rechtbank.

Mr. Nico Meijering was net 20 minuten op weg met een betoog van meer dan 2 uur, waarin de raadsman de noodklok luidde ivm 'kennelijk spelende mechanismen waardoor het de verdediging praktisch onmogelijk wordt gemaakt cliënt Dino Soerel goed te kunnen verdedigen'. De rechtbank vond het echter zinvol om eerst Jesse Remmers te gaan horen volgens de eigenlijke planning die er lag. De jongste rechter vroeg of Mr. Meijering, omdat hij toch nog aan het begin van zijn betoog was, even wilde wachten. Dat kon, zei de raadsman van Dino Soerel: Ik ben nog maar in de opwarmingsfase.

De rechter richtte zich tot Jesse Remmers.
Rechter: U bent toch gekomen?
Jesse: Dat klopt.
Rechter: We wilden het hebben over de verklaringen van S. We hadden begrepen dat u geen vragen van La Serpe wilde beantwoorden?
Jesse: Dat zou ik wel kunnen, echter niet rechtsteeks.
Rechter: Ik geef het openbaar ministerie gelegenheid vragen te stellen.
Officier van justitie Mr. Hans Oppe: Mijnheer Remmers, wij hebben een aantal vragen in verband met de heer Peter S. Waar heeft u de heer S. voor het eerst ontmoet?
Jesse: Ik kan het uitleggen. Kaale sr. had Joegoslaven geactiveerd om geld terug te krijgen van La Serpe en mij. Ik heb dat een tijd kunnen uitstellen. Totdat het te dichtbij kwam. Ik zei tegen La Serpe dat ik via bepaalde mensen die Joegoslaven op andere gedachten wilde brengen. S. heeft de naam al genoemd. Ik sprak de heer Charles Zwolsman. S. kon er niets aan doen. Hij kende ze niet. Een ander heeft het zo gebracht: Wie heeft dat geld nou gegeven, van Kaale of van jullie? Ja, nee, dat is zo, dus die Joegoslaven trokken zich terug. Dat was mooi, want ze dreigden echt met de dood.
Mr.Oppe: U noemt dat niet zakelijk?
Jesse: Nee, niet echt. Ik wil niet andere namen noemen. Ik heb er verder niet over door gesproken.
Mr.Oppe: Dan zit u in welke tijdspanne?
Jesse: Ongeveer in Juni 2002, denk ik.
Mr.Oppe: Kunt u aangeven waar en hoe vaak u de heer S heeft ontmoet?
Jesse: Nou, niet zo vaak. Minder dan 10 keer. Hooguit 6 a 7 keer.
Mr.Oppe: Heeft u telefoongesprekken gehad?
Jesse: Ja.

Mr.Oppe: Die afspraken, was dat op vaste plaatsen, of ook op andere plaatsen.
Jesse: Dat kan ik me niet zo goed herinneren. Zou kunnen vaker bij het AC, of de Residence. Komt wel vaak voor hè, de Residence?
Mr.Oppe: Bij Lage Weide?
Jesse: Ik weet die naam niet, we zeiden bij 'Kop en Schotel'.
Mr.Oppe: Er loopt een snelweg langs?
Jesse: Ja, de A2.
Mr.Oppe: We gaan naar de ontmoeting. Kunt u in uw visie vertellen hoe het ging? Wie was het eerst? Wie waren er?
Jesse: Ebeli en La Serpe. Ik kwam van Vinkeveen.
Mr.Oppe: Welke adressen?
Jesse: Momentje... (overlegt met zijn advocaten Waarts en Janssen) Ik denk dat het duidelijk is, maar ik ga er op dit moment niet op in.

Mr.Oppe: Als u nou alleen het adres noemt?
Jesse: Daar kan ik het belang niet van inzien.
Mr.Betty Wind reageert: Dat criterium is nu niet aan de orde, of u het belang er van inziet of niet.
Jesse: Ik kwam van (adres) nr17. Ik denk dat het bekend was waar ik verbleef. Ook met La Serpe op de avond voor het incident.
Mr.Oppe: Ebeli en La Serpe kwamen uit IJsselstein of stonden er al. U ging ervan uit dat ze van de loods in IJsselstein kwamen?
Jesse: Ik trok de conclusie. U zegt het nu zelf.
Mr.Oppe: Het was in uw beleving dat ze uit IJsselstein kwamen?
Jesse: Ja, in mijn herinnering wel.
Mr.Oppe: En vervolgens, wat deden jullie?
Jesse: We gingen direct wandelen. Ebeli sprak met S. Het ging over een heel ander onderwerp. Pas veel later heb ik de sleutel gevraagd.
Mr.Oppe: Wat werd er besproken?
Jesse: Ebeli had iemand nodig om aan geld te komen. Ik vroeg aan S. of hij iemand kende. S. heeft toen antwoord gegeven en twee personen in contact gebracht. Ik wil niet zeggen waar dat over ging.
Mr.Oppe: Stonden ze er al?
Jesse: Nou, ze waren bezig met uitstappen.
Mr.Oppe: Was u met de auto?
Jesse: Jep.
Mr.Oppe: Hoe lang was het in totaal?
Jesse: Nee, dat weet ik niet precies. Ik was helemaal kapot moe die dag.
Mr.Oppe: U zegt: Ik was er korter dan de anderen.
Jesse: Ongeveer 5 minuten ben ik erbij geweest.
Mr.Oppe: Vooraf aan het gesprek over de sleutel. Heeft Ebeli wat besproken met S.? U was er 5 minuten en bent weggegaan?
Jesse: Pin me er niet op vast. Zo'n 5 minuten.
Mr.Oppe: 5 Minuten. Het gesprek vond plaats bij het viaduct. En toen?
Jesse: Ik ben weggelopen toen we niet bij de auto stonden.
Mr.Oppe: U bent naar de auto gelopen en weggereden?
Jesse: Ja.
Mr.Oppe: Waarheen?
Jesse: IJsselstein.
Mr.Oppe: De loods?
Jesse: Ja.
Mr.Oppe: U bent alleen naar de loods gegaan. Heeft u terug gereden?
Jesse: Ja.

Mr.Oppe: Als ik het goed begrijp bent u naar een adres gegaan in Vinkeveen?
Jesse: Dat klopt, maar het is iets anders gegaan.
Mr.Oppe: Oh, ik had het dinsdag zo begrepen.
Jesse: Dat komt, ik was dinsdag erg moe en het kwam nogal onverwacht.
Mr.Oppe: Bent u naar Vinkeveen naar een bepaald persoon gegaan?
Jesse: Nee, ik ben naar (adres) gegaan en heb onderweg een persoon gebeld. Ik vroeg of hij naar een adres in Vinkeveen kon komen. Dat gebeurde niet. Ik leg het uit. Richard Ebeli had een woning gehuurd in De Ronde Venen. La Serpe is naar de woning gegaan. Ebeli is naar de woning gegaan. Daar trof hij La Serpe aan in plaats van die persoon. Ebeli had ik gevraagd naar IJsselstein te gaan. De loods lag vlak bij woningen. We hielden het voor mogelijk dat personen hadden gehoord dat er geschoten was in de loods. Ik had een persoon die bij Sjarrel de Groot hoort gebeld. Ik vroeg de persoon door de straat te rijden en te kijken of er wat te zien was.

Rechter: Kunnen we de personen met letters aangeven? Anders wordt het wel heel verwarrend. Persoon in Vinkeveen: X, en persoon met Sjarrel de Groot: Y.
Jesse: Ehm... nou dan kunnen we dat beter andersom doen. De persoon in Vinkeveen heeft een XY in de 23e chromosoom. Die bij Sjarrel de Groot heeft een XX in de 23e chromosoom. De persoon in Vinkeveen is een man. De persoon bij Sjarrel de Groot een vrouw.
Rechter: Oh, nou ja, laten we het dan maar zo zeggen, man en vrouw.
Jesse: De persoon in Vinkeveen kende die vrouw. Hij zag alleen het nut er niet van in de vrouw te bellen. Ik vertelde toen: Er ligt een lijk in de loods. Toen was het wel belangrijk ineens. Toen hielden we het voor mogelijk dat buurtbewoners de politie hadden gebeld. Ik vroeg dus of ze er heen wilden gaan. Dan zouden ze er langs rijden en het kunnen zien.

Jesse veranderde plotseling even van onderwerp: Als u de namen intikt op uw laptop: Mango, Guis en Rico.
Er komen dan 2 bestanden te vooschijn. 1 Laptop van Ebeli. 1 Laptop van mij in Marokko. Mango slaat op S. De fruitmand, zeg maar. (gelach op tribune)
(Daar werd dinsdag een vraag over gesteld door Mr, Waarts aan S., of de naam 'Mango' bekend was bij hem, naast zijn gebruikelijke naam 'Peer' of 'Peerke'. Waarts grapte toen: Ik zal maar niet de hele fruitmand opnoemen. - red)
Rico staat voor Ebeli, legt Jesse uit, van Richard, in het Portugees is dat Ricardo, of van Porto Rico. Guis voor La Serpe, van Giuseppe.
Mr.Oppe: Bent u klaar met dit antwoord?
Jesse: Ja, mischien levert het wat op.
Mr.Oppe: Wat zou dat opleveren?
Jesse: Nou, met de tapgegevens van de heer S. Het zit zo. Richard had foto's gemaakt. Hij vroeg of ik eens bestanden mee wilde nemen. Ik had een DVD en heb dat vanuit 'Mijn Documenten' gesleept en gekopiëerd.
Rechter: Dat zou in die laptop van 2003 moeten zitten?
Jesse: Ja.

Mr.Oppe ging verder: U heeft de nadruk er nogal op gelegd dat de loods leegemaakt moest worden. Ik rijm dat niet zo goed als u zegt La Serpe en Ebeli kwamen vanaf de loods. Daar zit toch een flinke tijd tussen?
Jesse: Nou nee, zo lang duurde het dus kennelijk. Je zou het zo kunnen zien.
Mr.Betty Wind: U noemde AC-restaurant.
Jesse: "Kop en Schotel" noemde ik het altijd.
Mr.Wind: Wanneer was dat? Welke tijd?
Jesse: In ieder geval in de avond.
Mr.Wind: Waarom weet u dat zeker?
Jesse: Er staat mij van bij. Ik durf het niet precies te zeggen.
Mr.Wind: Was het licht of donker.
Jesse: Ik zou zeggen donkerder. Niet al te licht. Daarom denk ik dat het avond was.

Mr.Wind: Wat was nu de reden om in aanwezigheid van S. om te vragen om die sleutel?
Jesse: Nou, die loods moest schoon.
Mr.Wind: Jawel, maar het accent van mijn vraag ligt ergens anders.
Jesse: Het zou er bij gebleven zijn, ware het niet dat La Serpe niet gezegd zou hebben: Ja, de hulzen zijn weg, alleen zitten er nog wat bloedspatjes op de muur. Anders zouden we er niet over zijn doorgegaan.

Mr.Wind: Hebben jullie het er later nog over gesproken?
Jesse: Ik heb het er nooit één fractie meer over gehad
Mr.Wind: Mogen we er vanuit gaan dat u er geen...(niet verstaan)
Jesse: Daar heb ik nooit bij stilgestaan.
Mr.Wind: Bleef u erbij dat u de sleutel kreeg van Ebeli?
Jesse: Ja, daar blijf ik bij.
Mr.Wind: U zei dat u de sleutel aan een aannemer moest geven. Waarom verteld u de naam niet?
Jesse licht geïrriteerd: Ja, laat La Serpe even de naam noemen van wie hij de Hollowpoints heeft gekregen!
Mr.Wind: Ja, daar gaat het niet over.
Jesse: Ja halloo, La Serpe hoeft toch ook geen namen te noemen? Laten we altstublieft niet verder gaan over de naam van een aannemer als La Serpe de Hollowpoints niet noemt.
Mr.Wind: Wat voor auto reed u? Van wie?
Jesse: Het was een grijze Opel Corsa. Ik zie het nut er niet van in om te noemen van wie die was. Ze wordt lastig gevallen, mischien zegt ze: Ik weet het niet meer.
Mr.Wind: U zou in het kader van de waarheid de naam kunnen noemen.
Jesse: Nee!
Mr.Wind: Heeft u een beschrijving van de loods, met name van binnen?
Jesse: Leidingen, slangen, grind, potten, pallets, dozen. Dat moest allemaal weg. Boven zat de kantine-ruimte.
Mr.Wind: Het was herkenbaar als de restanten van een hennep-kwekerij?
Jesse: Ja, dat was duidelijk. Ik heb de persoon (de aannemer -red) rondgeleid, dingen afgesproken, een prijs afgemaakt, betaald, etc. etc. Ik ben zo een paar dagen voor dat incident daar geweest.
Mr.Wind: Waarom u? Gaat u voor Sjarrel de Groot dat dan opknappen?
Jesse: Ja, ik zou dat doen. De ruimte zou ergens anders voor gebruikt worden.

Mr.Wind: Zegt de naam Michelin u iets?
Jesse: Die naam is ontstaan tussen Rob de W. en mij. Hij noemde Ebeli zo. Ebeli zei toen ie het hoorde: Ik weet niet of ik daar zo blij mee ben. Haha. Het zit zo. Hij was nogal corpulent, dik, korter, zijn voorhoofd was nogal kort en laag. Achter had hij in die tijd zijn haar nog langer van achteren.
Mr.Wind: U bent stellig?
Jesse: Daar ben ik stellig in, anders had ik wel gezegd: Rossig met krulletjes.
Mr.Wind: Hoe zag u die jongen? S. zei rossig met krulletjes.
Jesse: Nou nee. Ik geef juist een verklaring die afwijkt van S. Dat is wel zo eerlijk.
Mr.Wind: U zegt dat u S. 6 a 7 keer gezien heeft?
Jesse: Nou ja, dat moet u zo zien. In een jaar tijd zo'n 7 keer.
Mr.Wind: Ja. Waren dat afspraken of gewoon ontmoetingen voor die AC-ontmoeting?
Jesse: Ja, ik heb hem voor die tijd ontmoet.
Mr.Wind: Had u een telefoonnummer?
Jesse: Ja, die had ik.
Mr.Wind: Één of meerdere?
Jesse: Nou, dat weet ik niet meer. Denk wel meer. Ik had voor zover ik kan overzien wel meer nummers. Staan mischien in de laptop.
Mr.Wind: Over die laptop moeten we het nog maar eens een keer hebben.
Jesse: Sorry?
Mr.Wind: Over die laptop moeten we het nog maar eens een keer hebben. Ik wil uw reactie. U zei op zitting dat u nooit meer aan Ebeli of La Serpe heeft gevraagd over de loods. We stelden nog dat het wel vreemd is. Nu zegt u dat u er niet op vertrouwde dat de loods schoon was. Kunt u.... nee, laat ik het anders doen. Een heel open vraag: Reageet u daar eens op?
Jesse: Ik zie geen tegenspraak. Ik heb het er niet zo goed over gehad. Ik ben er zelf heen gereden. Als ik erop vertrouwd had, was ik zelf niet naar de loods gereden.
Mr.wind: U heeft ook gezegd dat u er nooit meer geweest bent.
Jesse: Nee, dat kan niet dat ik dat gezegd heb.
Mr.Wind: Sorry, ik corrigeer. Dat had ik fout.
Jesse: Kan gebeuren.

Mr.Wind: Heeft u het er nog over gehad? Met La Serpe?
Jesse: Ja, we zaten op een bed in een hotelkamer, 2½ jaar later.
Mr.Wind: 2½ Jaar later?
Jesse: Nee, nee, nee, het hoofdonderwerp was dat hij nog veel geld tegoed had aan allerlei mensen. Ik ben nog een antwoord schuldig aan de jongste rechter. La Serpe vertelde dat hij het aan de F-getuigen had verteld. Dat kan ik niet verder uitdiepen, anders wordt duidelijk wie de F-getuigen zijn. La Serpe had een afspraak geregeld. Daar kan ik verder niet over praten. Dat met die andere F-getuige in verband met Peter R. de Vries. Hij vertelde dat hij het aan diegene had verteld. Hij zei: Maak je niet druk, hij loopt niet naar de politie. Hij zei, je kan er wel op vertrouwen dat de persoon niet naar de politie gaat, gezien het feit dat ik voortvluchtig was. Hetgeen er met Gerrie gebeurt is, heb ik aan die persoon verteld. Dat vond ik waanzinnig!
Die persoon kwam naar een cafeetje in Hoofddorp. Daar heeft ie toen verteld wat deze persoon ook verteld heeft aan de rechter-commissaris.

Mr. Wind: Ik heb er nog twee. (vragen) U heeft onthuld met welke auto u mee kwam. De auto van Ebeli, die noemt u echter niet.
Jesse: Oh, dat was een donkerkleurige Mercedes. Ik weet niet hoe ie hieraan kwam.
Mr.Wind: Was het een huurauto?
Jesse: Dat weet ik niet. Ebeli kwam er zelf mee.
Mr.Oppe: Hoe weet u wat de F-getuige heeft gezegd? U weet te vertellen dat de F-getuige de leverancier van de Hollowpoint-munitie heeft ontmoet.
Jesse: Daarmee heb ik niet gezegd wie het is.
Mr.Oppe: Hoe weet u wat de F-getuigen bij de rechter-commissaris hebben gezegd?
Jesse: Dat weet ik niet.
Mr.Oppe: Mij staat bij dat als bekend zou zijn bij wie de Hollowpoint zijn geleverd, zou kunnen blijken wie de F-getuigen zijn?
Jesse: Van mij mag bekend worden wie dat was. Een freefighter en portier. Maar, als ik de naam zeg, heb ik kans dat de F-getuigen bekend worden.
Mr.Wind: Het punt blijft bestaan.
Jesse: Daar betreed ik het pad van de intuïtie en moet ik eerst een lezing geven over intuïtieve eigenschappen.
Mr.Wind: Doe maar niet. Het rijmt voor mij niet met elkaar.
Jesse: Das mooi.
Mr.Wind: Dan stellen we vast: U wilt niet dat de F-getuigen bekend raken.
Jesse: Nou, van mij mag het, maar....
Mr.Wind: U verteld net dat La Serpe dat hele verhaal heeft verteld aan de F-getuige.
Jesse cynisch: Als La Serpe dat doet, dan eh.... Nou ja, met de back-up van het OM komt ie daar ook wel uit....

Rechter richting Mr.Jan Peter van Schaik: Heeft u nog vragen?
Mr.Van Schaik: Ik heb 6 vragen.
Rechter: Dat moet dan via ons.
Jesse vult de rechter aan: Ik heb het eerder meegemaakt met mevrouw Malika Nasri, omdat ze anders niet goed in staat was onbevangen te getuigen, dat ik buiten de zaal moest plaatsnemen. Ik neem vanuit die cabine nog wel eens wat vileine woede en negatieve energie waar. Mischien zou mijnheer La Serpe achter in zijn hok kunnen zitten, uit het zicht?
Mr.Van Schaik: Ik wil gerust in de zaal komen zitten.
Jesse: Laat mijnheer La Serpe helemaal uit beeld graag.
Peter La Serpe klinkt ineens over de speakers: Ik wil wel voortaan altijd via een video-verbinding getuigen. Als dat zou kunnen.....

(Er klinkt wat gerommel in het gepanserde getuigenhokje. Kennelijk wisselen La Serpe en zijn raadsman van zitplaats)
Mr.Van Schaik begint: Heeft u op enige wijze al kennis kunnen nemen met de DVD's die bij de heer Meijering zijn?
Jesse: Nee, ik was er helemaal niet van bewust. Ik vernam van mijn advocaat hoe het zat met de DVD's.
Mr.Van Schaik: Weet u of de verhuurder een sleutel had van de loods?
Jesse: Nou, ik had begrepen dat de loods gehuurd was en dat de vader van Sjarrel de Groot een sleutel moest hebben.
Mr.Van Schaik: Was dat de enige sleutel, of waren er meer sleutels?
Jesse: Ja, ik dacht dat dat laatste het geval was. Dat was ook de reden dat ik terug ging.
Mr.Van Schaik: Wanneer is dat idee bij u ontstaan om te gaan kijken in de loods.
Jesse: Er staat me bij dat ik op het moment dat ik de sleutel kreeg het idee kreeg te gaan kijken. Maar ik zei al, ik was erg moe. Kan me dat niet goed herinneren.
Mr.Van Schaik: Was Sjarrel de Groot daarvan op de hoogte.
Jesse: Als ik zijn verklaring lees, verwonder ik me dat hij het nog weet.
Mr. Van Schaik: Waarom wilde u Sjarrel de Groot bellen? U zei dat u Sjarrel probeerde te bereiken.
Jesse: Nou het ging er meer om dat ik het idee zou kunnen pretenderen dat hij de loods in zou gaan en een en ander aan zou treffen.
Mr.Wind merkte op: Waarom zou Sjarrel de Groot überhaupt die loods in gaan? Er was toch niets?
Jesse: Nou, zo vreemd was dat niet, want er was een ruimte waar ze vaker kwamen om wat te drinken.
Mr.Wind: Waarom belde u een ander dan Sjarrel de Groot.
Jesse: Ik kreeg hem zelf niet te pakken.
Mr.Van Schaik: U bent naar de loods gegaan. Wat heeft u gedaan?
Jesse: Ik ben naar de plek gegaan waar Bethlehem is doodgeschoten en zag niks meer van bloedspatten of zo.
Mr.Van Schaik: Heeft u ook andere plekken onderzocht?
Jesse: Nou, dat weet ik niet meer hoor. Ik was moe en die hele periode staat me heel slecht bij van 10 jaar geleden en dat ik zo moe was. Ik heb inderdaad gekeken daar waar Bethelehem gelegen had en zag dat ik in ieder geval de mensen van de aannemer kon laten komen.
Mr. Van Schaik: Geen vragen meer. Dank u.

Mr.Wind: Heeft u nog wat gezien? U heeft toch gezegd dat er bloedspatten op de muur zaten?
Jesse: Nou, het was wel duidelijk dat dat een grapje was. La Serpe lachte op zijn eigen typische manier.
Mr.Wind: U probeerde Sjarrel te bellen. Had u meerdere nummers?
Jesse: Mischien wel twee denk ik.
Mr.Wind: Heeft u het vaker geprobeerd?
Jesse: Ja. Hij stapte bijna iedere dag, alleen die dag bijna nooit, dus ik dacht dat ik hem mischien wel te pakken zou krijgen.
Mr.Wind: Heeft u de foto's gezien van het zeil?
Jesse: Ja, maar ik weet niet of het zeil uit de loods was.
Mr.Wind: Dat was nou net mijn vraag.
Jesse: Het zou kunnen. Er stonden pallets met cellofaan, spullen en dozen. Of ze hebben het gekocht. Of het was uit de loods. Er stonden allerlei spullen. Het zou kunnen dat het uit de loods kwam.
Mr.Wind: Okay.
La Serpe cynisch: Mijn intuïtie zegt dat hij niet antwoord.

Het verhoor van Jesse Remmers zat erop. Er werd nog even over gesproken dat Jesse pas om 13:00 in de rechtszaal kwam. Er was speciaal vervoer geregeld voor Jesse om hem toch nog op zitting te kunnen horen. Volgens Mr. Betty Wind moet dat echter geen gewoonte worden.

Jesse antwoordde: Ik heb de voorzitter wel eens horen zeggen dat de deelnemers zo fit en helder mogelijk zouden moeten verschijnen in de rechtszaal. De kwaliteit van mijn lichamelijke conditie was echter zo gedaald door vermoeidheid, dat het was waar te nemen aan mijn fysionomie. Ik wilde voorkomen dat er wellicht foute conclusies getrokken worden, stel dat mijn emperische denkvermogen me in de steek zou laten.

Tot slot ging Mr. Nico Meijering verder met zijn betoog. Later een verslag daarvan, wellicht nog vandaag, maar waarschijnlijker morgen, gezien de grootte van het betoog.

Bondtehond

woensdag 8 juni 2011

'Is toen de naam van de kroongetuige gevallen?'

Peter 'Peerke' S. is via Hells Angel Willem Pijpker bij Mr. Nico Meijering terecht gekomen. Mr. Meijering had vanwege zijn beroepsgeheim gevraagd aan Pijpker of hij diens naam mocht noemen. Daar had Pijpker geen bezwaar tegen gemaakt. Vandaar dat we nu precies weten hoe Peerke S. op het kantoor van Mr. Meijering terecht is gekomen. Meijering heeft dit in een brief aan de rechtbank kenbaar gemaakt.


De twee mannen hadden in gezelschap ergens een broodje zitten eten en zo kwam het gesprek op het feit dat de aangifte tegen Peter La Serpe niet-ontvankelijk was verklaard. Dat had Peerke S. op Crimesite gelezen. Dit was de tweede keer dat La Serpe kennelijk niet voor de moord op Bethlehem vervolgd zou worden, waardoor Peerke S. vanwege zijn wetenschap zich daar toch enigzins ongemakkelijk bij begon te voelen en erover sprak met mensen, waaronder Willem Pijpker. De Hells Angel adviseerde Peerke S. vervolgens contact op te nemen met het kantoor van Mr. Nico Meijering. Vervolgens is Pijpker voor Peerke S. uit gereden en heeft de Brabander de weg gewezen en voorgesteld aan Mr. Meijering.

Al tijdens de eerste 10 minuten besloot de advocaat op kantoor dat dit toch wel belangrijke informatie was en vroeg aan Peerke S. of hij een geluids-opname mocht maken. Dat mocht van Peerke S. en zodoende komt het dat hij nu voor de tweede keer op zitting in de Bunker was. Nu om zijn verhaal uitgebreider toe te lichten. De eerste keer was daar te weinig tijd voor omdat Mr. Jan Peter van Schaik na een uur al weg moest.

De rechter begon rond 11 uur met de ondervraging, kort nadat ook Dino Soerel inmiddels de rechtszaal was binnengebracht. Soerel zwaaide even snel naar zijn vrienden en familieleden, waarna eerst Jesse Remmers, terwijl Peerke S. nog in de wachtkamer zat, werd ondervraagd. Zo konden de twee in ieder geval niet door elkaar van informatie worden voorzien, of onwillekeurig toch enigzins door de ander worden beïnvloed.

(Wegens plaatsgebrek alleen een verslag van het verhoor van Peerke S. door de rechters)

Rechter: Mijnheer S., de ontmoeting, had u daar herinnering aan?
Peerke: Nee.
Rechter: U had een afspraak met de heer Remmers?
Peerke: Ja.
Rechter: Waar was dat?
Peerke: Parkeerplaats.
Rechter: Met de auto?
Peerke: Ja.
Rechter: Heeft u herinnering aan of de heer Remmers aankwam?
Peerke: Nee, ik weet zelfs niet meer met welke auto ik was.
Rechter: Hoe ging dat? Kwam de heer Remmers aanlopen of rijden?
Peerke: (2e keer) Nee, ik weet zelfs niet meer met welke auto ik was.
Rechter: Weet u nog hoe de heer Remmers kwam?
Peerke: Nee, daar heb ik geen herinnering aan.
Rechter: Wat deed u?
Peerke: We zijn een stukje gaan lopen.
Rechter: Was u met Remmers en anderen? Een derde persoon?
Peerke: Dat weet ik niet meer precies. Ik dacht van wel.
Rechter: U zei dat u er geen herinnering aan had?
Peerke: Klopt. Het enige was dat de derde iets kleiner was.
Rechter: Kende u die derde persoon? Deed u zaken met hem?
Peerke: Nee.
Rechter: Heeft u zich voorgesteld?
Peerke: Ik kan het me echt niet herinneren.
Rechter: Heeft u hem eerder gezien?
Peerke: Ik weet het niet.
Rechter: Sluit u het niet uit?
Peerke: Nee, ik sluit het niet uit.
Rechter: Vroeg u iets aan hem?
Peerke: Nee, dat is onbeleefd.
Rechter. Onbeleefd?
Peerke: Ja.
Rechter: U zegt de derde persoon kende ik niet. En de heer Remmers? Kunt u daar iets over vertellen?
Peerke: Remmers wel ja. Ik heb ze wel eens eerder samen gezien. (Remmers + La Serpe -red)
Rechter: Richard Ebeli, kent u die?
Peerke: Nee.
Rechter: Een Richard Ebeli kent u dus niet?
Peerke: Nee, ik weet niet wie die 'Ebelieng' is. Laat maar een foto zien.

Rechter: Ja maar, u weet niets over een wietplantage en een sleutel?
Peerke: Als ik het wist, had ik me beroepen op mijn zwijgrecht.
Rechter: U moet antwoorden.
Peerke: Ik ken hem niet.
Rechter: U had op Crimesite gelezen. U volgt het wel es op Crimesite, zei u?
Peerke: Ja.
Rechter: U kent hem niet zegt u?
Peerke: Als u me tien foto's laat zien....
Rechter: De naam zegt u niets. Ebeli zegt u niets?
Peerke: Ik ben niet goed in namen.
Rechter: De kleine man met de krulletjes, heeft u niet later nog gezien?
Peerke: Nee.

Rechter: En de wat langere man? (La Serpe -red)
Peerke: Nee.
Rechter: Ze waren iets te laat?
Peerke: Ja, klopt.
Rechter: Toen heeft u lopen vissen?
Peerke: Ja.
Rechter: Wat vertelde ze?
Peerke: Dat er een lijk in het water was gegooit.
Rechter: Is dat zo gezegd?
Peerke: Ja.
Rechter: Details?
Peerke: Dat ie in plastic was gewikkeld en iets over een Rolex. Dat die was afgedaan of juist niet.
Rechter: Wie vertelde dat?
Peerke: Ik denk in samenspraak.
Rechter: Als u het weet, moet u het zeggen.
Peerke: Jawel.
Rechter: Dat was met dat groepje?
Peerke: Ja.
Rechter: U zegt dat was met dat groepje van drie. Wie zei dat?
Peerke: Wie het precies heeft gezegd, weet ik niet meer.
Rechter: Dat weet u niet meer. U heeft behoorlijk veel details verteld. Rolex, dozen, wietkwekerij, etc. etc. Alles is besproken?
Peerke: Ja.

Rechter: Werd dat verteld aan iemand anders, of aan u?
Peerke: Aan mij.
Rechter: Was dat omdat ze te laat waren?
Peerke: Ja, ik weet het niet. Ik had het liever niet geweten.
Rechter: Bent u niet naar de politie gegaan?
Peerke: Nee. Waarom?
Rechter: Waarom bent u hier dan?
Peerke: Ik wil dat het recht geschiedt.
Rechter: Ja, maar....
Peerke: Nou, er is twee keer gevraagd om vervolging en dat is afgewezen. Ik ben zonder verklaringen veroordeeld.
Rechter: Begrijp ik het nou goed dat de heer La Serpe vervolgd moet woorden?
Peerke: Ja.
Rechter: En de heer Remmers?
Peerke: Daar ga ik niet over.
Rechter: U heeft een hekel aan justitie?
Peerke: Ja.
Rechter: U heeft ten onrechte vast gezeten?
Peerke: Ja, dat kun je wel stellen.
Rechter: Dat is niet de reden dat u hier zit?
Peerke: Niet echt.
Rechter: Wat dan? U bent niet op verzoek?
Peerke: Ik ben geen hoer. Ik ben uit vrije wil. Niemand heeft het me gevraagd.
Rechter: U volgt het op internet en u denkt dan ga ik me melden om het recht te zetten?
Peerke: Ja.
Rechter: En de foto van La Serpe zag u in een blad?
Peerke: Ja.
Rechter: Waar heeft u voor vastgezeten.
Peerke: Onschuldig.
Rechter: Ja, maar kunt u zeggen waarvoor?
Peerke: XTC.
Rechter: Wanneer zag u voor het eerst de foto? Dat moet een bijzonder moment geweest zijn?
Peerke: Dat weet ik niet meer precies.

(2 vragen gemist) :-(
Peerke: Als je me in de Arena neerzet met 10.000, pik ik hem er zo uit.
Rechter: Ja, maar u zag het in een blad?
Peerke: Ja.
Rechter: De foto cirkuleert wel. U kunt hem ook ergens anders hebben gezien.
Peerke: Ik zag hem in een blad.
Rechter: U heeft erover gesproken de kwestie?
Peerke: Nee.
Rechter: Ik heb een verslag van de heer Meijering. Dat was de heer Pijpker. Pijpker is nu bekend.

Mr. Nico Meijering: Ik heb met oog op mijn beroepsgeheim gevraagd aan de heer Pijpker of ik zijn naam mocht noemen.

Rechter: Weet hij dat u hier zit?
Peerke: Dat gaat hem niets aan.
Rechter: Nee, maar u komt met de heer Pijpker naar kantoor. Wat heeft u gezegd?
Peerke: Nee, niks.
Rechter: U komt hem een half jaar daarna tegen en u besluit om samen naar het kantoor te gaan?
Peerke: Ja.

Rechter: Heeft u met de heer Remmers nog over gesproken?
Peerke: Ja, het lijk was boven water gekomen en toen hebben we het er nog even over gehad.
Rechter: Wanneer was dat?
Peerke: Kan kort daarna zijn geweest.
Rechter: Kort nadat het lijk was gevonden?
Peerke: Ja.
Rechter: U had een afspraak met de heer Remmers. Kunt u nog zeggen waarom?
Peerke: Nee, dat kan ik niet zeggen.
Rechter: De derde persoon herkende u. Kunt u nog zeggen hoe u die heeft leren kennen?
Peerke: Samen met de heer Remmers.
Rechter: Wanneer?
Peerke: Kort voor die tijd.
Rechter: U kende de derde persoon?
Peerke: Dat zegt u. U zegt Ebeli.
Rechter: U heeft Ebeli leren kennen via Remmers? Is hij aan u voorgesteld?
Peerke: Zou kunnen, maar minimaal.
Rechter: Heeft u het gevoel dat hij geïntroduceerd is bij u?
Peerke: Zou kunnen.
Rechter: Kunt u nog even terug gaan? Er was een lijk in het kanaal gegooit. Was dat dezelfde dag gebeurd?
Peerke: Ja, zo kwam het op mij over.
Rechter: Hoe kwam dat ter sprake?
Peerke: Zo is het verteld aan me.
Rechter: Nadat er over de loods is verteld?
Peerke: Ja.
Rechter: Er waren geen anderen bij?
Peerke: Het zou kunnen zijn dat er mensen weg zijn gegaan, maar in mijn herinneringen waren het drie personen.
Rechter: De heer Remmers zegt dat u een afspraak had met de heer Ebeli.
Peerke: Zou kunnen.
Rechter: Dat is een beetje lastig. U zegt dat u afgesproken had met de heer Remmers.
Peerke: Ik heb de tapgesprekken aan de heer Meijering gegeven.
Rechter: Ik hou u maar voor dat de heer Remmers wat anders verklaard.
Peerke: Ik weet niet precies wat er is verteld.
Rechter: Ik wil u erop wijzen dat u zegt dat u een gesprek had met de heer Remmers.
 
Mr. Waarts: Volgens mij verklaarde hij dat hij dacht dat hij met de heer Remmers had afgesproken.
Rechter: We kunnen het teruglezen in het verslag van de zitting.
Peerke: U brengt me onder twijfel.
Rechter: Nou ja, ik hou u maar voor dat u eerst heel stellig bent en nu weer dingen afzwakt.
Peerke: Nou ja, ik weet zeker dat hij er was.
Rechter: U heeft iets voorbij horen komen over een sleutel. Heeft u iets opgevangen? Wat voor gesprek was dat?
Peerke: We hebben er met z'n vieren gestaan. Wat voor gesprek over een sleutel? Dat weet ik niet precies.
Rechter: Dat u wegloopt. Weet u dat nog precies?
Peerke: Nee.

Rechter richting Jesse Remmers: Wilt u nog iets zeggen?
Jesse Remmers: Mijnheer S. verklaard kennelijk wel naar eer en geweten naar waarheid, maar mischien zijn zijn herinneringen niet helemaal correct?
Rechter: We proberen de vraagstelling af te krijgen.  
 
Hierna konden de andere procesdeelnemers vragen stellen.
Officier van justitie Mr. Hans Oppe beet de spits af.
 
Mr.Oppe vroeg over het moment waarop Peerke S. op het kantoor van Mr. Meijering kwam.
Mr. Hans Oppe: Op pagina 1 staat (van het verslag van Mr. Meijering -red): Cliënt werd 10 minuten na binnenkomst ondervraagd.  U komt binnen met Pijpker. Hoe ging dat?
Peerke: Ik nam koffie, en heb even gewacht. Meijering zei: Dit is zo belangrijk, ik pak even opname-apparatuur. We zaten met z'n drieën.
Mr.Oppe: Is toen de naam van de kroongetuige gevallen?
Peerke: Dat zou best kunnen.
Mr.Oppe: Kent u La Serpe? De namen La Serpe en Bethlehem vallen. Verteld u een wat er in die 10 minuten is plaatsgevonden?
Peerke: Ik vertelde dat ik wist wie Bethlehem dood had geschoten.
Mr.Oppe: En toen heeft Meijering La Serpe en Bethlehem genoemd?
Peerke: Nee, nee, nee, nee, ik ben zelf gekomen met die namen!
Mr.Oppe cynisch: U had geen zaken-contacten met Soerel. U heeft een drankje gedronken en gebowld?
Peerke cynisch terug: U heeft het precies goed. U kunt dat zo integraal neerzetten.

Mr.Betty Wind: U bent geen fan van justitie. U zei dat u de zaak wilde helpen oplossen. Wilt u op een later moment eventueel bij de politie nog vragen komen beantwoorden?
Peerke grappend: U kunt mij altijd bellen! 24 Uur per dag!
Mr.Wind: We weten dat er op uw woning is geschoten. Heeft dat iets te maken met dit proces of dat u hier nu zit?
Peerke: Nee! Niet dat ik weet. Ik weet niet wie er achter die schietpartij zit. 
Mr. Wind: We hebben gekeken naar de taps uit het oude onderzoek en de dagen dat u verteld. U belt een slag in de rondte. U wordt een tijd getapt en we kunnen niet één gesprek linken aan u.
Mr. Meijering: Ho, ho, ho! Ik hoor dat het nu over stukken gaat die nog niet ingebracht zijn. Voorzitter, ik wil dat u opdraagt de stukken eerst te overhandigen.

De rechter verbood Mr. Wind verder te gaan met stukken die ook de rechtbank nog niet heeft.

Mr.Nico Meijering maakte later ook bezwaar tegen het plan van het OM om Peerke S. wellicht op een later tijdstip buiten de verdediging om bij de politie te ondervragen. De advocaat wil daar dan bij aanwezig zijn.

Er komt waarschijnlijk een Foslo-confrontatie met de foto's van kroongetuige. De verdediging heeft de beschikking over een fors aantal foto's van Peter La Serpe. De bedoeling is natuurlijk dat Peerke S. de foto van La Serpe tussen een aantal foto's van andere personen weet aan te wijzen.

Er werden gedurende de zitting veel meer vragen gesteld, ook aan Jesse Remmers. Het voorval bij AC-restaurant Lage Weide houdt de gemoederen nog wel even bezig.

Donderdag gaat men echter eerst verder met de overige zaken. Op de planning staat nu de zaak Bethlehem en de Art.140 dossier.

Bondtehond

dinsdag 7 juni 2011

'Laten we niet komen met vervelende benamingen als 'loktefefoontje'

Na lange tijd afwezig te zijn geweest, was verdachte Mevr. Chai Pin 'Pinny' Song weer eens aanwezig in de Bunker te Osdorp. Dit maal geflankeerd door haar twee nieuwe advocaten, Mr. Stein Franken en Mr. Chrisje Zuur van kantoor Franken, Zuur, Van Baarlen, Van Kampen, Advocaten. We kennen dit team onder meer als de advocaten van Willem Holleeder in zijn Hoger Beroep. De reden waarom Pinny Song opnieuw van advocaat heeft gewisseld, werden verder geen mededelingen over gedaan. De raadslieden deden tijdens hun eerste zitting in de zaak van Pinny Song meteen een verzoek tot opheffing voorlopige hechtenis.

                                      
Pinny Song verblijft intussen (totaal) al meer dan 3 jaar in voorlopige hechtenis op verdenking van uitlokking van de moord op Tonny van Maurik, de Amsterdamse sportschoolhouder die op 19 april 1993 bij het Altea-hotel werd geliquideerd in zijn Fort Escort. Dit terwijl zij in de jaren '90 al eerder was gearresteerd, echter weer in vrijheid werd gesteld en in '97 een kennisgeving van niet verdere vervolging kreeg.

Song kwam destijds als verdachte in beeld door de verklaring van ene Karin Swager, een inmiddels overleden oud collega prostituee van Pinny. Deze verklaarde dat zij door Pinny Song gevraagd zou zijn of zij iemand wist die Tonny van Maurik dood kon schieten. Als tweede pijler waarop de verdenkingen zijn gebaseerd, is het telecommunicatie-onderzoek, waaruit contacten tussen Song en Van Maurik zijn afgeleid, alsmede met telefoonnummers die toegeschreven werden aan Moppie Rasnabe, Jesse Remmers en Freek Stevens.

Pas in 2008, zo'n 10 jaar later dus, wordt het onderzoek heropend op basis van de verklaringen van Peter La Serpe. De kroongetuige in Passage noemde de naam van Pinny Song echter niet. Hij had juist van Jesse Remmers begrepen dat Henk Rommy degene is geweest die opdracht tot liquidatie van Van Maurik had gegeven. Het OM heeft tot op heden groot gewicht toegekend aan de verklaringen van La Serpe. Dat maakt het vreemd dat het OM een ontlastende verklaring nu toch als belastend kenmerkt. Pinny Song komt namelijk opnieuw als verdachte in beeld. Ditmaal in het nieuwe onderzoek Opa.

In de jaren '90 had men door onbekende oorzaak, zo wordt in het huidige dossier gesteld, geen onderzoek gedaan naar of analyse verricht van de zogenoemde printlijsten van telecommunicatie. Daaruit zou nu blijken dat twee mobiele telefoons - die zouden zijn gebruikt door Remmers, Rasnabe en/of Stevens - rondom de liquidatie in de buurt van de plaats delict waren en frequent contact met elkaar hadden. Daarnaast zou uit printgegevens blijken dat Pinny Song contact heeft gehad met de telefoon van Remmers en/of Rasnabe, rondom het moment dat zij op 19 april 1993 met Van Maurik zou hebben afgesproken elkaar die avond te ontmoeten bij het Altea-hotel.

Er bevindt zich veel meer materiaal in het dossier. Er zijn verklaringen afgelegd over mogelijke motieven. Er is onder meer gesproken over de slechte wijze waarop Pinny Song door Van Maurik zou zijn behandeld. En er is een financieel motief gesuggereerd, dat verband houdt met waardepapieren. Voor de ernstige bezwaren kunnen de verklaringen geen betekenis hebben. De verdediging was verheugd te lezen in het dossier dat het OM zich op hetzelfde stanpunt heeft gesteld. Over de verklaringen van getuigen K. en Van H. heeft de officier van justitie opgemerkt dat deze slechts hun eigen ideeën verwoorden en niet uit wetenschap verklaren. Daar kan het OM niet zoveel mee is er toen gezegd op zitting. Het lijkt de verdediging van Song dat dit evenzeer moet gelden voor de andere verklaringen die speculeren over de rol van Pinny Song.

Volgens de raadslieden van Song is er bar weinig veranderd ten opzichte van de situatie in de jaren '90 en spreekt daar haar verbazing over uit. Een contact tussen een telefoon die aan Remmers en/of Rasnabe wordt toegeschreven op de dag van de liquidatie. Dat is het wel zo'n beetje. Of dat gesprek daadwerkelijk betrekking heeft op het ten laste gelegde feit kan niet meer dan speculatie zijn. De inhoud van het gesprek is immers niet bekend.

De voorlopige hechtenis van Pinny Song, zoals gezegd in totaal meer dan 3 jaar, is gebaseerd op één grond: die van de geschokte rehtsorde. Voor het laatst is er een verzoek gedaan op 21 oktober 2010. Dit verzoek is afgewezen omdat er naar oordeel van de rechtbank op dat moment geen sprake van schending van het recht op een redelijke termijn was. Thans, ruim een half jaar later, zijn er goede redenen om daar anders over te denken. De rechtbank overwoog dat volgens de bestendige jurisprudentie het bestaan van ernstige bezwaren en gronden kritischer moet worden beoordeeld naarmate het voorarrest langer duurt. Uit die jurisprudentie volgt bovendien dat de toepassing van voorarrest een strikte uitzondering moet zijn, en dat het harde uitgangspunt is dat een verdachte in vrijheid de berechting moet kunnen afwachten.

Mr. Stijn Franken ging vervolgens in op verschillende jurisprudentie. Onder andere verwijst Mr. Franken in dit verband expliciet op de uitspraak van het EHRM (Europees Hof voor de Rechten van de Mens) in de zaak Letellier. Mevrouw Letellier zat drie jaar in voorarrest op verdenking van uitlokking van moord op haat tweede echtgenoot. Het EHRM oordeelde dat de voorlopige hechtenis van bijna drie jaar een schending van Art. 5 EVRM (Europees verdrag voor de rechten van de mens) opleverde. De paralellen met de zaak van Pinny Song zijn duidelijk. Ook zij wordt beschuldigd van uitlokking tot moord, en zij zit inmiddels ook drie jaar in voorarrest.

Mr. Stijn Franken: Het zal niet verbazen dat ik me dan ook op de uitspraak in de zaak Letellier baseer, als ik uitspreek dat Art. 5 lid 3 EVRM wordt geschonden indien de voorlopige hechtenis van Pinny Song niet wordt opgeheven. Ik werk dat hieronder uit.
(Lees hier die 'uitwerking')

Rechtbankvoorzitter Mr. Lauwaars vroeg of het OM meteen kon reageren. Dat kon omdat de verdediging de pleitnota beschikbaar had gesteld aan het OM.

OvJ Mr. Hans Oppe nam de reactie voor zijn rekening. (een aantal opvallende punten en uitspraken samengevat):
- Het Hof heeft een interessant arrest gelezen: De-auditu verklaringen kunnen als nieuwe bezwaren worden aangemerkt. De verklaringen van La Serpe spelen ook in dit deelonderzoek. La Serpe neemt aan dat de opdracht door Rommy is gegeven. De waarde ligt ergens anders. Met de nieuwe printlijstgegevens kunnen drie zaken uit 1993 worden gekoppeld. Mevrouw Song belt 5 minuten met 'toestel 1810'. Deze gegevens kunnen als novem worden aangenomen. Song heeft uitgebreidt gesproken met AT's (autotelefoons). De AT's kunnen worden toegekend aan Remmers, Rasnabe en/of Stevens. Ze zijn kort rondom de liquidatie bij het Altea-hotel.
- Een telefoontje met Van Maurik wordt 'loktelefoontje' genoemd.
- De verklaring van Karin Swager wordt nog eens aangehaald. Song zou Swager ook verteld hebben dat ze Moppie Rasnabe benaderd had omdat ze nog wat tegoed had van Moppie.
- Over de redelijke termijn: Passage is uitermate complex en zeer omvangrijk. Het tijdsverloop is te wijten aan laakbaar gedragingen van de verdediging, waardoor het proces langer duurt dan verwacht.
- Het OM vindt de verklaring die Pinny Song op zitting gaf ongeloofwaardig. Song heeft zich lange tijd op haar zwijgrecht beroepen. Ze doet er in die zin nu ook weer het zwijgen toe. Dat doet de zaak er niet eenvoudiger op maken.
- Van het OM hoeft niet verwacht te worden dat er telkens nieuwe ernstige bezwaren worden benoemd.

Kortom: De conclusie van het OM is dat de verzoeken moeten worden afgewezen.

Mr. Lauwaars gaf nog het woord aan de verdediging.
Mr. Stijn Franken (punten samengevat): 
-We kunnen onbevangen kijken en oprecht verbaast zijn over het betoog van het OM. Het kan toch niet zo zijn dat een ontlastende verklaring van La Serpe als bezwarend wordt gebruikt, als bezwaar om Song vast te houden?!
-De inhoud van het gesprek (met Van Maurik -red.) is simpelweg onbekend. Laten we niet komen met vervelende benamingen als 'loktelefoontje'.
- Door u rechtbank is gezegd: Van verlenging in verband met Soerel is nog geen sprake. Dat is inmiddels wel anders. (Soerel keeg 7 maanden verlenging -red.). Dank u.

Op 16 juni doet de rechtbank uitspraak.

(Morgenmiddag een verslag van het 2e verhoor van getuige Peter 'Peerke' S.)

Bondtehond

maandag 6 juni 2011

Kort geding Peter La Serpe vs misdaadsite Camilleri

Vandaag was ik bij het kort geding te Den Haag wat door de advocaat Mr. Jan Peter van Schaik namens Kroongetuige Peter La Serpe was aangespannen tegen misdaadsite Camilleri. Ondanks dat ik iets later dan de aanvang van 12:00 kwam aanzetten, kon ik een aardig beeld krijgen van een toch wel bijzonder schouwspel. Misdaadsite Camilleri liet zich bijstaan door een autoriteit op het gebied van het mediarecht, Mr. Mathijs Resink van het Amsterdamse advocatenkantoor Kalff-Katz, bekend van hun grote schare clientèle onder de bekende Nederlanders. Vanzelfsprekend was Peter La Serpe niet ter zitting aanwezig. De hoofdredacteur van Camilleri met heuse Siciliaanse roots, Vito Tieke, alsmede een juridische adviseur van de Camilleri redactie, wel.

Mr. Mathijs Resink - La Serpe - Mr. Jan Peter van Schaik

Peter La Serpe: Mr. Jan Peter van Schaik
Allereerst was het woord aan Mr. Jan Peter van Schaik. Onder verwijzing naar de dagvaarding en kleine wijziging van eis, herhaalde hij namens zijn cliënt de standpunten. Het leven van Peter La Serpe en zijn familie, zou door het afleggen van verklaringen in het Passage proces (in de volksmond: het Liquidatieproces) gevaar lopen. Daarom heeft Peter La Serpe de status van "bedreigde getuige" en is hij opgenomen in een "getuigenbeschermingsprogramma". Mede daarom is Peter La Serpe gedetineerd op een veilige geheime plaats. Omdat Peter La Serpe een "bedreigde getuige" is, zou het van groot belang zijn dat zijn persoonlijke gegevens in verband met zijn identiteit, waaronder met name zijn uiterlijk niet publiekelijk bekend of verspreid worden. Volgens Mr. Jan Peter van Schaik zou elke media die ongebalkte foto's van Peter La Serpe hebben gepubliceerd, dit materiaal op zijn sommaties hebben verwijderd.

Op 15 maart 2011 zou Camilleri een foto van Peter La Serpe zonder balk hebben gepubliceerd. Daarnaast op 24 maart 2011 een geluidsfragment waarop Peter La Serpe was te horen. Op 29 maart 2011 stuurde Mr. Jan Peter van Schaik een brief naar Camilleri om deze foto en audio te verwijderen, waaraan Camilleri in ieder geval op 5 april 2011 gehoor aan heeft gegeven. Volgens Mr. Jan Peter van Schaik heeft Camilleri altijd professioneel gecorrespondeerd en ontving hij zelfs op 6 april in het kader van "hoor en wederhoor" de tekst van het artikel: "Advocaat beschermt kroongetuige als kroonjuweel".

Op 7 april heeft Camilleri het bewuste artikel gepubliceerd, voorzien van het commentaar van Mr. Jan Peter van Schaik. Camilleri had daarbij een screen van de uitzending van Pauw & Witteman geplaatst, waarin Peter La Serpe zonder balk te zien is. Dit laatste was tegen het zere been van Peter La Serpe, waardoor Mr. Jan Peter van Schaik zich genoodzaakt achtte Camilleri aldus te dagvaarden. Een andere foto die ergens op Camilleri “embedded” van Crimesite had gestaan, was doordat Crimesite deze door ene Letterman op 20 mei 2011 (15:01 uur) op verzoek van Mr. Jan Peter van Schaik verwijderd inderdaad niet meer te zien op Camilleri.

Mr. Jan Peter van Schaik resumeerde zijn eisen. Louter omdat Peter La Serpe en zijn familie gevaar zou lopen bij ongebalkte afbeeldingen van zijn portret, wil Mr. Jan Peter van Schaik dat het Camilleri verboden wordt ooit foto’s zonder balk cq. geluidsmateriaal van zijn cliënt te openbaren. Dit op straffe van een dwangsom van € 5.000 per dag. Ook dient op straffe van een dwangsom van € 5.000 per dag zolang daar geen gehoor aan wordt gegeven, de drie zoekmachines Google, MSN en Ilse door Camilleri worden aangeschreven de foto’s van Peter La Serpe uit hun zoekindexen te verwijderen. Door geleden- en te lijden schade dient Camilleri een voorschot van € 10.000 op een toekomstige schadevergoeding te betalen inzake de extra kosten die Peter La Serpe ooit moet maken om zich extra te beschermen voor zijn veiligheid. Omdat Camilleri schuldig zou zijn aan de beschadigde identiteit van Peter La Serpe, horen de proceskosten ook bij Camilleri.

Camilleri: Mr. Mathijs Resink
De advocaat van Camilleri had wat langer nodig dan zijn confrère Mr. Jan Peter van Schaik. Middels een lijvige pleitnota met 58 aandachtspunten, begon hij met: “De vandaag aan u voorgelegde kwestie is principieel van aard. Kern van de zaak is immers of op de website Camilleri fotografische afbeeldingen mogen worden getoond, waarop – zij het met moeite – het vermeende portret van Peter La Serpe te zien is. Peter La Serpe meent dat dit niet mag en beroept zich daarbij onder andere op zijn privacybelang. Camilleri is van oordeel dat in het kader van de vrijheid van meningsuiting openbaarmaking van dergelijke afbeeldingen geoorloofd moet worden geacht. Een klassieke botsing dus van twee grondrechten.”

Mr. Mathijs Resink achtte het kenmerk van het kort geding, het zogenoemde spoedeisende belang, geheel niet aan de orde. In een brief van 29 maart 2011 zou de advocaat van Peter La Serpe aan Camilleri hebben geschreven: "Voor de publicatie van de foto op uw website op 24 maart 2011 was er geen beeldmateriaal c.q. waren er geen foto’s van cliënt gepubliceerd zonder zwarte balk." Volgens Mr. Mathijs Resink pertinent onwaar. Sinds 12 maart 2009 zou het beeldmateriaal van Peter La Serpe die hij van Camilleri verwijderd wenst te zien gewoon voor een ieder beschikbaar via het Internet. Het zou hier gaan om fragmenten uit een uitzending van Pauw en Witteman van 12 maart 2009. Dezelfde uitzending waarvan Camilleri een screenshot heeft gemaakt. Peter La Serpe zou Camilleri een verwijt maken over zijn afbeelding die wellicht door miljoenen mensen inmiddels via Pauw en Witteman zijn gezien. Peter La Serpe had daarom volgende de advocaat zijn pijlen op Pauw en Witteman moeten richtten, en niet op Camilleri.

Dat een ongebalkte foto van Peter La Serpe zijn veiligheid zou schaden noemt de advocaat van Camilleri rondweg naïef: “Voor zover eiser nu van oordeel is dat zijn veiligheid door de publicatie op de website van Camilleri in gevaar wordt gebracht, moet de conclusie zijn dat Peter La Serpe nogal naïef lijkt te zijn. Peter La Serpe kan niet serieus menen dat zijn ‘vijanden’ al die jaren hebben stil gezeten. Dat Peter La Serpe geen vrienden heeft gemaakt, is evident. Deze personen echter zijn natuurlijk al lang bekend met de identiteit van Peter La Serpe. Op de eerste plaats omdat Peter La Serpe jaren lang in de zelfde kringen heeft verkeerd, en velen tegen wie hij nu getuigt kent. Op de tweede plaats zijn er vele andere foto’s van eiser beschikbaar. Foto’s die zijn veronderstelde ‘vijanden’ natuurlijk ook in hun bezit zullen hebben. Tenslotte, moet het er toch voor gehouden worden dat al diegenen die Peter La Serpe mogelijk iets aan zouden willen doen, al lang over de op het internet circulerende beelden van Peter La Serpe beschikken.”

Opvallend was de vraagstelling van Mr. Mathijs Resink of Peter La Serpe nog wel dezelfde persoon is als op de gewraakte afbeelding: Is Peter La Serpe inmiddels niet door plastische chirurgie veranderd? Evenzo opvallend was dat ook mijn site in het betoog van Mr. Mathijs Resink voorbij kwam: “Dat het bovendien maatschappelijk nuttig en wenselijk kan zijn dat afbeeldingen van Peter La Serpe gepubliceerd worden, moge blijken uit het volgende. Op maandag 23 mei 2011 vond er weer een zitting plaats in het proces waar Peter La Serpe als Kroongetuige fungeert. De moord op de heer Gerrie Betlehem stond centraal. Tijdens deze zitting is door Mr. Nico Meijering onverwacht een nieuwe getuige opgevoerd. Deze getuige heeft verklaard over de moord op Betlehem en in het bijzonder over de rol die Peter La Serpe daarbij gespeeld zou hebben.

Een actieve rol volgens deze getuige, hetgeen door Peter La Serpe zelf nooit naar voren was gebracht. Volgens deze getuige zou Peter La Serpe Betlehem hebben doodgeschoten. Indien deze getuige de waarheid spreekt, dan dreigt de grondslag onder de afspraak die Peter La Serpe met Justitie heeft gemaakt weg te vallen. Zo’n afspraak mag immers slechts gemaakt worden, indien een Kroongetuige ‘schoon schip’ maakt en volledig inzicht geeft in alle door hem gepleegde strafbare feiten. Ik haal dit aan, omdat deze getuige ‘Peerke S.’ Peter La Serpe als zijnde Peter La Serpe herkende door publicatie van zijn afbeelding in Panorama of Nieuwe Revu. Een verslag van de zitting is te vinden op http://bondtehond.blogspot.com. Indien geen afbeeldingen van Peter La Serpe zouden zijn gepubliceerd, zou deze getuige zich nimmer hebben gemeld.”

Wat betreft de door Peter La Serpe van Camilleri geëiste bedragen was Mr. Mathijs Resink eveneens uitgebreid: “Peter La Serpe vordert maar liefst € 10.000 als voorschot op geleden en nog te lijden schade. Een geldvordering is in kort geding alleen toewijsbaar, indien voldoende aannemelijk is dat de vordering in een eventuele bodemprocedure zal worden toegewezen en indien van de eisende partij niet gevergd kan worden dat hij de afloop van die procedure afwacht. Op geen enkele wijze is de schade van Peter La Serpe gesubstantieerd. Camilleri moet dus maar gissen waaruit deze schade zou bestaan. Ook staat op geen enkele wijze vast dat, voor zover Peter La Serpe schade zou leiden, deze schade in causaal verband staat met de publicatie van de gewraakte afbeeldingen. Het enkele feit dat Peter La Serpe in de toekomst mogelijk veiligheidsmaatregelen zal moeten nemen en bekostigen staat geheel los van de publicatie van deze afbeeldingen. Deze kosten zou eiser sowieso moeten maken. Bovendien is op geen enkele wijze aangetoond dat dergelijke kosten daadwerkelijk voor rekening van Peter La Serpe komen, nu het immers de Nederlandse Staat is die op kosten van de maatschappij de veiligheid van eiser garandeert.”

De voorzieningenrechter
De president van de Haagse rechtbank deed nog een poging door de advocaten op de gang te laten overleggen, tot een compromis te komen. Ondanks dat dit soort rechtspraak duidelijk niet iets was voor strafpleiter Mr. Jan Peter van Schaik, wilde deze van geen kant wijken en bleef dan maar bij Mr. Mathijs Resink bij de journalistieke principiële standpunten van Camilleri. Met een voorschot op de uitspraak dat in ieder geval een schadevergoeding voor Peter La Serpe er niet in zou zitten en dat de president het behoorlijk wat heisa vond voor een door Camilleri bewust vervaagde en inmiddels op 5 juni 2011 verwijderende screenshot van een 2 jaar oude – en nog altijd voor een ieder online beschikbare (min 3:53) - uitzending van Pauw en Witteman, sloot deze voorzieningenrechter de zitting. Uitspraak op vrijdag 17 juni 2011.

De redactie van Camilleri wil geen commentaar geven over dit kortgeding, maar stelt de uitspraak vol vertrouwen tegemoet te zien. Men verwijst naar Mr. Mathijs Resink, waarmee is afgesproken dat hij als behandelende advocaat eventuele vragen over deze kwestie zal beantwoorden.

Bondtehond

vrijdag 27 mei 2011

De BV Bruinsma - In Memoriam Klaas Bruinsma

Deze week kwam er weer een mooie pocket uit van misdaad- journalist Hendrik Jan Korterink, ‘De BV Bruinsma’. Dit keer over het leven van Klaas Bruinsma. Met name wat anderen, zoals Korterink het noemt ’de overlevenden’, over Bruinsma weten te vertellen. Ik heb her en der reeds een aantal bladzijden gelezen in het boek, en ik moet zeggen, Korterink is er weer goed in geslaagd tal van feitjes en wetenwaardigheden bijeen te sprokkelen waar ik zelf als fanatiek crimewatcher nog geen weet van had. Was men afgelopen week ook niet toevallig een spaarpotje van Klaas Bruinsma op het spoor? Hoe aktueel wil je het hebben?
Een aanrader dus!


Beschrijving: In een actueel overzicht reconstrueert Hendrik Jan Korterink een belangrijke periode in de Nederlandse criminele geschiedenis: de jaren tussen de moord op bendeleider Klaas Bruinsma (1991) en de moord op vastgoedmagnaat Willem Endstra (2005).

Korterink beschrijft hoe bendeleider Bruinsma zijn drugshandel weet uit te bouwen tot een internationaal misdaadsyndicaat: de Bruinsma-groep. Na zijn liquidatie ontbrandt tussen de verschillende leden een felle strijd om de macht. Tegelijkertijd tracht de politie - via de zogenaamde Delta-methode - de onderwereld te infiltreren. Tevergeefs. Stukje bij beetje vermengt de overmoedig geworden onderwereld zich via witwasserij met de bovenwereld.

Korterink schreef een actueel overzicht aan de hand van een aantal hoofdfiguren uit die periode. Hij ontdekte daarbij veel onbekende en weggemoffelde informatie. Korterink sprak o.a. met Yenis (Bruinsma's Colombiaanse minnares), Etienne Urka, de familie Bruinsma, Thea Moear, Charles Geerts, John Engelsma, Geurt Roos en Mink Kok.

Hendrik Jan Korterink weet een grote hoeveelheid criminele puzzelstukken op hun plaats te laten vallen. De BV Bruinsma is true crime tot op het bot!

RIP

Het is volgende maand overigens op de kop af 20 jaar geleden dat onderwereldkopstuk Klaas Bruinsma in Amsterdam werd geliquideerd. (6 oktober 1953 – 27 juni 1991) Voor de die-hard crimewachter staat hier een slideshowtje met foto’s (gebruik pijltjestoetsen) over die roerige periode waarin Klaas Bruinsma de scepter zwaaide over de Amsterdamse onderwereld, ook wel ‘The Big Bang’ van de poldermaffia genoemd. Het was immers aan het begin van de periode waarin de georganiseerde misdaad zijn intrede deed in Nederland. En die is nog lang niet afgelopen…..

Bondtehond

dinsdag 24 mei 2011

'Ik zou bijna zeggen: Over mijn lijk!'

Maandagochtend verscheen er een bijzondere getuige in de Bunker te Osdorp om te getuigen voor de rechtbank over hetgeen hij allemaal weet over de moord op Gerrie Bethlehem. Advocaat Mr. Nico Meijering had de getuige aangekondigd in een brief aan de rechtbank van het liquidatieproces. De onverwachtte getuige wekte nogal wat weerstand op bij het openbaar ministerie en kroongetuige Peter La Serpe met zijn raadsman Mr. Jan Peter van Schaik. Het OM omdat zij pas vrijdagmiddag op de hoogte werden gesteld en zodoende geen tijd hadden gehad zich voor te bereiden op de komst van Peter S., ook wel bekend als 'Peerke S.' of  'de man uit Eersel', de Brabantse xtc-producent/handelaar wiens huis was beschoten na diens vrijlating uit de gevangenis wegens grootschalige xtc-productie en handel.


Mr. Jan Peter van Schaik klaagde dat hij helemaal nog niet op de hoogte was gesteld van de komst van een getuige en geen kennis had kunnen nemen van de verklaring van Peter S. om zich enigzins voor te bereiden. Op de daaropvolgende mededeling van Mr. Meijering dat ook Jesse Remmers niet op de hoogte was van de inhoud van de verklaring schreeuwde Peter La Serpe door de microfoon: Dit meen je niet serieus! Rechtbankvoorzitter Lauwaars greep in en maande La Serpe tot rust. Deze hield verder zijn mond.

Officier van justitie Mr. Michiel IJzendoorm kwam vervolgens met een flink aantal redenen waarom de getuige niet op zitting maar bij de politie gehoord zou moeten worden.
Mr. IJzendoorn (samengevat):
- Kennelijk heeft de verdediging bewust gewacht tot vrijdagmiddag zodat het OM geen tijd heeft om zich voor te bereiden.
- Er waren de F-getuigen. De rompverklaringen waren op internet te lezen. Dhr. Remmers beriep zich op zijn zwijgrecht. Wel deed hij een oproep mensen zich te melden als men iets over Bethlehem zou kunnen vertellen. Jesse Remmers beriep zich steeds op zijn zwijgrecht omdat hij volgens Mr. IJzendoorn het effect eerst wil afwachten van hetgeen hij vertelde. Vervolgens verteld hij de locatie van de loods en als de politie vervolgens gaat kijken, blijkt de loods drie maanden daarvoor afgebroken te zijn.
(Het klonk alsof de officier suggereerde dat Jesse Remmers de loods heeft laten afbreken in de tussentijd....)
- In het verzoek rondom het Boedha-dossier was te lezen dat een stuk plastic was gevonden. Dat was onbekend. De verdediging meldt nu op zitting dat de getuige ineens op zitting komt vertellen over onder meer een stuk plastic zeil uit een wietkwekerij..

- De F-getuigen verklaarden over La Serpe. Wat wel gecontroleeerd had kunnen worden, kan nu niet meer omdat de loods is afgebroken.
- Pas na het bespreken komt deze getuige ineens met een detail wat in de Boedha-stukken staat. Ongetwijfeld zegt deze dat hij het op Crimesite of andere sites gelezen heeft.
- Er is geen objectieve reden te bedenken waarom de getuige niet naar de politie had kunnen gaan. Er is een beeld ontstaan dat de enige reden is om La Serpe in diskrediet te brengen.
- Wat is er op tegen dat wij weten wie de getuige is? Om niet door te gaan met dit schimmenspel, kan de man of vrouw prima gehoord worden bij de politie, door mensen die verstand van zaken hebben.
- Achtegrondinfo is onontbeerlijk om deze verklaring op waarde te schatten. Niet in het bijzijn van cliënten die al van te voren hebben gesproken.
- Mr. Meijering zou tijdens een getuigenverhoor een getuige hebben gestuurd. (geeft voorbeeldjes)
- Volgens Art. 270 Sv. kan de verdediging een getuige meenemen naar de zitting, maar nergens staat dat de getuige direct op zitting gehoord zou kunnen moeten worden.
- Een getuige kan niet meteen gehoord worden bij de rechter-commissaris. Bij de politie wel. Het OM vindt dat de getuige niet op zitting gehoord moet worden.

Rechtbankvoorzitter Mr. Lauwaars: Ik leid af van uw betoog dat u de getuige niet zo geloofwaardig vindt en dat de getuige bij de politie gehoord dient te worden?

Mr. Betty Wind gaf het antwoord: Daarmee wordt de schijn weggenomen. Het heeft een nogal curieuze bijsmaak.
Mr. Lauwaars: U vindt dat de waarheidsvinding daarmee gediend is?
Mr. Betty Wind: Dat zegt u heel goed, en ook het hele proces Passage.

Mr. Jan Peter van Schaik wilde ook even wat zeggen: We zijn niet voor het eerst overvallen in dit proces. Kennelijk is er een verzoek gedaan. Iedereen heeft daar mededeling van gekregen, behalve wij. Ik vind dit een zorgelijke situatie. Een andere punt wat we zien, de pijlen die op La Serpe worden afgeschoten. Ik ben vanaf 13:00u niet aanwezig. Mijn cliënt is dan alleen. Ik vind wel dat ik mijn cliënt terzijde moet staan. Ik vind dat het bij de politie plaats moet vinden. Mijn verzoek is: Geen getuige te horen.

Mr. Lauwaars: Mijnheer Meijering, wilt u iets zeggen?
Mr. Meijering (samengevat): Ik heb niet eerder zoveel emotie gezien bij het OM. Dit heeft geresulteerd in hele domme beschuldigingen. Het is zoals het is. Het is neergelegd zoals in het verslag van bevindingen. We waren al op weg naar beneden. Een cliënt vervoegde zich bij ons op kantoor. Hij stelde zich voor als de persoon in de stukken. Het is allemaal niet zo schimmig. We weten niet eens of deze cliënt wel zijn naam genoemd wil zien. We hebben de getuige gevraagd of we een band konden opnemen. Dat noopte ertoe dat ik een nieuwe afspraak maakte. Dhr. Waarts was bij de verhalen. We hebben gevraagd of hij er bij wilde blijven. Dit heeft geleid tot deze verklaring. Het OM denkt dat ik alleen met deze zaak bezig ben. De naam is niet meteen bekend gemaakt. We wilden voorkomen dat hij van de weg getrokken zou worden. Alsof de politie alleen aan waarheidsvinding doet. Nou, ik kan u vertellen in de 23 jaar ervaring die ik heb, dat ik dat wel eens anders heb gezien. En, oh ja. Alsof de heer Remmers heeft gewacht tot hij die loods kon neerhalen. 

Mr. Sander Janssen schoot in de lach: Ja, ha, ha, ha!
Mr. Meijering: Even kijken of ik nog iets vergeten ben. Meer zuiverder dan dit konden we het niet doen. U moest een weten wat er allemaal bij ons op kantoor komt. Ook over La Serpe.
Meijering in plat Amsterdams: We kunne La Serpe onderuithoale! Ja, zelfs over uw rechtbank.
Mr. Lauwaars grapte: Oh, haha, daar willen we wel eens een half uurtje voor inruimen...
Mr. Meijering: Maar... Een schaakspel? Waar we mee bezig zijn om een getuige onderuit te halen? Dan doen we het niet goed. Ik word wel weer boos van deze verdachtmakingen door het OM.
Over dat zeil. Toevallig dit element zien we in de verklaring terug komen. Zou het OM niet kunnen denken: Mischien is het wel de waarheid wat de getuige zegt. En dan moeten wij nu naar de politie? Laat me niet professioneel lachen!

Mr. Sander Janssen: Overigens staat in het opsporingsbericht van 6 mei 2002: Plastic blauw dekzeil.
Mr. Meijering: Voorzitter, neemt u van ons aan, wij kennen deze persoon niet. Wij zeggen, laat maar komen. Maar het voorstel van het OM om de getuige bij de politie te laten horen. Ik zou bijna zeggen: Over mijn lijk!

Mr. Lauwaars: Mijnheer Meijering zegt, over mijn lijk. Ja, dan zijn we in 2 minuten klaar. Is ie er intussen?
Parketwacht door de microfoon aan zijn 'oortje': Ja, hij zit op de tribune.
Mr. Janssen deed nog een laatste duit in het zakje: De Zen-houding van dhr. Meijering heb ik respect voor. Beste Jesse, de loods is weg, nu kun je hem noemen. Dit is echt te gek voor woorden. Het getuigt van zo weinig realiteitszin! Nou ja, ik hou er maar over op.

De rechtbank beraadde tijdens de eerste pauze over de nieuwe getuige Peerke S., of hij bij de politie of gewoon op zitting gehoord zou moeten worden. Men besloot het laatste.
Mr. Lauwaars: De getuige wordt ter zitting gehoord.  Het is mogelijk dat hij dingen zegt die van belang zijn in de zaak Bethlehem. Hij is meegenomen ter zitting. Bepaalde punten, zoals het tonen van foto's, zou de politie dan over kunnen nemen. De bezwaren van de heer Van Schaik. We willen om 13:00u stoppen omdat we eerbiedigen dat dhr. Van Schaik niet aanwezig kan zijn.

Mr. Van Schaik: Ik kon geen vervanger vinden en ik wil er wel bij aanwezig zijn. Ik wil wel eerst het 18 pagina grote stuk kunnen lezen. (dat vrijdag door het kantoor van Meijering naar de rechtbank was gestuurd)
Mr. Lauwaars: Dat doen we niet. Dat heeft verder geen toegevoegde waarde. We willen graag doorgaan. De getuige kan binnen komen.

Getuige Peter 'Peerke' S. werd binnengebracht door de parketwacht. De rechtbankvoorzitter groette hem en legde in het kort uit dat het eerste verhoor maar een uurtje zou duren en dat hij waarschijnlijk later terug zou moeten komen.

Rechter: U bent Peter S.?
Peter S.: Klopt.
Rechter: Waar woont u?
Peter S.: Overal.
Rechter: Domicilie bij een advocatenkantoor.... Beroep?
Peter S.: Ondernemer.  (gelach op de tribune)
Rechter: Wilt u eed afleggen of de belofte?
Peter S.: De eed.
Rechter: Zegt u mij maar na: Zo waarlijk helpe mij God almachtig.
Peter S.: Zo waarlijk helpe mij God almachtig.
Rechter: U moet de waarheid vertellen, anders bent u strafbaar.
Peter S.: Ok.
Rechter: Als eerste de vraag: Waarom bent u hier?
Peter S.: Ik las op Crimesite of in De Telegraaf dat er verzoeken waren gedaan. Hij (La Serpe) heeft tegen mij verteld dat hij het wel gedaan heeft.
Rechter: Daar komen we op. U bent samen met een persoon naar kantoor gekomen. Wie was dat?
Peter S.: Dat zeg ik liever niet.
Rechter: U wilt er geen antwoord op geven. We laten het even rusten. Het was 16 mei. U heeft een afspraak gemaakt met dhr. Meijering. De ontmoeting met dhr. Meijering, daar moeten we het maar over hebben. Wat heeft u verteld?
Peter S.: Ik heb een ontmoeting bij het AC-restaurant bij Utrecht gehad, de avond dat Bethlehem is doodgeschoten.

Rechter: Welk jaar?
Peter S.: 2002, denk ik.
Rechter: U heeft gedetineerd gezeten?
Peter S.: Van 2002 tot 2009.
Rechter: Wanneer was dat gesprek?
Peter S.: Voor die tijd.
Rechter: U kende de vader van dhr. Remmers? (Greg Remmers)
Peter S.: Die heb ik wel eens ontmoet.
Rechter: Kent u verder mensen hier in de zaal? Kijkt u eens rond.
Peter S.: Dino Soerel heb ik wel es gezien. Verder niet.
Rechter: U kwam, en de heer Remmers kwam. Vertel.
Peter S.: De heer Remmers kwam. Er was iets gebeurd. Ik bleef een beetje doorvragen. Er werd gezegd: Nou dat kun je beter niet weten. Ik bleef toch doorvragen.
Rechter: Met hoeveel personen waren ze?
Peter S.: Met z'n tweeën of met z'n drieën.
Rechter: Kende u ze?
Peter S.: Die kleinere had ik wel es bij Jessy gezien.
Rechter: De kleinste kende u wel?
Peter S.: Die heb ik van te voren wel es gezien. Het is 10 jaar geleden...

Rechter: Die andere?
Peter S.: Dat was La Serpe.
Rechter: U bent daar stellig in?
Peter S. Ik heb een foto gezien, daar leek ie een beetje op.
Rechter: Een foto gezien?
Peter S.: In de Panorama of Revu.
Rechter: Wanneer was dat?
Peter S.: Weet ik niet precies. Ik denk een half jaar geleden.
Rechter: Wat is er besproken?
Peter S.: Ik sprak Jesse. Hij maakte een aparte opmerking. Ik was een beetje nieuwsgierig en bleef een beetje doorvragen. En toen vertelde hij het.
Rechter: Wat?
Peter S.: Dat er een lijk in het water gegooit was.
Rechter: Wie vertelde dat?
Peter S.: Jesse, dacht ik.
Rechter: Wat vertelde hij?
Peter S.: Dat ze het lijk in plastic hadden gedaan van de wietkwekerij.
Rechter: Met wie?
Peter S.: Volgens mij de personen die er toen bij waren.

Rechter: Waar was dat?
Peter S.: Bij het viaduct bij het spoor.
Rechter: Waarom werd u dat verteld?
Peter S.: Gewoon, omdat ik er was.
Rechter: Maar u kende twee van de drie niet?
Peter S.: Ja, die kleinere had ik later nog gezien.
Rechter: Wat werd er verteld?
Peter S.: Hij had een Rolex om. Ze hebben de Rolex afgedaan of hij is er mee in het water gegooit.
Rechter: Wat nog meer?
Peter S.: Dat er in een loods was geschoten waar eerder een wietkwekerij zat.
Rechter: Allemaal in dat verhaal?
Peter S.: Ja, als je het snel verteld, is het zo klaar.
Rechter: Allemaal op die avond?
Peter S.: Ja, ik kan het herinneren omdat je dat niet iedere dag hoort.
Rechter: U heeft wel Passage gevolgd?
Peter S.: Nou ja, ik lees wel es op Crimesite, maar ik volg het proces niet expliciet.
Rechter: Maar ze hebben u niet eerst ingelicht?
Peter S.: Nee.
Rechter: Hoe kwam u erbij dat het Bethlehem was?
Peter S.: Nou ja, er was een lijk in het water gevonden. Als ik het achteraf lees dan weet je dat.
Rechter: Hoe bedoeld u dat?
Peter S.: Nou ja, ik had op Crimesite gelezen dat Jessy erbij was.
Rechter: Als u dat op Crimesite leest, weet u dat het Bethlehem betrof?
Peter S.: Ze hebben tegen mij gezegd op de avond dat ze hem net van te voren hadden vermoord.
Rechter: Dat het om Bethlehem zou gaan?
Peter S.: Dat heb ik nadien gehoord.
Rechter: Gehoord?
Peter S.: Nou ja.... gelezen.
Rechter: U heeft dhr. Remmers niet gesproken daarover nadien?
Peter S.: Nee, ik had het liever niet gehoord.
Rechter: Maar goed, u zit hier nu. U bent uit uzelf naar Meijering gegaan. Heeft u niet met dhr. Remmers gesproken nadien?
Peter S.: Jawel. Ze hadden het lijk gevonden.
Rechter:  Hoe weet u dat zo?
Peter S.: Hij zei: Ze hebben hem snel gevonden, en zo.
Rechter: Wanneer was dat precies?
Peter S.: Weet ik niet meer.
Rechter: Wat werd er letterlijk gezegd?
Peter S.: Dat er een lijk in het water was gelaten die kort daarvoor vermoord was.
Rechter: Hoe is het gebeurd?
Peter S.: Met een vuurwapen.
Rechter: Wat is er verder verteld?
Peter S.: Dat ie binnen kwam. Dat er dozen stonden en daar was La Serpe achter vandaan gekomen.
Rechter: Hoe weet u dat zo zeker?
Peter S.: Hij was er nogal trots op.

Rechter: De man herkende u als La Serpe later?
Peter S.: Ja.
Rechter: Kunt u die meneer nog es bespreken? Beschrijven?
Peter S.: Ik zag hem op de Revu met een sigaretje.
Rechter: U bent nogal stellig dat hij het was?
Peter S.: Ik kan er ook stellig in zijn. Ik heb het bewijs.
Rechter: Leg eens uit. Wat voor bewijs? Die tap?
Peter S.: Die tapgesprekken dat ik die avond een afspraak had met de heer Remmers.
Rechter: Een gesprek dat u die afspraak had?
Peter S.: Ja, ik had een afspraak. Ik denk, het zit erbij. Zonder afspraak ga je daar niet heen natuurlijk.
Rechter: Hoe weten we dat dit daar was?
Peter S.: Aan de plaatsbepaling kun je het zien. (zendmastgegevens)
Rechter: Ik weet niet of u heeft lopen bellen?
Peter S.: Jawel.

Andere rechter: Mijnheer S. ik ben even de draad kwijt.
Peter S.: De plaatsbepaling, tapgesprekken kun je terugzien in zendmastgegevens.
Rechter: In een stuk van dhr. Meijering heeft hij dat beschreven.
Rechter: Hoe kende u dhr. Remmers?
Peter S.: Via een vriend.
Rechter: Kunt u zeggen wat voor deel van de dag?
Peter S.: Ik denk 's avonds, maar ik durf het niet met zekerheid te zeggen. Straks blijkt het weer anders te zijn.
Rechter: U zegt, ik weet het niet.
Peter S.: Ik weet alleen dat er een auto stond.
Rechter: Die waren u aan het achtervolgen?
Peter S.: Nee, nee, nee, zo'n Volvo stond er.
Rechter: Wat deed u met dhr. Remmers? U heeft er wel wat over verteld zeker?
Peter S.: Ik weet het niet precies. Mischien als ik de gesprekken zie dat ik het dan nog weet.
Rechter: Wanneer was dat?
Peter S.: Volgens mij heeft er niet zolang tussen gezeten. Dat kunnen ze ook zien in de taps.
Rechter: De mededeling was dat er een lijk in het water was gegooit. Waarom vertelde men dat aan u?
Peter S.: Dat weet ik niet. Het was net of er een zaakje gedaan werd. Ik zei, kan ik niks verdienen, of zo? Ze zeiden, nee je kunt er niks aan verdienen en je kan er ook beter niets van weten. Ik werd toen nog nieuwsgieriger.
Rechter: Wie zei dat?
Peter S.: Remmers. Dat er iemand doodgeschoten was en in plastic van de wietkwekerij in het water was gegooit.

Rechter: Wat is er precies verteld? U heeft het al verteld, maar...
Peter S.: Ze hadden iemand doodgeschoten. La Serpe. Hij was degene die had geschoten.
Rechter: Wat voor herinnering had u erbij?
Peter S.: Ik vond het maar een koele kikker.
Rechter: Hoezo?
Peter S.: Nou, ik had nog nooit iemand gesproken die iemand had doodgeschoten.
Rechter: Wat herinnert u zich?
Peter S.: Nou, als je net iemand doodgeschoten hebt kan ik me voorstellen dat zoiets indruk op je maakt. Ik merkte dat niet echt.
Rechter: En de heer Remmers?
Peter S.: Die was minder optimistisch als La Serpe.
Rechter: Hoe merkte u dat?
Peter S.: Hij was er minder door aangeslagen.
Rechter: En de 3e persoon?
Peter S.: Die was nog wel het meeste aangeslagen. Ik zit te twijfelen. Volgens mij waren ze met z'n drieën.
Rechter: U zegt, hij was mischien nog wel meer aangeslagen als de rest. Dan heeft u wel een idee hoe ie eruit zag? Kunt u de derde persoon beschrijven?
Peter S.: Blond, rossig, beetje stevig.
Rechter: Verder nog iets?
Peter S.: Nee.

Rechter: En de andere pesoon? Beschrijf die eens zoals u die in 2002 heeft gezien?
Peter S.: Ja, het is die man op de foto.
Rechter: Ja, dat heb ik net ook gevraagd.
Peter S.: Die ene heb ik maar één keer gezien.
Rechter: De persoon op de foto heeft u maar één keer gezien en naderhand niet meer?
Peter S.: Die persoon heb ik niet meer gezien, denk ik.
Rechter: Maar goed, de foto's kunnen we u ook niet laten zien. Dat moet dan maar bij de politie.  Het gaat best goed. Wat is de reden dat u hier zit?
Peter S.: Ik kan niet begrijpen dat een persoon die twee keer niet wordt vervolgd. Ik heb zelf onschuldig gezeten. Ik heb het gevoel dat dit zaakje stinkt. Ik zit hier niet voor mijn plezier. Normaal is het zo dat als er twee personen hetzelfde zeggen dat je vervolgd wordt.
Rechter: Ik ben op de hoogte geraakt in Passage over wat er is gebeurd, en u zegt, ik wil dan ook mijn steentje bijdragen? Is er iemand die u heeft gevraagd te gaan getuigen?
Peter S.: Nee.
Rechter: U heeft dat zelf bedacht?
Peter S.: Ja precies, ik ben uit mezelf naar hier gekomen. Mijn verhaal is een bevestiging dat ik er geweest ben. Er zijn taps. Het was niet eens nodig geweest. Normaal als er twee getuigen zijn is het klaar. Ik ben zonder getuigen veroordeeld.

Rechter: De persoon waarmee u bent gekomen, heeft deze iets gezegd?
Peter S.: Nee. Ik had al gezegd dat ik er mee rondliep Ken je die Nico goed, vroeg ie toen. Ja zeg ik, die ken ik. Toen zei ie, dan rijden we er heen.
Rechter: Hij heeft u niet gevraagd?
Peter S.: Nee.
Rechter: Wat heeft u verteld?
Peter S.: Niks heb ik verteld.
Rechter: U komt hem tegen en u besluit om naar het kantoor te gaan?
Peter S.: Ja, we zijn er samen naartoe gereden.
Rechter: U zegt dat hij u niet heeft gevraagd?
Peter S: Ja.
Rechter: Familieleden? U kent de vader van dhr. Remmers.
Peter S.: Nee, ik heb hem 10 jaar niet gezien. Ik zat vast. Wel es een briefje geschreven.
Rechter: Wanneer kwam u vrij?
Peter S.: 2010.
Rechter: Anderen nog vragen of opmerkingen?
Mr. Lauwaars: Ja, mischien het tijdstip. Ze hadden dat lijk te water gelaten in de avond. Dan zou je denken dat het 's avonds was?
Peter S.: Ja, maar het is 10 jaar geleden.
Mr. Lauwaars: U zegt, mijnheer Remmers was niet zo koel. Maar ze maken een afspraak met u bij een AC-restaurant. Dat is toch behoorlijk koel.
Peter S. zwijgt.
Rechter: Even uw verhouding tot dhr. Remmers. Hoe kent u hem? Deed u wel eens zaken met hem?
Peter S.: Ja, we hebben wel eens biertjes gedronken en gegeten.
Rechter: Biertjes gedronken? Wat had u gezamelijk dan dat u deed?
Peter S.: Dat weet ik niet meer. Niks.
Rechter: U had niks met dhr. Remmers. U spreekt af onder een viaduct en dan verteld hij zoiets? Waarom had u de afspraak?
Rechter: Ik weet het niet.

Rechter: Wat voor relatie had u met hem? Mischien als u zegt wat u deed dat u het zich herinnert.
Peter S.: Mischien de tapgesprekken, als ik ze hoor.
Rechter: U draait het nu om. Het is de bedoeling dat u verteld wat er gebeurd uit uzelf.
Peter S.: Jawel, maar ik bedoel, dan weet ik mischien weer waarom we hadden afgesproken.
Rechter: Ik begrijp dat niet goed in uw verklaring: 'Volgens mij waren ze met z'n drieën.' U zegt dat u niet weet of ze er waren, maar u kunt wel zijn gemoedstoestand vertellen. Hoe rijm ik dat met elkaar?
Peter S.: Ja, ja, ja, hij was erbij!
Rechter: Maar u kunt niet vertellen of het overdag of 's avonds was?
Mr. Betty Wind merkt op: In de rompverklaring zegt hij het wel. De getuige zegt dan dat het 's avonds was.
Rechter: Wat was de licht-gesteldheid? Kunt u daar iets over zeggen?
Peter S.: Het was wel licht genoeg om te kunnen zien.
Rechter: U heeft wel herinneringen aan de derde persoon. Hij was blond, rossig, stevig.
Peter S.: Ja, maar die had ik eerder gezien.
Rechter: Hij was langer als dhr Remmers? Hoeveel groter?
Peter S.: Ja, als u me na 10 jaar vraagt....
Rechter: Haardracht?
Peter S.: Meer als ik nu heb in ieder geval.  (Peter S. is kortgeknipt en kalend.)
Rechter: Zijn gezicht?
Peter S.: De man van de foto.
Rechter: En dat is?
Peter S.: Nou, anders zou ik de foto beschrijven.
Rechter: Wat voor bijzonderheden kunt u noemen?
Peter S.: Onverzorgd type...
Rechter: Een onverzorgd type? Dan leg ik de vraag toch maar op tafel. Hoe weet u dat zo zeker?
Peter S.: Omdat ik hem gezien heb.
Rechter: U weet hem niet te beschrijven, maar u weet wel: Tjakkaa!! Dat is hem! Hoe weet u dat zo zeker?
Peter S.: Ik herkende hem later op de foto als de man die erbij was.

De andere rechter onderbrak de vragensessie.
Rechter: Zoals gezegd, het was tot 13:00u, mijnheer Van Schaik moet nu weg. De gedachte is dat we 7 juni verder gaan.
Mr. Betty Wind had tot slot nog een verzoek aan de rechtbank: Ik zou wel willen dat de getuige intussen niet met andere mensen spreekt. Ik zie mensen, waaronder dhr Sjaak Kist driftig aantekeningen maken.

(Deze laatste opmerking klonk wederom als een verkapte beschuldiging richting de verdediging. Alsof oud-agent Sjaak Kist, of andere personen die op zich wel vaker op de tribune zitten, aantekeningen zouden maken om de getuige straks op zwakheden of onvolkomenheidjes in zijn verklaring zouden kunnen wijzen.)

Ik denk echter dat getuige Peter 'Peerke' S. dat niet nodig zou hebben, nog buiten het feit of de verdediging een getuige zou beïnvloeden. Die gedachte klonk deze zittingsdag meerdere keren door in het betoog van het OM. Is dat niet een vorm van smaad?, vraag je je soms af, maar kennelijk hakt de verdediging vaker met dit bijltje en laat zij zich daar niet 1,2,3 door dit soort insinuaties uit het veld slaan.

De getuige kwam mischien iets minder vlot gebekt over als getuige Rob de W., maar kwam zeker niet over als een beïnvloedde getuige. Integendeel. Als dat het geval zou zijn geweest, had de getuige in sommige gevallen wel een ander of duidelijker antwoord kunnen geven. Aan de andere kant, het is ook wel al 10 jaar geleden.

Nee, het gaat met name om de inhoud van de verklaring. Die was zo duidelijk als wat en liet niet veel aan de verbeelding over. Het lijkt wederom een bevestiging dat La Serpe meer op z'n geweten heeft dan enkel de liquidatie op Kees Houtman.

Dinsdag 7 juni gaat het proces verder.

Bondtehond

zondag 22 mei 2011

Kroongetuige Peter La Serpe klaagt misdaadsite Camilleri aan

Donderdag viel er een dagvaarding op de deurmat bij de redactie van Camilleri met een verrassende inhoud. De advocaat van kroongetuige Peter La Serpe, Mr. Jan Peter van Schaik, laat de redactie van Camilleri op z'n zachtst gezegd doorschemeren not amused te zijn dat de misdaadsite een afbeelding van zijn cliënt La Serpe ongebalkt in een artikel vertoont. Na eerdere sommaties aan het adres van de redactie de foto te verwijderen, waaraan zij geen gehoor had gegeven, bleek de maat nu vol voor Mr. Van Schaik. Zie hier de dagvaarding.


De mannen van Camilleri denken echter sterk genoeg te staan en weigerden gehoor te geven aan twee eerdere dreigbrieven. Camilleri zal zich dus niet zomaar gewonnen geven en heeft zich door een team van specialisten laten voorlichten, waaronder Mr. ir. Arnoud Engelfriet, gespecialiseerd in internetrecht en Peter Oltshoorn, die in de Raad voor de Journalistiek zit.

De ongebalkte versie van het gezicht van Peter La Serpe is overigens nog bij verschillende bronnen te zien, oa in deze uitzending van talkshow Pauw en Witteman (minuut 4:14) op het officiële Pauw en Witteman Youtube-kanaal. Ook misdaadblog Sueme vertoont al sinds tijden de afbeelding. Op het forum van Crimesite heeft de foto ook gestaan, echter is daar inmiddels wél verwijderd.

Persoonlijk begrijp ik de commotie niet zo goed. Peter La Serpe zal tenslotte een geheel andere identiteit en een door middel van plastische chirurgie veranderd uiterlijk krijgen. Er gaan al geruchten dat het veranderingsproces reeds is ingezet en de kroongetuige al een vlot bekkie met mooie nieuwe tanden heeft mogen ontvangen van het TGB. (Team Getuige Bescherming) Voor het overige zit hij al sinds tijden zelfs in zijn beschermde getuigenhokje vermomd met pruik en andere atributen  in de rechtszaal. Ik kan me dan ook niet aan de indruk ontrekken dat het een soort van muggezifterij betreft in dit geval en dat het Peter La Serpe (wederom) om het geld te doen is. Je weet immers nooit. Opvallend is met name punt 30 waar de raadsman van La Serpe op een voorschot van 10.000 euro aanstuurt.

Camilleri ziet de rechtszaak met vertrouwen tegemoet en laat zich bijstaan door Mr. Yehudi Moszkowicz, gespecialiseerd in media- en internetrecht van het kantoor Vissers & Moszkowicz. We zullen nog even moeten wachten: 6 Juni speelt de zaak voor rechtbank Den Haag.

Bondtehond